Schrijvers Peter Handke en Olga Tokarczuk winnen Nobelprijs voor Literatuur

Handke wint de prijs voor 2019, Tokarczuk voor 2018. Er werden twee prijzen toegekend, omdat de uitreiking vorig jaar niet doorging vanwege een schandaal bij de Zweedse Academie.

De ingang van het Alfred Nobel-museum in Stockholm.
De ingang van het Alfred Nobel-museum in Stockholm. Foto Jonathan Nackstrand/AFP

De Oostenrijkse schrijver Peter Handke heeft de Nobelprijs voor Literatuur 2019 gekregen. De prijs voor 2018, die eveneens donderdag werd toegekend, gaat naar de Poolse auteur Olga Tokarczuk.

Handke krijgt de prijs volgens de Zweedse Academie, die sinds jaar en dag beslist wie de literaire Nobelprijswinnaar wordt, voor zijn „invloedrijke werk dat met taalkundige vindingrijkheid de randen en eigenzinnigheden van de menselijke ervaring verkent”. Tokarczuk wordt geroemd om de „narratieve verbeelding” die ze gebruikt om „het oversteken van grenzen als levensvorm” weer te geven.

Tokarczuk (1962) maakte haar romandebuut in 1993 en brak in 1996 door met Oer en andere tijden, een groots familieverhaal, dat zich uitstrekt van de Eerste Wereldoorlog tot de val van het IJzeren Gordijn in 1989. Internationaal is ze het bekendst vanwege De rustelozen (2007), waarvoor ze in 2018 de International Booker Prize ontving. Haar werk gaat vaak over „migratie en culturele transitie”, aldus de Nobelprijsjury, maar zit ook „vol slimheid en listigheid”. Haar grootste werk is De Jacobsboeken, een historische roman die gaat over de messianistische sekteleider Jacob Frank.

Lees ook dit interview met Olga Tokarczuk: De omstreden ‘messias’ die stierf als baron

Handke (1942) geldt als een van de invloedrijkste schrijvers in het Duitse taalgebied. Hij publiceerde in vele genres, van proza en poëzie tot aan dialogen voor het filmscenario van de klassieker Der Himmel über Berlin. Zijn reputatie is allesbehalve onomstreden: hij leek lange tijd uitgesloten als Nobelprijskandidaat, omdat hij een grafrede hield bij de uitvaart van de Servische ex-president Slobodan Milosevic. „De Nobelprijs is een literatuurprijs, geen politieke prijs”, zei juryvoorzitter Anders Olssen donderdag.

Schandaal

Dit jaar worden twee Nobelprijzen voor Literatuur uitgereikt, ook over het overgeslagen afgelopen jaar. In 2018 verkeerde de Zweedse Academie in grote crisis door een schandaal rond de echtgenoot van een van de juryleden. Deze Jean-Claude Arnault, de man van de dichteres en jurylid Katarina Frostensen, werd in november 2017 door achttien vrouwen beschuldigd van langdurig en veelvuldig seksueel misbruik of intimidatie. Ook zou hij de namen van winnaars hebben gelekt.

Het schandaal legde een lange doofpotcultuur binnen de Zweedse Academie bloot, waardoor meerdere leden gedwongen waren af te treden. De Zweedse koning moest eraan te pas komen om de statuten te wijzigen, omdat voorheen het lidmaatschap alleen eindigde door sterfte. Inmiddels zijn van de negentien leden er zeven vervangen. De prijzen over 2018 en 2019 zijn bovendien toegekend door een apart ingestelde jury, bestaande uit vier Academie-leden en vijf eenmalige, externe leden.

Volgens Anders Olsson, voorzitter van deze interim-jury, heeft er een moderniseringsslag plaatsgevonden: hij benadrukte dat de jury afgestapt is van een “mannelijk georiënteerd” en “eurocentrisch idee van literatuur”, zoals dat naar eigen zeggen heerste bij de jury. De vorige winnaars van de Nobelprijs voor Literatuur waren de Brits-Japanse romancier Kazuo Ishiguro (2017) en de Amerikaanse singer-songwriter Bob Dylan (2016).

Correctie (10 oktober 2019): In een eerdere versie van dit stuk stond de naam van Tokarczuk per abuis gespeld als Tokarczek. Dat is hierboven aangepast.