Opinie

De beschaving staat los van onze gezondheid

Maxim Februari

Zojuist vond ik een paar lichaamsdelen terug, mijn rechtervoet, mijn linkerwenkbrauw, die ik al even kwijt was. In het weekend schoot een nekwervel op zijn plaats die ongeveer veertig jaar geleden dwars was gaan zitten, en opeens kwam mijn linkerwenkbrauw weer in beweging. Veel leverde dat overigens niet op. Ik probeerde met die wenkbrauw iets uit te drukken, verontwaardiging of bemoediging, maar kennelijk was het daarvoor nog te vroeg.

Veel gedachten komen uit het lichaam voort, zeggen de geleerden, en veel politiek uit pijn. Het is bekend dat alle Amerikaanse presidenten vreselijk ziek waren. Cleveland had jicht, Franklin D. Roosevelt polio, Eisenhower de ziekte van Crohn en John F. Kennedy hing van ziektes aan elkaar. Hun lichamelijke conditie moet invloed hebben gehad op hun beslissingen. „Hij heeft zo’n dikke huid dat hij geen ruggengraat nodig heeft”, zeiden ze over Nixon, en mutatis mutandis moet dat ook zijn opgegaan voor de rest.

De relatie tussen lichamelijke processen en besluitvormingsprocessen is natuurlijk nooit een erg vrolijk onderwerp geweest. Maar tegenwoordig vind ik iedereen wel erg pessimistisch over de huidige presidenten en hun condities. Overal hoor je dat de wereldpolitiek ten onder gaat aan hun onderbuikgevoelens en voortplantingsdrift, hun stemmingswisselingen en bloeddruk. De bestiale kant van de mens, met name van presidenten, neemt het politieke werk over en de zorgvuldig opgebouwde beschaving gaat teloor.

Het helpt niet dat er een wetenschappelijke benadering in zwang is die de geest helemaal ziet als een biologische functie van neurale netwerken. Gedachten zijn een product van de stofwisseling, zegt menig intellectueel tegen me, ohne Phosphor kein Gedanke. En dan mompel ik iets over de moeder van Nietzsche die hem worst stuurde als hij op reis was.

Zelf ben ik vrij optimistisch over de beschaving. Die zie ik tenminste niet meteen instorten door de biologie van politici. Het mag zo zijn dat geest en beschaving voortkomen uit het lichaam, maar ze zijn er vervolgens wel aan ontsnapt. De beschaving is geformaliseerd in instituties en is daar veilig voor de gektes en ziektes van wie dan ook. Het recht mag zijn voortgekomen uit onze driften, maar het heeft zich verzelfstandigd en staat nu los van onze gezondheid.

Kijk eens naar de afzettingsprocedure die in gang is gezet in de Verenigde Staten. Je kunt er schande van spreken dat de president heeft geprobeerd buitenlandse mogendheden onderzoek te laten doen naar de zoon van zijn politieke rivaal. Maar daarom wordt dan ook zo’n afzettingsprocedure gestart. Tot zover staat de beschaving nog recht overeind.

Overigens beroept de president zich keurig op juridische argumenten, al snijden ze geen hout. Hij zegt dat hij hulp bij strafrechtelijk onderzoek heeft gevraagd om corruptie te bestrijden. Hij heeft bovendien om strafrechtelijk onderzoek gevraagd, niet om liquidatie. De president mag verder bezwaren hebben tegen uitspraken van rechters, hij legt zich er vooralsnog wel bij neer.

In mijn mailbox belandden de laatste tijd twee stukken over het recht als een vorm van verzelfstandigde beschaving. Het eerste was een artikel uit The Washington Post van 20 augustus over Andrew McCabe. In 2018 was McCabe ontslagen als onderdirecteur van de FBI, slechts 48 uur voordat zijn pensioen inging – een politiek ontslag, met een president Trump die hem via Twitter een „major sleazebag” noemde.

McCabe besloot het ontslag aan te vechten langs strikt juridische weg. Geen politieke ophef over machtsmisbruik, maar juridische precisie: het ontslagformulier was niet juist ingevuld, een termijn niet gehaald. Hij beriep zich op de zaak Marbury v. Madison en de vraag die daar centraal stond: blijft de regering van de VS „a government of laws, and not of men”? Onderworpen aan het recht in plaats van persoonlijke luimen?

Het tweede stuk dat me bereikte stond in september in The New York Times. Het was geschreven door Steven Levitsky en Daniel Ziblatt, auteurs van het boek How Democracies Die. Democratieën sterven, was de strekking, als je „constitutional hardball” speelt. Dat wil zeggen, als je gedrag vertoont dat, hoewel technisch legaal, de letter van de wet gebruikt om de geest ervan te ondermijnen. Denk aan de schorsing van het parlement door Boris Johnson.

Dit tweede stuk leek in tegenspraak met het eerdere, want moest je nu wel of niet vasthouden aan de letter van de wet om het recht te doen zegevieren? Een uiterst interessante vraag die, wat het antwoord erop ook moge zijn, laat zien dat de macht met al zijn biologische oprispingen nog steeds netjes buigt voor de verzelfstandigde geest van het recht.

Maxim Februari is jurist en schrijver, www.maximfebruari.nl.