Johnson probeert zoveel mogelijk voorbij de Brexit te kijken

Queen’s speech Deze maandag is de Britse troonrede, waarin premier Boris Johnson zijn economische plannen koppelt aan emoties. Hij wil dat de Britten gaan geloven dat het Verenigd Koninkrijk een grootse toekomst heeft en kan helen na de Brexit-jaren.

Boven: geïnteresseerden turen naar de haven van Rosyth, waar onder meer het schip de HMS Queen Elizabeth ligt. Onder: de achteringang van de scheepswerf.
Boven: geïnteresseerden turen naar de haven van Rosyth, waar onder meer het schip de HMS Queen Elizabeth ligt. Onder: de achteringang van de scheepswerf. Foto Merlin Daleman

Soms, heel soms, zie je een schouwspel van een trots, stoer en modern Verenigd Koninkrijk zoals Boris Johnson dat wil. Zoals op een fraaie herfstdag aan de oever van de Schotse Firth of Forth. Langs een drukke weg tuurt een groepje mensen over het staalblauwe water. Aan de overkant van de inham ligt de scheepswerf van Rosyth. Daar dobbert, voor het eerst op open water buiten het dok, de Prince of Wales, een 280 meter lang vliegdekschip dat 3 miljard pond (3,5 miljard euro) kostte om te bouwen. Een helikopter vliegt af en aan. „Ze zijn de begeleidingssystemen aan het testen”, zegt een man met verrekijker tegen zijn zoon. „Mooi, toch?”

Het besluit Britse vliegdekschepen te bouwen stamt natuurlijk van ver voordat Johnson in juli premier werd. Dit is echter precies wat hij wil, voor de Britse economie. Meer van dit soort spierballenprojecten. „Dit is een model dat werkt. Wij bouwen ons eigen materieel. De rest van de wereld ziet dat onze krijgsmacht, die hoog in aanzien staat, dit gebruikt en zal het zelf ook willen hebben. Dat is goed voor onze kennis en kunde én goed voor onze economie”, zei Ben Wallace, de minister van Defensie, begin deze maand op het partijcongres van de Conservatieven.

Deze maandag ontvouwt koningin Elizabeth in haar troonrede de plannen van premier Johnson. Als je hem hoort over de economie, gaat het zelden over koopkrachtplaatjes of de positie van de middeninkomens. Nee, de Britse premier koppelt zijn economische plannen aan emoties. Infrastructuurprojecten moeten groots zijn. Onderwijsinvesteringen moeten leiden tot meer universiteiten van wereldklasse die buitenlandse studenten aantrekken als inkomstenbron. Meer geld naar zorg dient niet om patiënten tegemoet te komen, maar „om bij te dragen aan een levendige post-Brexit-economie, voortgestuwd door wetenschap en technologie. Ik wil dat men zegt dat de kankerbehandelingen die in de toekomst levens redden, zijn ontwikkeld in Groot-Brittannië”, aldus de premier eind vorige maand.

Johnson koppelt de economie aan zijn vorm van nationalisme dat volgens de premier nodig is om het land te helen na de polariserende Brexit-jaren. Durven dromen over grote projecten en de terugkeer van de industriële lef en eigenzinnigheid van weleer.

Een actieve rol van de staat schuwt Johnson niet. Hij kondigde vorige maand aan voor 1,25 miljard pond nieuwe fregatten te laten bouwen bij scheepsbouwer Babcock in Rosyth en Harland and Wolff in Belfast. Een enorme opluchting, aangezien de Noord-Ierse scheepsbouwer, bekend van de Titanic, op het punt van faillissement stond en de Schotse werf werkloosheid vreesde. De keuze om fregatten voor meer geld in eigen land te laten bouwen zorgt er volgens experts wel voor dat ze minder aantrekkelijk zijn als exportproduct.

Johnson wil geld uitgeven om problemen op te lossen, om kiezers tevreden te stemmen na negen jaar austerity, bezuinigingen, na de financiële crisis. Sajid Javid, de minister van Financiën, heeft al toegezegd het komende jaar 13,8 miljard pond extra uit te trekken, een deel van de financiële reserves die weer zijn aangevuld. Doorgaans vallen Tories juist Labour aan op kwistig strooien met belastinggeld, maar dat devies heeft de Conservatief Johnson overgenomen.

Wat bij zijn partij minder gebeurt, is nadenken over hervormingen, ideologische diepgang en visie op de veranderende maatschappij. In de schaduw van de Brexit groeit weinig bij de Conservatieven. Sommige Conservatieve politici vrezen dat hun partij de Amerikaanse Republikeinen achternagaat. Blindelings volgen ze een leider, louter en alleen omdat hij verkiezingen wint.

In de marge van het partijcongres sprak David Gauke, minister van Justitie onder Theresa May, over de taalkundige en inhoudelijke verschraling van zijn partij. Te vaak verlaagt Johnson zich tot het bieden van simplistische oplossingen om maar stemmen te trekken. „Ik vrees dat wij richting een populistische regering bewegen, met strategieën die meer passen bij Trump dan Churchill”, zei Gauke. „Partijen zijn altijd in beweging en ik denk dat de Tories zeker de kant van de Republikeinen opgaan, maar dat hoeft niet permanent te zijn.”

Politicoloog Will Davies, verbonden aan de Goldsmiths-universiteit, constateert dat de belofte van Johnson om als barmhartige regering geld uit te geven een rookgordijn is. „Johnson trekt hierin op met Nigel Farage [van de Brexit Party]. Dat zijn geen mannen die de instanties van de staat, de rechtsorde en de liberale democratie serieus nemen”, zegt Davies. Hij tilt zwaarder aan de woordkeuze van Johnson. „Hij gebruikt woorden als overgave en verraad, termen met theologische en middeleeuwse connotaties, woorden die stammen uit een tijd van voor de oprichting van de rechtsstaat.”

Lees ook dit ‘woordenboek’ van het strategische taalgebruik van Johnson

Britse kiezers lijken gecharmeerd van de aanpak van Johnson. De combinatie van Brexit-retoriek („Hoe dan ook vertrekken voor 31 oktober”) met bezoekjes aan ziekenhuizen, scholen en politieacademies slaat aan. In de peilingen lopen de Conservatieven uit en wordt Johnson gezien als de betere premier, vergeleken met Labour-leider Jeremy Corbyn.

Toch kan het gebrek aan ideeën en de Brexit-fixatie de Conservatieven pijn doen. Op het congres van Labour eind september kregen interne ruzies veel media-aandacht. Onderbelicht was de waslijst aan beleidsvoorstellen van die partij, die inspelen op de wensen van kiezers die bezuinigingen, toenemende ongelijkheid en klimaatgedraal beu zijn.

Labour wil privéscholen, de hoeksteen van de Britse klassenmaatschappij, aanpakken en mogelijk helemaal opdoeken. De partij kwam met een Green Deal: de overheid moet 60 miljard pond aan renteloze leningen beschikbaar stellen voor elektrische auto’s. Dat is goed voor het milieu en de economie, betoogde Rebecca Long-Bailey, schaduwminister van Economische Zaken en geregeld getipt als opvolger van Corbyn. „Als wij willen dat onze auto-industrie floreert, moeten we een regering hebben die niet bang is in te grijpen”, zei Long-Bailey.

De plannen van Labour zijn revolutionair voor Britse begrippen. En ze zijn gevaarlijk voor de Tories, constateert politicoloog Matthew Goodwin in een column voor Bloomberg. „Corbyn is zelf niet populair, maar zijn radicale economische plannen zijn meer in trek dan critici denken”, schrijft Goodwin. Uit verschillende peilingen blijkt dat een meerderheid van de Britten nationalisering van spoor- en nutsbedrijven steunt, volgens Goodwin een aanwijzing dat er meer sympathie is voor ideologisch links beleid dan je zou denken als je kijkt naar hoe Labour als partij scoort in de peilingen. „Er zijn veel Britten die geloven dat het economische systeem de rijken bevoordeelt en die uitermate pessimistisch zijn over hun eigen vooruitzichten”, schrijft Goodwin.

Het vaste antwoord van de Conservatieven op grote plannen van Labour was altijd: hoe denken jullie dat te kunnen betalen? Door de lijst aan investeringen die Johnson belooft, is het moeilijker voor de Tories om zich neer te zetten als een budgettair behoudende partij. Oud-minister Gauke denkt dat kiezers uiteindelijk op zoek zijn naar „een partij die echte oplossingen biedt maar verantwoord met geld omspringt”. Uiteindelijk draaien de Conservatieven onder druk van het electoraat weer bij, verwacht hij. Op de eerste dag na zijn ontslag door Johnson liet Gauke trakteren op dure zitplaatsen voor een cricketwedstrijd op Lord’s, het bekende stadion in Londen. Samen met Theresa May en een paar andere gevallen lotgenoten zaten ze in de zomerzon. Ze probeerden te wennen aan hun nieuwe rol aan de periferie van de partij. „Toch zal ik de partij nooit verlaten. Alles kan veranderen.”

Voor Johnsons plannen die koningin Elizabeth maandag zal voordragen is geen duidelijke meerderheid in het parlement. De inhoud van de troonrede kan zo maar worden weggestemd, een nederlaag die doorgaans onmiddellijk tot een regeringscrisis en verkiezingen leidt. „De troonrede is zo zendtijd voor politieke partijen”, sneerde Corbyn afgelopen weekend. Het parlementaire ritueel brengt wel het moment dichterbij dat 46 miljoen stemgerechtigde Britten eindelijk kunnen tonen waar ze meer fiducie in hebben: de baanbrekende maar wilde beleidsvoorstellen van Labour of het feel good-uitgavenpatroon van Johnson.