Linkse premier beloond voor herstel

Verkiezingen Portugal De socialistische PS onder leiding van premier António Costa kreeg zondag meer dan een derde van de stemmen.

Foto Patricia de Melo Moreira/AFP

António Costa (58) mag zich na de verkiezingen van zondagavond voor het eerst de leider van de grootste partij van Portugal noemen. Een absolute meerderheid bleef voor de Socialistische Partij (PS) uit. Met 36,7 procent van de stemmen zal Costa voor een tweede termijn opnieuw steun moeten zoeken van één of meerdere andere partijen. De linkse gedoogpartners van Costa hebben aangekondigd dat ze de socialisten niet zonder tegenprestaties zullen steunen.

De conservatieve PSD is met 28 procent van de stemmen de grote verliezer en als tweede partij weer veroordeeld tot de oppositie. De opkomst was een tegenvaller. Bijna 45 procent van de 10,8 miljoen Portugese stemgerechtigden bleef thuis.

Costa profileerde zich in de verkiezingscampagne als de leider van een regering die beloften was nagekomen. Hij incasseerde de ‘premierbonus’ na een sterke eerste termijn. Costa verraste in 2015 vriend en vijand door met de hulp van het Linkse Blok en de communisten een regering te vormen, die het na de snelle val van een centrumrechtse coalitie overnam. Met name vanuit ‘Brussel’ werd met enige zorg geconstateerd dat Portugal na jaren van harde bezuinigingen deels afhankelijk was geworden van eurosceptici. De angst voor een mislukking bleek ongegrond.

Uit een diepe crisis

De socialist Costa wist het Zuid-Europese land met een sociaal beleid uit een diepe crisis te trekken. Er ontstond een nieuw positivisme in Portugal dat tussen 2011 en 2014 nog bijna een half miljoen burgers naar het buitenland had zien vertrekken. De metamorfose voltrok zich op meerdere vlakken. De winst van het EK voetbal in 2016 was de eerste in een reeks van onverwachte, positieve gebeurtenissen. Een jaar later won Portugal het Songfestival.

De regering van Costa veranderde het zorgenkindje van de EU in een voorbeeldnatie voor socialisten uit andere Europese landen. Zo kijkt Pedro Sánchez als demissionair premier van Spanje met een jaloerse blik naar de steun die Costa wél krijgt van andere linkse partijen. Portugal is in tijden van de Brexit, oprukkend populisme, onvoorspelbaar terrorisme en separatisme in Catalonië een evenwichtige natie waar buitenlandse gasten zich op hun gemak voelen. Toerisme werd één van de belangrijkste pijlers van de economie.

Costa wist met de hulp van Mário Centeno als minister van Financiën de economie weer te laten groeien. Centeno werd in 2018 beloond met het voorzitterschap van de Eurogroep. De socialisten speelden hoog spel door af te zien van nieuwe bezuinigingen, maar de onverwachte ommekeer voltrok zich toch. De economie trok mede dankzij investeringen aan, de werkloosheid liep sterk terug en zowel het begrotingstekort als de staatsschuld ging omlaag. Het minimumloon werd verhoogd. Burgers kregen vertrouwen terug en durfden met een reeks van demonstraties meer te eisen.