Recensie

Recensie Beeldende kunst

Jean-François Millet was uitzonderlijk goed in smerige boeren

Tentoonstelling In het van Gogh Museum is een prachtige tentoonstelling rond Millet en diens invloed op de moderne kunst. Hoe hij een uitgeputte boer schildert, beneemt je zelf de adem.

Jean-François Millet, Man met hak, 1860-1862
Jean-François Millet, Man met hak, 1860-1862 Foto J. Paul Getty Museum

Hij zou de helft van zijn hoofd hebben verloren – want zo zag het eruit; alsof hop, zijn achterhoofd er met de bijl in één vloeiende beweging was afgekapt. Met dat halve hoofd leefde en zwoegde hij voort: met een reusachtige schoffel hakte hij sleuven in onvruchtbaar, rotsachtig land. En nu rustte hij op die schoffel, kromgebogen van de pijn in zijn rug, in zijn gore hemd, zijn vaalblauwe broek die zwart uitsloeg aan de knieën, zijn met modder bespatte klompen.

‘Man met hak’ doopte de Franse kunstenaar Jean-François Millet (1814-1875) het ruim een meter brede olieverfschilderij waarop hij een – volgens zijn critici – misselijkmakend lelijke boer afbeeldde. Die knoesten van handen, het lage voorhoofd, die onnozele trekken en natuurlijk, dat afgekapte achterhoofd – Millet ontving voor zijn tussen 1860 en 1862 gemaakte schilderij hoon, spot. En uiteindelijk – later - toch ook heel veel lof.

Ik zie de stralenkransen van de paardenbloemen

Jean-François Millet, schilder

Als je nu voor Man met hak staat – je hoeft er tijdelijk niet voor naar het Getty Museum in Los Angeles, maar gewoon naar het Amsterdamse Van Gogh Museum – dan begrijp je niet waar de ophef van toen vandaan kwam. Wat je wel begrijpt is dat het nieuw was wat Millet deed. Hij verwierp de opgepoetste frutsels en eleganterieën waarmee kunstenaars als Fragonard en Watteau eerder het Franse landschap afbeeldden. Bij Millet geen pastorale idylles met blozende herderinnetjes en blond gelokte herders, geen boerenmensen die in de schaduw van een partij bomen hun vee aan het drenken waren. Nee, daarvoor was hij als zoon van een Normandische boerenfamilie teveel vergroeid met de boerenstand.

Jean-François Millet, Het angelus, 1857-1859 Foto Musée d'Orsay

Rare eenzaat

Dus vereeuwigt Millet de jonge naamloze boer monumentaal en met grove verfstreken. Het effect daarvan is dat je je als toeschouwer bijna op de grond voor de boerenklompen voelt liggen. Je kijkt omhoog, de grofkorrelige aarde kruipt in je neus, je ogen branden, een distel steekt in je vingers. De uitputting van de boer, zijn snakken naar adem, beneemt je zelf de adem.

Man met hak is één van de meesterwerken op Jean-François Millet. Zaaier van de moderne kunst. Daar zijn een kleine honderddertig werken bijeengebracht over twee verdiepingen: schilderijen, maar vooral ook schitterende pastels en tekeningen. Daarnaast heeft de Haagse Mesdag Collectie een expositie ingericht over Millets invloed op de Haagse School (t/m 5 januari).

Millet – een rare eenzaat, antisociaal en beslist niet vooruitstrevend - werd tijdens zijn leven beroemd. Maar na zijn dood in 1875 ging het helemaal razendsnel – zijn schilderijen werden voor de allerhoogste bedragen verkocht. Zijn werk is inmiddels zo veel miljoenen malen gereproduceerd op dienbladen, verjaardagskalenders en gewoon stug gekopieerd, dat het op zijn beurt is uitgegroeid tot een cliché.

Jean-François Millet, De zaaier, 1850 Foto Yamanashi Prefectural Museum of Art, Japan

Opgeschud

Het stereotype beeld van Millet als boerenschilder, met zijn verstilde, religieuze en deels ook sentimentele zaaiers, maaiers met zeis, rustende oogsters, arenlezers, en niet te vergeten zijn ontroerende boerenechtpaar dat groots én intiem het angelus bidt aan het eind van de dag, wordt in het Van Gogh Museum danig opgeschud. Millet figureert hier als aartsvader van de moderne kunst – de tegenhanger van de ‘stedelijke’ Manet. Dat is in de eerste plaats te danken aan Van Gogh, die zoals bekend een vurig bewonderaar was van „VADER Millet”. „Millet is raads- en leidsman in alles, voor de jonge schilders”, schreef Van Gogh terwijl hij in 1885 aan De Aardappeleters werkte. Van Gogh leerde zichzelf tekenen aan de hand van Millets voorbeelden en toen hij in 1889 was opgenomen in Saint-Rémy maakte hij een reeks van twintig ‘vertalingen in kleur’ naar zwart-witreproducties van Millet. Een groot deel daarvan hangt op de tentoonstelling.

Jean-François Millet, De arenlezers, 1857 Foto Musée d’Orsay

Van Gogh was dweepziek, maar hij was niet de enige, blijkt op de tentoonstelling. Veel impressionisten, post-impressionisten en grote modernisten keken naar Millet voor inspiratie. Dalí was zeker een jaar of tien totaal geobsedeerd door Millets Het Angelus – een paar schreeuwend surrealistische schilderijen uit de jaren dertig zijn daar het bewijs van. Gauguin liet zich in de jaren dat hij in het Bretonse Pont-Aven werkte door Millets sobere, geabstraheerde vormen inspireren. Seurat, Gauguin, Odilon Redon en zelfs Malevitsj schreven bewonderend over hem.

Vincent van Gogh, De Siësta (naar Millet), 1889-1890 Foto Musée d'Orsay

Stralenkransen

Toch wringen sommige voorbeelden. Malevitsj’ kegelvormige, strak geschilderde Houthakker (1912) mag dan als motief afkomstig zijn uit het boerengenre, het verschil in aanpak met Millets ‘gronderige’ verfgebruik is huizenhoog. Hetzelfde geldt voor de portretten die de Duitse Paula Modersohn-Becker rond 1905 in Worpswede maakte. Modersohn-Becker had – zo is duidelijk – een geïdealiseerde voorstelling van het boerenleven. De gezichten van ‘haar’ boerenkinderen zijn zuurstokkleurig, hun ogen felblauw en hun kleren lijken fris uit de was te komen.

Op het platteland „vind ik oneindige schoonheid”, schreef Millet een jaar na Man met hak. „Ik zie de stralenkransen van de paardenbloemen, en ook de zon die haar glorie tot ver voorbij de wereld ontvouwt in de wolken.” Maar dat was niet alles wat hij zag. Hij zag „ook een man [...] die zich even poogt uit te rekken om op adem te komen. Het drama bevindt zich te midden van die pracht.”

Jean-François Millet liet zijn Man met hak en de anderen protagonisten op zijn doeken met veel empathie lelijk en smerig zijn – en daarin was hij werkelijk uitzonderlijk goed.

Salvador Dalí, Archaeologische herinnering aan Millets ‘Angelus’, 1933-1935 Foto Fundacion Gala-Salvador Dali, c/o Pictoright