Foto Paul Ellis

‘Er ís een gedetailleerd plan, zoals de EU wil’

Stephen Barclay De Britse minister voor Brexitzaken is op tournee langs Europese hoofdsteden om te inventariseren welke pijnpunten er zijn, in aanloop naar de EU-top.

Als je op de tekentafel een politiek bestuurder zou ontwerpen die ‘op de boodschap’ moet blijven, bestaat een gerede kans dat daar iemand als Stephen Barclay uitrolt.

De Britse minister voor Brexitzaken uit het kabinet-Johnson, op tournee door EU-landen, herhaalt in een bondig interview in het Rotterdamse Hotel New York onvermoeibaar zijn kernpunten: „Nu is het moment een deal te sluiten.” Of: „We hebben serieuze voorstellen.” En: „Het is tijd dat we met de Europese Commissie over de details gaan onderhandelen.”

Barclay refereert aan de nieuwe Brexit-voorstellen die de regering-Johnson vorige week naar Brussel stuurde. Daarin pleit het Verenigd Koninkrijk voor het lozen van ‘de backstop’ uit het scheidingsakkoord. Dat is een soort verzekeringspolis die een open grens tussen Ierland en Noord-Ierland regelt als de EU en het VK na de Brexit niet spoedig genoeg een nieuwe handelsdeal sluiten.

‘Balanceren’

Voorstanders zien die backstop als onmisbaar voor de vrede op het Ierse eiland: een zichtbare, harde grens tussen noord en zuid kan de sektarische spanningen van weleer doen oplaaien. Tegenstanders, waaronder een groot deel van Barclays Conservatieve Partij, zien de backstop als ondemocratisch omdat deze niet eenzijdig kan worden opgezegd. Daar is altijd ook de instemming van de EU voor nodig.

Lees ook het opiniestuk: Wat Boris Johnson echt wil met Brexit

De nieuwe voorstellen van de regering-Johnson proberen volgens Barclay ‘te balanceren’ tussen de binnenlandse politieke bezwaren en de wensen van de EU. „We hébben bewogen om een compromis te sluiten. We moeten nu ook diezelfde spirit zien aan Europese zijde.”

Noord-Ierland vertrekt in Johnsons plannen weliswaar samen met het VK uit de douane-unie, maar blijft voor (agrarische) goederen onder bepaalde EU-regels vallen. Het Noord-Ierse parlement mag dan iedere vier jaar beslissen of het op die wijze door wil. De douanecontroles die in de nieuwe situatie nodig zijn, vinden plaats een eindje weg van de Iers/Noord-Ierse grens.

Al met al dus een goed voorstel, vindt Barclay. „We willen echt een deal, dat is belangrijk voor beide partijen.”

De reacties uit Brussel en bijna alle EU-hoofdsteden moeten deze week dan niet erg bemoedigend zijn geweest. De Franse president Macron zei bijvoorbeeld dat er komende vrijdag iets echt werkbaars op tafel moet liggen.

„Maar dat is ons hele punt: er lígt een gedetailleerd plan. Dat hebben we gedeeld met de Commissie, zoals verzocht.”

Johnsons plan stuit op het Ierse eiland op massaal verzet. Het Noord-Ierse bedrijfsleven is tegen, net als alle politieke partijen, behalve de Democratic Unionist Party, de bondgenoten van de Conservatieven. De Ierse regering in Dublin, die richtinggevend is voor de EU, ziet het voorstel niet zitten. Tegenstanders vrezen onzekerheid als het parlement in Belfast iedere vier jaar kan beslissen dat het zich niet meer aan de EU-regels houdt, waardoor de grens opeens hard kan worden. Ze zijn bang dat de unionistische DUP zoiets misschien zou voorstaan en de maatregelen op een gegeven moment wegstemt.

Lees ook: Rockster Johnson knalde niet

Wat vindt u van de Noord-Ierse kritiek?

„Er zijn veel mensen in Noord-Ierland die niet willen vertrekken uit de EU. Die opvatting is in strijd met een democratische beslissing die is genomen in het gehele VK. We kunnen niet selectief zijn in welke uitslagen we wel en niet eerbiedigen. Er zijn er ook die de backstop willen, maar die is drie keer verworpen in het parlement. Dat kwam mede doordat de DUP vond dat de gemeenschappen in Noord-Ierland er iets over te zeggen moesten hebben.”

Dat binnenlands Britse aspect, een deal door het parlement krijgen, lijkt belangrijker dan de bezwaren van de EU.

„Tja, de vorige keer hadden we wél een deal met de EU, maar kwam dat vervolgens niet door het Lagerhuis. Dus het is belangrijk om niet dezelfde fouten te maken als de vorige regering. Toen de premier vorige week zijn plannen toelichtte in het Lagerhuis, zag je signalen dat Lagerhuisleden die eerder tegen een deal waren, nu voor zijn. Dat geldt voor de Brexitvleugel binnen mijn eigen partij. Maar ook velen die onlangs de Conservatieve fractie hebben verlaten omdat ze tegen No Deal zijn, hebben aangegeven het te zullen steunen. Hetzelfde geldt voor de DUP en een aantal oppositieleden.”

Je kunt je afvragen: wat doet u in allerlei Europese steden, als er nu juist gewicht nodig lijkt in Brussel voor een doorbraak? Volgende week donderdag begint de EU-top en moet er een deal liggen.

„De taskforce (het team van EU-onderhandelaar Michel Barnier) heeft aangegeven dat het openstaat voor een gesprek, maar niet over de details. Aangezien de 27 EU-landen de voornaamste belanghebbenden zijn, is het goed om te inventariseren wat voor vragen er in hoofdsteden nog leven.”

Barclay geeft aan dat de bal wat hem betreft in Brussel ligt. Maar tegelijk zegt hij: „Het is belangrijk dat iedereen het concept van instemming door het Noord-Ierse parlement begrijpt en omarmt. Dan kunnen we daarna praten over hoe dat er precies uitziet.” Met andere woorden: daar zit nog ruimte bij het VK.

Lees alles over de Brexit in het Brexit-blog

Ondanks zijn „constructieve” gesprek maandag met collega Stef Blok (Buitenlandse Zaken), liet die laatste direct na Barclays vertrek weten dat er nog veel vragen openliggen en dat er van een doorbraak dus nog lang geen sprake is.

Als Barclay het gesprek op een eventuele No Deal-Brexit brengt en deze nog steeds niet uitsluit, bemerkt hij de opgetrokken wenkbrauw aan de overzijde van de tafel. Er ligt immers een wet die Johnson opdraagt een No Deal te vermijden. En hij heeft beloofd zich aan die wet te houden.

Barclay desalniettemin: „Het gevaar is dat we op de 31ste vertrekken als er geen deal is. Dat is schadelijk voor beide kanten. En stel nou dat we níet vertrekken en er nieuwe verkiezingen komen. Dan is een scenario dat onze premier terugkeert met een meerderheid en een verharde Brexit-positie. Dat is slechter dan de huidige situatie.”