Minder geld voor start-ups van vrouwen

Investeringen Slechts 3,5 procent van de investeringen in start-ups ging naar vrouwelijke ondernemers Dat moet anders, vindt een coalitie van investeerders.

Foto iStockphoto

Nederlandse investeerders steken nauwelijks geld in start-ups met vrouwelijke (mede-)oprichters. Van de 538 miljoen euro die vorig jaar in Nederlandse start-ups werd gestoken, belandde 19 miljoen bij bedrijven met een vrouw in het oprichtingsteam. Dat is 3,5 procent van het totaal en niet in verhouding: 17 procent van alle Nederlandse start-ups kent vrouwelijke (mede-)oprichters.

Dat blijkt uit een onderzoek van TechLeap.nl naar 1.650 Nederlandse start-ups en 350 financiers dat woensdag wordt gepresenteerd. TechLeap.nl is de nieuwe naam van StartupDelta: de organisatie die het klimaat voor start-ups in Nederland probeert te bevorderen en prins Constantijn van Oranje als vaandeldrager kent. Het onderzoek beslaat de afgelopen tien jaar en het beeld over die langere periode is nauwelijks anders: 5,7 procent van de start-up-investeringen belandt bij bedrijven met vrouwelijke (mede-)oprichters.

Lees ook dit interview met de topvrouwen van PostNL en Wolters Kluwer over een vrouwenquotum: ‘Dat er niet genoeg gekwalificeerde vrouwen zijn, is gewoon niet waar’

Een belangrijke oorzaak van deze scheve balans ligt volgens onderzoekers bij de wijze waarop de investeerders – venture capitalists genoemd – zélf georganiseerd zijn. 87 procent heeft namelijk geen enkele vrouwelijke investeerder in dienst. Dat vertaalt zich dankzij een ‘affiniteits-bias’ in de investeringskeuzes.

Investering dankzij secretaresse

„Investeerders steken geld in producten waar ze zelf iets mee hebben en in de investeringswereld werken vooral mannen”, zegt Janneke Niessen, oprichter van investeringsfonds Capital T. Met mede-oprichter Eva Mol, tevens onderzoeker aan de Vrije Universiteit, voerde ze vorig jaar het eerste grote onderzoek naar de investeringsbalans uit en zette het thema genderdiversiteit in start-up-land op de kaart.

Als illustratie van de affiniteitsbias noemt Niessen het Amerikaanse bedrijf Stitch Fix dat inmiddels twee miljard dollar waard is en aan de Nasdaq genoteerd is. Aanvankelijk kon het bedrijf, dat vrouwen maandelijks op basis van hun stijlvoorkeuren een doos kleren stuurt, geen geldschieters vinden. Tot de baas van een investeringsbedrijf ontdekte dat zijn secretaresse er zo ongeveer haar hele maandsalaris stuksloeg.

„Bias is menselijk, iedereen heeft het. Maar in de investeringswereld werken vooral mannen en dan gaat de bias één kant op”, zegt Niessen. Mensen steken graag geld in bedrijven van personen op wie ze lijken. En dat, zo vindt een invloedrijk deel van de start-up-scene, is niet alleen oneerlijk, maar ook zakelijk onhandig. „Gemengde teams zijn succesvoller dan monoteams”, benadrukt prins Constantijn in een schriftelijke reactie op het onderzoek.

Lees ook dit interview met Neelie Kroes over vooringenomenheid in startup-land

Europees gezien staat Nederland op de zevende plek wat betreft de genderdiversiteit van startups. IJsland, Italië en Spanje vormen de top drie.

Balans recht trekken

Onder meer reiswebsite Vakanties.nl (ruim 5 miljoen euro aan investeringen) en marktplaats voor tweedehands designermerken The Next Closet (ruim 3 miljoen) worden in het onderzoek uitgelicht als voorbeelden van start-ups met vrouwelijke oprichters waarin veel is geïnvesteerd.

Om de balans recht te trekken zijn TechLeap.nl en 25 investeerders deze zomer #Fundright gestart, een initiatief om de diversiteit bij investeringsmaatschappijen te verbeteren.

Het onderzoek dat woensdag wordt gepresenteerd zal jaarlijks worden herhaald om vooruitgang te meten. De bij #Fundright aangesloten partijen spreken af om het percentage vrouwen in het management van hun organisaties binnen drie jaar op 35 procent te krijgen. „Meer vrouwen aannemen, betekent dat dus”, zegt Niessen die mede-oprichter is van #Fundright. „Dat is stap één. Je moet diversiteit op meerdere assen bekijken en dus ook wat betreft culturele achtergrond.”