Grote Monet-tentoonstelling in Kunstmuseum Den Haag

Waterlelies Claude Monet schilderde honderden keren de waterlelies in zijn tuin. Kunstmuseum Den Haag toont nu veertig van zijn werken.

Claude Monet, Blauweregen, 1917-1920. Olieverf op doek, 150,5 × 200,5 cm. Met een röntgenfoto werd vastgesteld dat onder het werk een voorstelling van waterlelies verborgen is.
Claude Monet, Blauweregen, 1917-1920. Olieverf op doek, 150,5 × 200,5 cm. Met een röntgenfoto werd vastgesteld dat onder het werk een voorstelling van waterlelies verborgen is. Foto Kunstmuseum Den Haag

Na meer dan dertig jaar komt er weer een Claude Monet-tentoonstelling in Nederland. Het Kunstmuseum Den Haag (zoals het Haags Gemeentemuseum sinds kort heet) toont in Monet – Tuinen van verbeelding veertig schilderijen van vooral waterlelies. Claude Monet (1840-1926) schilderde zijn waterlelies in de tweede helft van zijn leven, toen hij was gaan wonen in een klein dorp, Giverny, en bij zijn huis twee tuinen had laten aanleggen: een bloementuin en een watertuin met een waterlelievijver.

Kunstmuseum Den Haag bezit zelf drie werken van Claude Monet, waaronder Blauweregen (1917-1920), een doek van anderhalve meter hoog en twee meter breed. Met het oog op de tentoonstelling werd dit naar het restauratieatelier gebracht en is er een röntgenfoto van gemaakt. Onder de blauweregen bleek een groep waterlelies geschilderd.

Op de tentoonstelling zal dit werk worden gecombineerd met drie andere blauweregens van Monet, in totaal zijn er zeven van. Conservator Frouke van Dijke: „Eigenlijk was Blauweregen al een zeer bijzonder doek, er zijn van Monet maar zeven schilderijen in de wereld bekend met dit thema. Toch zijn juist de waterlelies iconisch voor Monet.”

In Giverny schilderde Monet honderden keren de reflecties op zijn waterlelievijver. Het is de meest productieve periode van zijn leven, op 74-jarige leeftijd begint hij nog aan de Grandes Décorations: een installatie van waterlelieschilderijen die als een panorama de bezoeker van de Orangerie in Parijs moesten omringen – en waarvoor hij honderden doeken schilderde op zoek naar de perfecte combinatie. De Grandes Décorations wordt na zijn dood geïnstalleerd in de Orangerie.

Kunstmuseum Den Haag organiseerde eerder samen met Kunsthaus Zürich een Monet-retrospectief: in 1952 markeerde die tentoonstelling volgens het museum „een kentering” in de waardering van de waterlelieschilderijen. Niet langer werden ze gezien als ouderwets en rommelig, maar ontstond er wereldwijde waardering voor de „haast abstracte kleurexplosies” ervan.

Monet – Tuinen van verbeelding. Kunstmuseum Den Haag, t/m 2/2/2020. Inl: kunstmuseum.nl