Opinie

Burgemeester Krikke terecht opgestapt maar op verkeerde wijze

Haags Nieuwjaarsvuur

Commentaar

Na iets meer dan 2,5 jaar stapt Pauline Krikke (VVD) alweer op als burgemeester van Den Haag. Afgezien van de wijze waarop, is haar vertrek begrijpelijk maar bovenal terecht. Zij had geen andere keus na het vernietigende rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid naar de op Nieuwjaarsnacht van dit jaar totaal uit de hand gelopen vreugdevuren op het strand van Scheveningen.

Als hoeder van de openbare orde en veiligheid was burgemeester Krikke bestuurlijk hoofdverantwoordelijke voor wat er in de aanloop naar Nieuwjaarsnacht en op de nacht zelf is misgegaan. Dat is schrikbarend veel, blijkt uit de bevindingen van de Onderzoeksraad, die op verzoek van burgemeester Krikke zelf de gang van zaken onder de loep heeft genomen.

Vliegvuur op Scheveningen heet de studie van de Onderzoeksraad. Dat is een spannende benaming die ontleend lijkt aan titels van in de jaren zestig en zeventig in Den Haag populaire ‘mysteriereeks’ van lokaal detectiveschrijver Pim Hofdorp. Het rapport is echter geen thriller, maar eerder een onthutsend relaas van bestuurlijke onderschatting, van wegkijken en van falen.

Erger nog is dat de conclusies van de Onderzoeksraad in grote lijnen een bevestiging zijn van de vermoedens die direct al op 1 januari werden uitgesproken na de bijna-ramp waarbij een immense vonkenregen neerdaalde op de dorpskern van Scheveningen. Het was vooraf bekend dat er veel niet klopte.

De Onderzoeksraad stelt vast dat de autoriteiten op 30 december wisten dat één van de twee brandstapels het van te voren afgesproken maximale volume al had overschreden, het was een publiek geheim dat in weerwil met de afspraken brandversnellers in de stapels waren aangebracht. Maar opgetreden werd er niet. Zoals er ook niets gebeurde met de waarschuwingen van het jaar daarvoor toen de directie Veiligheid van de gemeente Den Haag al was gewezen op de risico’s van vliegvuur.

Bij een dergelijk vertoon van bestuurlijke incompetentie is het niet meer dan logisch dat de eerstverantwoordelijke hiervoor, in dit geval burgemeester Krikke, consequenties trekt uit de bevindingen van de Onderzoeksraad. Alleen jammer dat ook zij, net als veel politieke bestuurders die haar in andere kwesties voorgingen, er niet in slaagt dit op de ‘staatsrechtelijk’ zuivere wijze te doen.

Zo was het fatsoenlijker geweest als Krikke eerst de gemeenteraad, die haar in 2017 voordroeg, had ingelicht en niet haar volgers op Instagram. De door het volk gekozen burgemeester kent Nederland niet.

Laakbaarder is het moment van aftreden. Krikke heeft het raadsdebat in de Haagse gemeenteraad niet willen afwachten, maar stapt op voorhand op. Toch zei zij afgelopen donderdag, na het verschijnen van het onderzoeksrapport nog monter het debat met de raad „met open vizier” aan te willen gaan. Dat zou ook de juiste weg zijn geweest: eerst het debat met verantwoording van haar kant om daarna conclusies te trekken. Dan had Krikke in het debat ook de prangende vraag kunnen beantwoorden waarom er op Nieuwjaarsnacht voor gekozen is om niet in te grijpen.

Zij vreesde echter dat het debat over het rapport zou uitlopen op een discussie over haar functioneren en haar toekomst. Dat zou het debat over de toekomst van Den Haag in de weg staan. Het is de bekende kronkelredenering van een bestuurder op de vluchtweg naar de uitgang. Maar het is vooral een bewijs te meer van haar bestuurlijk onvermogen.