Brood, groente en een berg plastic, hoe veranderen we dat?

Afval We klagen over plastic afval, maar intussen gebruiken we het steeds meer. Hoe kunnen we minderen?

Foto Michelle Meurs

Als je klanten boos wilt krijgen, moet je ze een papieren broodzak met een plastic raampje geven. Moet je het ruitje dan apart scheiden van de papieren zak? Waarom moet brood naar buiten kijken? Zijn er serieus mensen die twijfelen of er wel brood in die zak zit?

Consumenten klagen over plastic en intussen neemt het gebruik alleen maar toe. Het Economisch Bureau van ING publiceert deze donderdag een overzichtsrapport waarin staat: wereldwijd groeit de productie van plastic met 4 procent per jaar. Elk jaar komt er in Nederland 2 procent aan plastic verpakkingen bij. Alleen al door bevolkingsgroei, maar ook doordat andere materialen door plastic worden vervangen en we steeds meer gemaksvoedsel eten – denk aan maaltijdsalades met aparte binnenbakjes en zakjes voor nootjes en dressings. Een voorzichtige schatting is dat elke Nederlander 1.500 plastic voedselverpakkingen per jaar gebruikt.

ING hield een enquête onder ruim 22.000 respondenten via de eigen website. Van hen ziet 38 procent plastic zwerfafval als het grootste milieuprobleem, groter dan klimaatverandering of luchtvervuiling.

In het rapport wordt die combinatie van populariteit en problematiek een ‘plastic puzzel’ genoemd. We willen wel reduceren maar hoe?

Dat simpele oplossingen niet bestaan, werd symbolisch verbeeld toen uitvinder Boyan Slat 2 oktober een foto van zijn plasticvanger naar buiten bracht. Die foto had het succes van zijn oceaanschoonmaak moeten aantonen. Maar biologen zagen behalve plastic ook veel dieren drijven in de oceaanveger. Wat op de foto, en überhaupt met het blote oog, niet te zien is, zijn de deeltjes plastic die zo klein zijn dat ze niet alleen in de zee maar ook in de bodem, in drinkwater, in ons voedsel met geen veger of filter te vangen zijn.

Voedselverpakkingen zijn daar niet alléén de oorzaak van, maar al die plastic-kwesties roepen wel de vraag op naar minder. Ook bij de voedingsindustrie, die tegelijk niet zónder kan om voedsel langer vers te houden en zo verspilling tegen te gaan. Enerzijds wordt plastic bespaard door bijvoorbeeld logo’s op groente te laseren. Maar tegelijkertijd is het aandeel verpakte onbewerkte groente en fruit de laatste vier jaar toch nog iets gestegen. En zo kan het gebeuren dat je op de groenteafdeling mist verneveld ziet worden boven paprika’s verpakt in plastic – beide voor de houdbaarheid.

Bij de PET-fles is de rek er wel uit

Je kunt als consument proberen plastic consequent te weigeren. Tomaten en stokbrood krijg je zonder ook wel thuis. Maar kwark, cola, gerookte zalm? Die kunnen niet zonder verpakking, meestal plastic.

Dunner plastic, minder verpakkingen in verpakkingen, dat kan wél en dat gebeurt ook: zo weegt een Spa-fles de helft van wat die in 1970 woog – waarmee overigens de rek er bij de PET-fles wel ongeveer uit is.

Een aantal Nederlandse producenten en bijna alle supermarkten hebben in februari afgesproken dat in 2025 een vijfde minder plastic wordt gebruikt dan in 2017. Maandag presenteerde Unilever zijn wereldwijde plastic-ambities. De levensmiddelenproducent is nu volgens eigen zeggen goed voor 700.000 ton plastic per jaar. Daar moet voor 2025 100.000 ton af door het weg te laten of opnieuw te gebruiken.

Perzik-ijsjes blijken zonder plastic in de doos te kunnen, thee-envelopjes worden ontdaan van hun plastic laagje, en bij ijsbekers, die vanwege voedselveiligheid eerder niet van gerecycled plastic gemaakt konden worden, blijkt dat nu wel te kunnen.

Lees ook: De onbekende gevaren van microplastics

Daar kun je kritisch over zijn, zoals Greenpeace, die het een bezuiniging noemt. Het verandert immers niets aan de wegwerpcultuur. Hoe kan de totale plasticproductie op deze manier stoppen met groeien?

Sommige alternatieven blijken bij nader inzien bovendien schijnoplossingen. Met andere materialen ben je vaak verder van huis. Karton en papier vragen bomen en water. Voor de productie en het vervoer van blik en glas is meer energie nodig.

Minder plastic produceren is één kant, minder plastic kopen is een ander verhaal

Het zoeken is ook naar verpakkingen waarvoor geen fossiele grondstoffen nodig zijn. Biobased plastics, gemaakt van hernieuwbare grondstoffen, lijken een uitkomst. Maar dan doemen nieuwe vragen op. Moet je planten wel in plastic stoppen als je ze ook kunt eten? En is biobased hetzelfde als biologisch afbreekbaar?

Biobased plastic, gemaakt van organische materialen als suikerbiet of maïs, is lang niet altijd geschikt voor de compostbak. Zelfs afvalverwerkers kunnen bioplastics niet altijd composteren of recyclen. En wat doe je er thuis mee? Een bio-PET-fles zullen mensen niet snel bij het GFT-afval gooien. Een vleesschaaltje van PLA zou er wel bij moeten mogen, maar breekt vaak niet snel genoeg af. Kent de consument al die nuances?

Lees ook: Iedereen kan thuis iets aan de plasticsoep doen

Bekijk het nieuwe sapflesje van Jumbo en de verwarring is compleet. De dop is van HDPE: nieuw plastic (van aardolie) dat desgewenst gerecycled kan worden. Het flesje bestaat voor 75 procent uit PET – gerecylced plastic – en voor 25 procent uit biobased plastic, gemaakt van biomassa dus, en recyclebaar. Dat levert, zegt Jumbo, een besparing op van 100 ton nieuw plastic. Maar het blijft plastic, het is niet biologisch afbreekbaar en het is nog maar de vraag of het in de kringloop blijft en niet alsnog in zee belandt. Direct of via de export van Nederlands afval naar Zuidoost-Azië.

Minder plastic produceren is één kant, minder plastic kopen is een ander verhaal. Wie plastic-confusie, zoals bij het sapflesje, wil voorkomen, kan het sap ook in de originele verpakking kopen: weinig mensen zullen zich afvragen in welke bak de sinaasappelschillen moeten.