Militairen VS worden boos op onnavolgbare Donald Trump

Verenigde Staten Zelfs uit het Amerikaanse leger komt harde kritiek op Trumps besluit Turkije vrij spel te geven bij een invasie in Noord-Syrië.

Een Amerikaanse soldaat.
Een Amerikaanse soldaat. Foto EPA

Het besluit van president Trump om Amerikaanse troepen uit Noord-Syrië weg te halen en Turkse troepen vrij spel te geven bij een invasie heeft geleid tot openlijke kritiek uit een doorgaans stilzwijgend dienstbaar deel van de Verenigde Staten: het leger. Op tv-zender MSNBC zei oud-admiraal James Stavridis donderdag dat Trumps besluit neerkomt op „verraad” van Amerika’s bondgenoten. Hij had, zei Stavridis, „van verschillende kanten, maar vooral van special forces”, gehoord hoe hartverscheurend ze het vonden om de Koerdische strijders met wie zij jarenlang hebben gevochten tegen IS, in de steek te moeten laten.

Verslaggever nationale veiligheid Jennifer Griffin van FoxNews sprak donderdag met een anoniem lid van de commando’s in Noord-Syrië die plaats moesten maken voor de Turken. „Voor het eerst in mijn carrière schaam ik mij”, zei deze militair. Griffin hoorde van een anonieme hoge militair in het Pentagon, die de afgelopen vijf jaar had meegewerkt aan de coördinatie van de oorlog tegen IS, dat de stemming in het defensiehoofdkwartier „onthutst, geschokt” is, en dat deze ontwikkeling „een verhaal is dat niet kan worden weggemoffeld”.

Volgens deze hooggeplaatste militair is het nieuwe verhaal in de wereld dat „het Amerikaanse leger alleen je vriend is zolang het hem goed uitkomt”.

De kwalificatie ‘verraad’ is de afgelopen week vrij algemeen toegepast op Trumps besluit. Voor de Koerden is het niet voor het eerst dat ze in de steek worden gelaten door Amerikanen en andere westerse mogendheden.

Zowel bij eerdere Iraakse als Turkse aanvallen tegen de Koerden, hebben de Amerikanen een stapje achteruit gezet tot hetzij het Irak van Saddam Hoessein (jaren 80 en 90), hetzij Turkse troepen (in 2007) klaar waren met hun campagne tegen de Koerden.

Heilig ontzag

Trump heeft een ambivalente houding tegenover het leger. Aan de ene kant vertoont hij het heilige ontzag van veel Amerikanen voor hun soldaten. Op zijn verkiezingsbijeenkomsten vertelt hij altijd hoe hij het leger heeft wederopgebouwd – en het klopt: tegenover alle mogelijke bezuinigingen op de rijksoverheid staan kolossale stijgingen in de defensiebegroting in de afgelopen jaren. Na zijn aantreden benoemde Trump allerlei (oud-)militairen op hoge politieke posten. Generaal Herbert McMaster werd zijn nationale veiligheidsadviseur. Generaal Jim Mattis zijn minister van Defensie. Generaal John Kelly werd na een half jaar Trumps stafchef.

Lees meer over ontslagbrief Defensieminister: Mattis veegt de vloer aan met Trumps buitenlands beleid

Ze zijn allemaal vertrokken. Herbert McMaster is in maart 2018 opgestapt onder druk van Trump met wie hij altijd een slechte verhouding had. „Ben jij het nou alweer”, moet Trump volgens het boek Fear van Bob Woodward hebben gezegd als McMaster binnenkwam met een veiligheidskwestie. John Kelly stapte in december 2018 op. Volgens (de tamelijk onbetrouwbare) Michael Wolff, van het boek Fire and Fury, had Trump nog een grotere hekel aan Kelly dan Kelly aan Trump.

Mattis nam in ook december ontslag, toen de president zonder hem te consulteren aankondigde dat hij de Amerikaanse troepen uit Syrië en Afghanistan zou terugtrekken. In zijn ontslagbrief schreef hij dat „onze kracht als natie onlosmakelijk verbonden is met de kracht van ons uniek en veelomvattend systeem van bondgenootschappen”. En hij schreef er impliciet bij dat Trump er anders over denkt.

Trump heeft er geen twijfel over laten bestaan hoe hij tegen dat systeem van bondgenootschappen aankijkt. Voor hem zijn allianties kostenposten. Altijd hamert hij erop dat de VS met zijn torenhoge defensiekosten ‘gratis’ diensten verleent aan de bondgenoten. Hij noemt zijn bondgenoten, zoals de NAVO-partners, „oneerlijk”.

Woensdag werd Trump gevraagd of het besluit om de Koerden niet langer te helpen tegen Turkse agressie, het niet lastiger zal maken om in de toekomst bondgenoten te vinden. „Nee, helemaal niet”, zei de president. „Bondgenootschappen zijn heel simpel.” En in één adem: „Onze bondgenoten hebben misbruik van ons gemaakt.”

Obstinaat

In het meest recente nummer van maandblad The Atlantic schrijft journalist Mark Bowden (bekend van het verfilmde nonfictie-boek Black Hawk Down) over „wat hoge militairen echt vinden van president Trump”. Wat de soms anoniem gebleven, soms met naam, toenaam en rang genoemde officieren dwarszit, is de weigerachtigheid van Trump om naar onderbouwd advies te luisteren. Niet alleen heeft hij zijn militaire adviseurs niet geconsulteerd voor hij de Turkse president Erdogan aan de telefoon zijn medewerking toezegde, hij gaat haast dwangmatig in tegen hun adviezen. „Hij is instinctief obstinaat”, zegt een generaal.

Daarnaast is Trump onnavolgbaar. Het ene moment dreigt hij Noord-Korea en leider Kim Jong-un in vuur en razernij te laten ondergaan, het volgende moment zijn Kim en hij „verliefd op elkaar geworden”, volgens Trump. Een halve dag nadat hij Erdogan ruim baan had beloofd, twitterde Trump dat hij Turkije economisch te gronde zou richten als dat land „te ver” zou gaan bij zijn militaire campagne.

Een generaal zei tegen Bowden dat het best goed kan zijn om je tegenstanders in de war te brengen. Dat vond een andere generaal misschien ook wel, maar die zei: „Op een zeker moment moet je een strategie ontwikkelen voor wat je wilt dat de uitkomst is.”

Als Trump zo’n strategie al heeft, dan deelt hij die in elk geval niet met zijn legertop, zei de generaal. „Het lijkt erop alsof hij in het wilde weg schiet.”