Maar hoelang duurt het…nu?

Tijdbesef Een minuut, een uur, een dag, een jaar? Hoelang je denkt dat het heden duurt beïnvloedt je beslissingen over de toekomst.

Foto Classen Rafael/EyeEm

Wanneer houdt het ‘nu’ eigenlijk op? Is dat al binnen een paar seconden; is het aan het eind van de dag, de week, de maand? En stel je je het ‘nu’ voor als iets wat naadloos overgaat in de toekomst, of is er een abrupte overgang – bám, het ‘nu’ is afgelopen en de toekomst begint? Wat is de aard van het ‘nu’?

Dat klinkt als een abstracte en misschien wel idiote vraag. Zo’n vraag waar mensen vooral over nadenken als ze op een mooie zomernacht op hun rug in het gras naar de sterren liggen te kijken nadat ze bepaalde geestverruimende middelen hebben gebruikt. Maar nu (althans, kort geleden) heeft de wetenschap zich er voor het eerst op gestort. Vorige maand publiceerden een Amerikaanse en een Canadese psycholoog een wetenschappelijk artikel met de titel When does the present end and the future begin?

Nee, ze geven daarin niet het definitieve antwoord op die vraag. Ze doen iets anders: ze beschrijven hoe mensen verschillen in hun ideeën over hoelang het ‘nu’ het ‘nu’ blijft. En hoe dat samenhangt met beslissingen die mensen nemen over met name hun financiële toekomst – of ze een type zijn van ‘sparen, ach, dat komt nog wel een keer’ of juist meer van ‘dat moet ik metéén regelen’.

Het gaat er dan echt om hoelang iemand denkt dat het ‘nu’ in het algeméén duurt. Specifieke momenten kunnen natuurlijk korter of langer voelen afhankelijk van wat je aan het doen bent en waar je van houdt: twee minuten in een tandartsstoel voelen langer dan twee minuten van je lievelingsfilm, twee minuten in een achtbaan voelen korter voor achtbaanfans dan voor achtbaanhaters. Tijd gedraagt zich in je hoofd nu eenmaal rekbaar en flexibel, als een kat die het ene moment door een piepkleine opening past en het andere moment enorm veel ruimte inneemt op de bank. Op zich ook een interessant verschijnsel, maar het ging deze psychologen erom wanneer mensen de overgang van nu naar toekomst in het algemeen verwachten.

Ze vroegen het aan een paar honderd mensen, via internet. „Denk er niet te diep over na”, schreven de onderzoekers in hun vragenlijst. „Je kunt deze vraag objectief beantwoorden, maar wij zijn meer geïnteresseerd in wat je voelt. [...] Wanneer eindigt voor jouw gevoel het nu – when do you feel the present ends?” Deelnemers beantwoordden die vraag eerst in hun eigen woorden en kruisten daarna nog exacter aan wanneer het ‘nu’ eindigde: direct, binnen een minuut, na een minuut maar binnen een uur, na een uur maar wel nog vandaag, niet meer vandaag maar wel binnen een week, niet binnen een week maar wel binnen een maand, niet binnen een maand maar wel dit jaar, na dit jaar of bij een specifieke gebeurtenis in de toekomst.

Kort of lang ‘nu’

Verrassend is hoe sterk de antwoorden van mensen verschilden. Driekwart vond dat het ‘nu’ binnen een week voorbij was – voor ongeveer de helft van alle deelnemers was het zelfs binnen een uur al afgelopen. Maar er waren ook mensen die vonden dat het ‘nu’ pas eindigde op het moment van hun eigen overlijden. En als je mensen een paar weken of maanden later dezelfde vraag opnieuw stelde, antwoordden ze over het algemeen hetzelfde als de eerste keer.

We gebruiken verjaardagen en andere feestdagen graag als referentiepunten waarna de toekomst begint

Mensen verschillen dus in hoe kort of lang hun ‘nu’ is. En dat bleek in verder onderzoek samen te hangen met beslissingen over de toekomst. Mensen met een korter ‘nu’ waren meer geneigd tot sparen voor de toekomst dan mensen die het ‘nu’ als iets langers zagen – vooral als ze dachten dat het ‘nu’ heel abrupt zou eindigen en de toekomst dan direct zou beginnen. En als de onderzoekers tegen studenten zeiden dat het ‘nu’ maar kort duurt, gaven die zich vaak op voor een workshop ‘financieel management’ waarin ze zouden leren hoe ze hun studieschuld konden afbetalen dan wanneer de onderzoekers zeiden dat het ‘nu’ lang duurt.

Hoe dat allemaal komt? Eén mogelijke verklaring is heel simpel: naarmate het ‘nu’ korter duurt, is de toekomst langer, en moet je daar dus meer in investeren. En als het ‘nu’ korter is, moet dat investeren ook sneller gebeuren.

Maar het komt misschien ook, denken de psychologen, doordat mensen die het ‘nu’ als kort ervaren meer rekening houden met hun ‘toekomstige zelf’. Voor hen is dat geen abstract deel van hun persoonlijkheid waar je makkelijk allerlei ellende op kunt afschuiven, omdat het toch slechts ergens vaag in de verte te zien is. Nee, voor mensen met een kort ‘nu’ staat het toekomstige zelf altijd direct voor de deur.

Bewoners van het Noorse eiland Sommarøy willen de klok afschaffen. Lees ook: Tijd is eigenlijk ook maar gewoon een mening

En die deur is een passende metafoor. Uit het onderzoek bleek namelijk ook dat mensen meer geneigd zijn om te sparen voor de toekomst als ze denken dat er geen geleidelijke, maar juist een abrupte overgang is tussen nu en toekomst. Je doet een deur open en je toekomst begint. Zulke ‘deuren in de tijd’ bestaan in zekere zin ook echt: we gebruiken verjaardagen, en andere feestdagen, zoals Oud en Nieuw, graag als het soort referentiepunten waarna de toekomst begint. Daarna neemt ons ‘toekomstige zelf’ het van ons over – zo voelt het. En als we dat toekomstige zelf zien als een beter persoon dan ons huidige zelf, als dat bijvoorbeeld iemand is die wél gezond eet, wél genoeg beweegt, kan dat motiverend werken, bleek eerder al uit onderzoek.

Toekomst voor de deur

De psychologen die het nieuwe onderzoek deden, hadden hun onderzoek opzettelijk niet in de buurt van belangrijke feestdagen of vakanties uitgevoerd omdat ze bang waren dat dat verstorend zou kunnen werken – dan zouden mensen misschien massaal zeggen dat het ‘nu’ eindigt als het nieuwe jaar begint. In het onderzoek zei maar 15 procent van de mensen dat het ‘nu’ op een specifiek moment in de toekomst zou eindigen en dat was dan, zoals gezegd, meestal bij hun eigen dood.

Voor die mensen heeft het geen zin, maar voor de rest van ons is het misschien verstandig te bedenken dat de toekomst snel en plotseling voor de deur staat. Dit is pas beginnend onderzoek, maar dat lijkt de mindset waarin we het meest geneigd zijn om rekening te houden met (de financiën van) ons toekomstige zelf.