De Koerden kunnen nu niemand meer vertrouwen

Noordoost-Syrië Wordt de Turkse opmars in Noordoost-Syrië gestuit, nu Damascus er troepen heen stuurt? Misschien. Want het risico op een treffen met Syrische rebellen die meevechten aan Turkse zijde, is levensgroot.

Door Turken gesteunde Syrische rebellen hijsen de vlag van de oppositie in Ayn al-Arus, in de buurt van grens.
Door Turken gesteunde Syrische rebellen hijsen de vlag van de oppositie in Ayn al-Arus, in de buurt van grens. Foto Bakr ALKASEM / AFP

De geruchten over een deal tussen de Syrische Koerden en Damascus waren net opgedoken, toen de eerste Syrische regeringssoldaten al onderweg waren naar strategische plaatsen in Noordoost-Syrië.

De snelheid waarmee het allemaal is gebeurd is verrassend, maar de deal op zich is dat niet. Sinds de Amerikaanse president Donald Trump eind vorig jaar zei dat hij de Amerikaanse troepen in Syrië wil terugtrekken, praten Syrische Koerden al met het regime. Het verschil is nu dat de Verenigde Staten de Koerden onder druk zetten om zo’n akkoord niet te sluiten.

Veel details over het akkoord zijn nog vaag. Volgens sommige bronnen zouden de Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF), de door de Koerden gedomineerde militie die Noordoost-Syrië tot nu toe controleerde, geheel ophouden te bestaan. Alle Koerdische strijdkrachten zouden opgaan in het 5de Korps van het Syrische regeringsleger, een eenheid die nauw samenwerkt met Rusland.

De eerste beelden uit Noord-Syrië tonen vreugde over de terugkeer van het regeringsleger. De soldaten werden verwelkomd met rijst. De inwoners van Noord-Syrië verkiezen het Syrische regime boven Turkse bommen en onbetrouwbare, door Turkije gesteunde, rebellen.

Volgens andere bronnen beperkt de operatie zich voorlopig tot een strategische positionering van het Syrische regeringsleger langs de grens om de Turkse invasie, die afgelopen woensdag begon, tegen te houden. In die versie zouden bestuur en interne veiligheid voorlopig in Koerdische handen blijven.

Er is ook onduidelijkheid over de vraag of de Syrische regering van plan is om de controle over de buitengrenzen over te nemen van de Koerden.

Het zou echter verbazen als de Koerden veel concessies in de wacht hebben kunnen slepen. Als Bashir al-Assad in het verleden al geen concessies wilde doen, dan zal hij dit zeker niet doen nu de Koerden vanuit een absolute zwaktepositie onderhandelen.

In een opiniestuk dat enkele uren voor het akkoord verscheen, probeert Mazloum Abdi, de bevelhebber van de SDF, uit te leggen hoe het zover is gekomen.

„De reden waarom wij met de Amerikanen in zee zijn gegaan, is ons fundamenteel geloof in de democratie”, schrijft hij. „Wij zijn ontgoocheld en gefrustreerd door de huidige crisis. Onze mensen worden aangevallen, en hun veiligheid is onze grootste zorg.” Volgens Abdi zijn er twee vragen die zich nu opdringen. „Hoe kunnen wij onze mensen het best beschermen, en zijn de VS nog een bondgenoot?” Hij schrijft: „De Russen en het Syrische regime hebben ons voorstellen gedaan die de levens van miljoenen mensen onder onze bescherming kunnen redden. Wij hebben geen vertrouwen in hun beloften. Maar het is moeilijk om te weten wie nog te vertrouwen.”

Dominante strijdmacht

De Koerden hebben altijd een gecompliceerde relatie gehad met het regime in Damascus. Toen in 2011 de opstand tegen Assad begon, gingen ook de Koerden de straat op.

Maar zij sloten al snel een deal waarbij het regeringsleger zich terugtrok uit Koerdisch gebied, in ruil waarvoor de Koerden niet meevochten met het Vrije Syrische Leger tegen Assad. Het is in die situatie dat de YPG, de militaire arm van de extreem-linkse partij PYD, uitgroeide tot de dominante strijdmacht in Noord-Syrië. Turkije beschouwt de YPG als een terreurorganisatie.

Het Syrische regeringsleger heeft al die tijd wel een aanwezigheid behouden in Qamishli, waar het de grensovergang met Turkije, de luchthaven en een deel van de stad controleert. Ook in Hasakah is het regeringsleger altijd aanwezig gebleven. Sinds zondag zijn versterkingen aangevoerd naar die posities.

De komende dagen zal moeten blijken of de deal de spanning in Noord-Syrië heeft geneutraliseerd, of juist heeft laten toenemen. Het is Rusland dat aan de basis ligt van de deal – de onderhandelingen vonden plaats op de Russische basis Hmeymim in Syrië – en het lijkt evident dat president Poetin daarover heeft overlegd met de Turkse president Recep Tayyip Erdogan.

Als de reden voor de Turkse invasie de aanwezigheid was van een Koerdische ministaat aan de Turkse zuidgrens, gecontroleerd door een groep die het als terreurbeweging beschouwt, dan heeft de deal die reden weggenomen.

Tenminste, als blijkt dat de YPG inderdaad verdwijnt. Erdogan zal geen genoegen nemen met een tussenoplossing die de YPG laat voortbestaan.

Het kan nog op veel manieren fout gaan. Erdogan zei maandag dat het nog steeds zijn bedoeling is om Manbij en Kobani te veroveren, twee steden waar het Syrische regeringsleger nu terugkeert.

Gevaarlijke situatie

Daar ontstaat een gevaarlijke situatie. Turkije werkt op het terrein samen met het zogeheten Syrische Nationale Leger. Dat zijn Arabische rebellen die vroeger tot het Vrije Syrische Leger behoorden; sommigen zijn afkomstig uit deze streek en werden er door de YPG verjaagd. Zij zinnen op wraak. En zij komen nu oog in oog te staan met het echte Syrische leger waartegen zij jarenlang hebben gevochten.

Het zijn ook angstige tijden voor eenieder die de voorbije jaren politiek actief is geweest tegen het Syrische regime.

Indien het Koerdisch gebied inderdaad helemaal onder de controle van het Syrische regime komt te staan, keren ook de gevreesde veiligheidsdiensten terug. Die hebben een lang geheugen.

Aan Amerikaanse kant stapelen de absurditeiten zich ondertussen op. President Trump, die vorige week groen licht gaf voor de Turkse invasie, kondigde maandag via Twitter aan de importtarieven op staal uit Turkije met 50 procent te verhogen. Ook schrijft hij sancties op te leggen aan leden van de Turkse regering „en anderen” die hebben bijgedragen aan de Turkse inval.

Hoewel de terugtrekking van de Amerikaanse soldaten eerst alleen in zuidelijke richting was, weg van de gevechten tussen de Koerden en Turkije, lijkt die nu compleet te worden.

De bevoorradingsroute voor de Amerikaanse troepen loopt via de grensovergang van Faysh Kabour met Irak, en die komt mogelijk opnieuw onder controle van de Syrische regering te staan.

Lees ook: Koerden op demonstratie voelen zich in de steek gelaten door Amerika én Europa

Maar de Amerikanen zijn voorlopig nog niet weg uit Noord-Syrië: maandag doken beelden op van Amerikaanse militaire voertuigen die in Kobani de weg versperden voor het Syrische regeringsleger. Moet Washington straks Rusland te hulp roepen om over een veilige aftocht van de Amerikaanse soldaten te onderhandelen?

Ronduit verbazingwekkend was dat het Witte Huis zondag een persbericht verspreidde over een hulppakket van 50 miljoen dollar (45,4 miljoen euro) voor ‘stabilisatie, bescherming van minderheden en de mensenrechten in Syrië’.

Dat geld is bedoeld voor een organisatie die niet meer bestaat. De Amerikaanse diplomaten die voor die stabilisatie moesten zorgen, hebben Syrië al verlaten.

Veel vragen blijven onbeantwoord. Zal Erdogan genoegen nemen met een oplossing die geen bufferzone voorziet waar hij twee miljoen Syrische vluchtelingen wilde herhuisvesten?

En wat gebeurt er met de duizenden IS-strijders en hun families die tot nu toe door de SDF werden bewaakt? Gaat het Syrische regeringsleger die kampen overnemen?