Opinie

De stille kracht in de economie – uitbuiting?

Menno Tamminga

Eén economie, twee werkelijkheden. „Het gaat goed met de Nederlandse economie, mede dankzij een sterk mkb”, juichte het Nederlands Comité voor Ondernemerschap afgelopen week. Voorzitter van het comité is medeoprichter Harold Goddijn van kaartenmaker TomTom. Koningin Máxima is een van de leden.

Het midden- en kleinbedrijf (tot 250 werknemers) groeit en groeit, blijkt uit zijn Staat van het mkb 2019. Banen: plus 3 procent. Toegevoegde waarde: plus 5 procent.

Zo goed als het gaat met de ondernemers, zo druk is de Inspectie SZW die uitbuiting, onderbetaling en andere vormen van criminaliteit op de arbeidsmarkt opspoort. In de Staat van eerlijk werk 2019 constateert de inspectie sinds 2015 een groei van 33 procent in mogelijke overtredingen van de arbeidswetten. De publicatie ervan viel vorige week samen met Decent Work Day. Op die dag staan internationaal fatsoenlijke arbeidsomstandigheden centraal.

Het Comité voor Ondernemerschap haalt in zijn jaarbericht de ‘winstwaarschuwing’ van koning Willem-Alexander in de Troonrede aan. Hoe moet Nederland in de nabije toekomst zijn geld verdienen? De Staat van eerlijk werk leest daartegenover als een maatschappelijke waarschuwing.

Lees ook deze reportage: Hoe Oost-Europese migranten worden uitgebuit in Nederland

Het Comité voor Ondernemerschap en de Inspectie SZW leven en werken in hetzelfde Nederland, maar per saldo hebben hun ervaringen maar twee raakvlakken. Piekeconomie en krapte op de arbeidsmarkt.

De ondernemers weten zich geen raad: een kwart wordt in zijn groei belemmerd door een tekort aan personeel. Maar ze zijn ook verbaasd: arbeid is „relatief goedkoop” doordat de lonen in veel sectoren zijn achtergebleven bij de productiviteitsgroei. Ook dat is Nederland: waarom zou je als ondernemer de lonen verhogen om wél personeel te werven als jouw werknemers zich kennelijk niet willen organiseren en de vakbonden in het mkb toch al zwakker zijn dan elders?

Er is nóg een werkelijkheid. Een deel van de werkgevers zoekt steeds opnieuw, schrijft de Inspectie SZW, naar mazen in de wet of overschrijdt de regels gewoon om op arbeidskosten te besparen. Een continu aanbod van (il)legale arbeidsmigranten helpt daarbij. De risico’s op oneerlijk werk en misstanden zijn groter naarmate arbeid zwaarder meetelt in de bedrijfskosten. Denk aan sectoren als horeca, landbouw en schoonmaak.

Twee cijfers. Er zijn zeker 878.000 werknemers en zzp’ers met een flexibel contract en een onvoldoende of laag inkomen, becijfert de inspectie. Zij zijn het meest kwetsbaar voor uitbuiting en andere malafide praktijken.

De groep overlapt deels met het aantal buitenlandse werknemers in Nederland: 838.000. De Polen zijn hier de grootste groep. Maar de Inspectie ziet de landen van herkomst oostwaarts opschuiven: Oekraïne, de Balkan, Zuidoost-Azië. Over misstanden zijn ze stil. Bang voor werkverlies.

Vakbonden hebben hun handen vol. CNV Vakmensen vorderde de afgelopen anderhalf jaar 1,2 miljoen euro terug aan achterstallig loon en toeslagen voor ongeveer 300 uitzendkrachten, zei bestuurder Henry Stroek vorige week tegen De Telegraaf. FNV-vicevoorzitter Kitty Jong voerde actie in Ter Aar tegen de erbarmelijke huisvesting van arbeidsmigranten door een aantal uitzendbureaus. Met vier personen in een chalet à 400 euro per persoon per maand. Ze twitterde: „We troffen onwillige burgemeester. Ik werd opgewacht door eigenaars van uitzendbureau/huisbazen. In hun Porsche.”

In de Staat van het mkb 2019 zocht ik naar ‘arbeidsmigrant’.

Tevergeefs.

Menno Tamminga schrijft op deze plaats elke dinsdag over ondernemingsbeleid en economie.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.