'Dit is mijn verhaal. Richard zal het zijne doen'

Rachid Guernaoui | Interview Voor het eerst sinds de Rijksrecherche binnenviel bij wethouder Rachid Guernaoui wegens verdenking van corruptie, doet hij zijn verhaal. „Politiek ben ik al veroordeeld.”

Rachid Guernaoui is verongelijkt. Twee weken geleden was hij nog wethouder in Den Haag namens Groep de Mos/Hart voor Den Haag. Nu is hij verdachte: het Openbaar Ministerie verdenkt hem en collega Richard de Mos van ambtelijke corruptie, omkoping en het schenden van het ambtsgeheim.

Het stadsbestuur verkeert sindsdien in chaos. Op verzoek van de rest van het college legden Guernaoui en De Mos hun taken neer. De gemeenteraad zegde vervolgens het vertrouwen in hen op. Drie dagen later nam burgemeester Pauline Krikke ontslag vanwege een andere kwestie: haar rol bij het toestaan van de vreugdevuren in de oudejaarsnacht. En de sfeer tussen de fractievoorzitters werd verpest toen een van hen een vertrouwelijk gesprek met de commissaris van de koning lekte naar de pers.

Rachid Guernaoui (47) zat onderwijl thuis, in zijn appartement in het centrum van Den Haag. Aan de muur hangt de skyline van de stad, vanaf zijn balkons kijkt hij erover uit.

Voor het eerst wil hij praten over wat er is gebeurd. Zonder voorlichter, zonder advocaat. Over collega Richard de Mos wil hij niets zeggen. Hij zegt: „Dit is mijn verhaal. Richard zal het zijne doen.” En hij is zich „de tering geschrokken”.

Wat is er waar van de beschuldigingen?

„Niets.”

De Rijksrecherche valt niet opeens het huis van een wethouder binnen, of het stadhuis, en tapt niet zonder reden een wethouder maanden af. Hoe verklaart u dat dan?

„Ik dacht ook dat ze dat niet zomaar deden. Ik heb het dossier opgevraagd, dat krijg ik niet.”

Hij pakt zijn telefoon en leest een e-mail voor: „Ik kan u melden dat er nog geen dossier is. Uiteraard zijn er stukken, maar de meeste daarvan zullen nog niet worden verstrekt. Het belang van het onderzoek laat dat in dit stadium nog niet toe.”

Hij zegt: „Ik wil zo snel mogelijk duidelijkheid. Waarom? Hoezo? Wat zijn de verdenkingen? Wat zijn de bewijzen? Zodat ik me daartegen kan verdedigen.

„Politiek ben ik al veroordeeld. Ik ben mijn wethouderschap kwijt en mijn goede naam ook al. En die wil ik terug.”

Nogmaals: de Rijksrecherche doet niet zomaar een huiszoeking, doorzoekt niet zo maar een stadhuis…

„In de veertien maanden dat ik wethouder ben, heb ik niets gedaan dat in strijd is met de procedures en de regels. In mijn portefeuille [Financiën, Integratie en Stadsdelen] geef ik nul vergunningen uit. Nul komma nul.”

De Mos en Guernaoui zouden onder meer tegen betaling vergunningen hebben verleend. Een van de andere verdachten, de eigenaar van zalencentrum Opera, stond op de kandidatenlijst van Groep de Mos/Hart voor Den Haag. Hij zou de partij financieel hebben gesteund in ruil voor gunsten, waaronder vertrouwelijke informatie uit het stadsbestuur.

Lees ook over het netwerk van De Mos: De verstrengelde belangen van Richard de Mos

Dat zou onder meer gaan om nachtontheffingen: de eisen daarvoor waren zó geformuleerd dat Opera grote kans maakte er een te krijgen. Toen de aanvraagprocedure werd opengesteld, reageerden de eigenaren, twee broers, onmiddellijk. Omdat de vergunningen via het systeem van ‘wie het eerst komt, het eerst maalt’ werden vergeven, stond Opera vooraan in de rij.

Guernaoui zegt: „Opera was hier al jaren mee bezig. Ze kenden ons programma, wisten dat de nachtontheffingen in het coalitieakkoord stonden. Wij vonden als partij dat het onterecht was dat een bepaald gebied uitgesloten was van nachtvergunningen. We hebben gewoon het beleid gewijzigd. Daarvan profiteerde Opera.”

Hij noemt de eigenaren „hardwerkende Hagenaars” met plannen die „meer reuring” in Den Haag zouden brengen. Hij vertelt dat Atilla A., een van de twee broers, al vanaf het begin betrokken is bij de partij. „Als ik bel, neemt hij op.” De andere broer is de partner van een van de raadsleden van Groep de Mos, ook verdachte in de zaak.

Begrijpt u dat de gemeenteraad daarom al vragen had over het verlenen van deze vergunningen?

„De oppositie probeert je altijd in een kwaad daglicht te stellen. Wij helpen iedereen met een goed verhaal.”

Begrijpt u dan het verwijt van belangenverstrengeling?

„Sommigen zeggen dat wij dit alleen voor onze eigen sponsors doen. Nee, dat doen we niet: wij helpen iedereen, of ze nou lid van ons zijn of donateur, of niet.”

Guernaoui zit sinds 2008 in de Haagse gemeenteraad. Hij was raadslid voor D66 en was van 2010 tot 2014 ook fractievoorzitter. Maar in het voorjaar van 2017 stapte hij op toen hij gepasseerd werd voor het wethouderschap. Hij sloot zich aan bij Groep de Mos, van ex-PVV’er Richard de Mos.

Guernaoui leidde in maart 2018 de verkiezingscampagne van de partij. Aan Groep de Mos gelieerde bedrijven doneerden zo’n 95.000 euro. De partij was transparant over wie geld doneerde, zegt hij: „Een aantal donateurs stond op onze campagnebus. Opera ook. Het waren allemaal ondernemers die in ons geloofden.” De enige belofte die hij heeft gedaan, zegt Guernaoui, is „dat ik ons programma zo goed mogelijk zou uitvoeren”.

Een paar keer zegt hij dat alles „binnen de kaders van de wet” is gebeurd.

Nogmaals: waarom zou de Rijksrecherche dan huiszoeking doen? Als jurist snapt u ook dat er een gegronde reden moet zijn.

„Toen ze om kwart voor zeven aanbelden, dacht ik: ‘Ze zijn verkeerd’. Bij corruptie moet er toch een euro van de een naar de ander zijn gegaan? Ik verdien bijna 6.000 euro netto per maand. Waarom zou ik?”

De slogan van uw partij is: ‘Wij regelen het’. Dat kun je zien als: ‘U vraagt, wij draaien’.

„Maar je ziet niet wat we allemaal niet doen, waar we nee tegen zeggen.”

Noem eens een voorbeeld?

„Nou, subsidies om een bedrijf te beginnen. Dat gaan we niet doen. ‘Wij regelen het’ is marketing. Toen ik nog raadslid voor D66 was, deed ik dit ook. Ik heb geregeld dat de fietsnietjes voor café de Bieb werden verplaatst, zodat het café een terras kon maken. Maar als Groep de Mos dat doet, staat het meteen in een kwaad daglicht.”

Dus u heeft geen spijt van die slogan?

„Nee, wij zijn er voor de bewoners van Den Haag. Ik ga niet de hele dag in het IJspaleis [het stadhuis] zitten: ik wil grote en kleine problemen oplossen.”

En u zegt: voor deze ondernemers waren dat de nachtvergunningen?

„Ja, nu gaan jongeren naar Amsterdam of Rotterdam om uit te gaan. Door een beleidskeuze mogen ondernemers in een bepaald gebied niet ’s nachts open. Wij wilden dat veranderen.”

„Via de politiek”, zegt Guernaoui ook een paar keer. „Kijk, wat wij wilden, is investeren in de economie van Den Haag en dat doe je door ondernemen makkelijker te maken. Dus meer terrassen, makkelijker met vergunningen, langere openingstijden, een aantrekkelijker vestigingsklimaat. Als de economie profiteert, profiteren we allemaal. We hadden 27.000 mensen in de bijstand, nu zijn het er minder dan 25.000.”

Hij zegt ook: „Het was geen geheim wat we wilden. Het plan voor nachtontheffingen voor locaties buiten de uitgaanskernen stond in het verkiezingsprogramma. We hebben het ingebracht tijdens de coalitieonderhandelingen.”

Waren alle partijen het daarmee eens?

„Onderhandelen is uitruilen. Dit vonden wij belangrijk, dit hebben wij binnengehaald. We hebben het tijdens verschillende collegevergaderingen over de nachtontheffingen gehad en toen hebben we als college een besluit genomen. Mijn rol was dat ik in het college heb gezegd: ‘Laten we daar voor gaan’.”

U had geen andere rol?

„Nee, dit zat niet in mijn portefeuille. Dit zat bij Richard [de Mos] en de burgemeester.”

Met de criteria voor horecaondernemingen die in aanmerking konden komen voor een nachtontheffing – bijvoorbeeld over het aantal vierkante meters dat de bedrijven moesten beslaan – heeft hij zich „op afstand” bemoeid, zegt Guernaoui. „Niet in elk dossier zit ik even diep. Op andermans dossiers zit ik er net als andere wethouders in: op hoofdlijnen.”

„Ik ben bijna twintig jaar in dienst van het Rijk. Ik was een tijdje portefeuillehouder integriteit bij de rijksbrede inkoop. Dus ja, ik weet echt wel wat integriteit is.”

Het voelt alsof hij in een film terecht is gekomen, zegt hij. Zijn vriendin zegt vanaf de bank: „Een film waar je niet in wilt zitten.”

Hij neemt deze week officieel ontslag als wethouder. Er ligt een motie van wantrouwen van de gemeenteraad en hij zegt die te zullen respecteren. Hij is met politiek verlof als rijksambtenaar en kan terugkeren naar het ministerie van Binnenlandse Zaken. Maar Guernaoui is „nog niet klaar met Den Haag” en sluit een rentree in de gemeentepolitiek niet uit. „Ik ben tweede opvolger voor de gemeenteraad.” En hij heeft alweer plannen om te gaan flyeren.