Internationale nachttrein richting Wenen rijdt eind 2020 weer

Een enkeltje Amsterdam-Wenen duurt straks ongeveer veertien uur. Het kabinet trekt 6,7 miljoen euro uit voor het project.

De aankomst van de eerste Eurostar vanuit Londen op Amsterdam Centraal in april vorig jaar.
De aankomst van de eerste Eurostar vanuit Londen op Amsterdam Centraal in april vorig jaar. Foto Remko de Waal/ANP

De internationale nachttrein keert terug in Nederland. Vanaf december volgend jaar rijdt er iedere nacht een trein vanaf Amsterdam naar München en Wenen. Dat schrijft staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat, D66) donderdag in een brief aan de Tweede Kamer. Het kabinet trekt 6,7 miljoen euro uit voor het project.

De Nederlandse Spoorwegen en het Oostenrijkse spoorbedrijf ÖBB waren al langer in gesprek over het doortrekken van de nachttrein tussen Wenen en Düsseldorf naar Amsterdam, een rit die ongeveer veertien uur duurt. Wel vroegen ze daar afgelopen zomer subsidie voor.

Voor het geld dat het kabinet beschikbaar wil stellen, kan de nachttrein tussen 2021 en 2024 rijden. De hoop is dat vervoersbedrijven daarna het traject op eigen kosten kunnen verzorgen.

Lees ook: Fusie Thalys en Eurostar moet reizigers uit vliegtuig halen.

Treinreizigers tussen Amsterdam en Wenen zouden in beide richtingen rond 10.00 uur op hun bestemming moeten aankomen. Van Veldhoven noemt de nachttrein „een aantrekkelijk en duurzaam alternatief op afstanden boven de 800 kilometer”.

De staatssecretaris wees eerder in een Kamerbrief op het succes van de Eurostar, de hogesnelheidstrein van Londen naar Rotterdam en Amsterdam die nu drie keer per dag rechtstreeks rijdt, en de Thalys tussen Amsterdam en Parijs, die steeds meer reizigers trekt.

Subsidies blijven nodig

Volgens het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) van het ministerie kan een nachttrein tussen Amsterdam en Wenen rekenen op naar schatting 180.000 reizigers per jaar. Het instituut denkt dat de nachttrein naar steden zoals Kopenhagen, Warschau, Praag, Wenen, München, Zürich, Milaan en Turijn ook een concurrent zijn voor het vliegtuig of de auto. Vanwege de hoge kosten blijven overheidssubsidies voorlopig echter nodig.

Een tekort aan reizigers was juist de reden dat de nachttrein van Amsterdam via Utrecht en Arnhem naar München en Zürich stopte in december 2016. De Duitse spoorwegen trokken destijds de stekker uit het project. Twee jaar eerder was de rechtstreekse nachttreinverbinding van Amsterdam naar steden als Kopenhagen, Warschau en Praag al gesneuveld.