De schop was voor keukenhulp Li de druppel

Wie: Li F.(45)

Kwestie: Baas met hakbijl geslagen

Waar: Utrecht (rechtbank Midden-Nederland)

De Zitting

Twee snijwonden op zijn hoofd, een van 6 centimeter en een van 9. Bloed in de hersenen onder een van de snijwonden. Dat waren de verwondingen die de eigenaar van een Chinees wokrestaurant had nadat een werknemer hem in de keuken te lijf ging met een hakbijl.

Toen de echtgenote van de eigenaar de keuken binnenkwam, zag ze hoe haar bloedende man werd vastgehouden door de keukenhulp, Li F. (45). Hij had de bijl in zijn handen.

Ze wist dat haar man ontevreden was over Li’s werk in de keuken. Nadat hij in 2017 uit China was gekomen, was al snel gebleken dat hij geen ervaring had als kok – de baan waarvoor hij was gekomen. Als keukenhulp was Li volgens haar man te langzaam.

Li zegt dat zijn baas hem kleineerde, uitschold en mishandelde. Dat hij werd uitgescholden, is een keer gehoord door een andere medewerker, maar niemand bevestigt dat hij fysiek mishandeld werd.

Na anderhalf jaar explodeerde hij, toen de eigenaar hem tegen zijn kont schopte. De eigenaar heeft bevestigd dat hij Li een „tikje” gaf met zijn voet om hem aan te sporen te doen wat hij hem had gevraagd. Dat de eigenaar Li’s reactie niet had zien aankomen, bleek wel uit het feit dat hij hem aanspoorde op het moment dat Li een hakbijl in zijn handen had.

Als de zaak door de rechtbank wordt behandeld, zit Li acht maanden in voorarrest. Hij draagt een verfomfaaid wit T-shirt. Een tolk vertaalt zijn woorden, die geëmotioneerd lijken te worden uitgesproken. Gedragswetenschappers concludeerden dat hij vermoedelijk benedengemiddeld intelligent is, maar zeker daarvan zijn ze door de taalbarrière niet. Li kan lezen en schrijven in het Chinees, maar heeft hulp nodig als hij officiële formulieren moet invullen.

De eigenaar van het restaurant is ook bij de zitting. Hij meldde zich bij de balie van de rechtbank als „het slachtoffer”. Ook hij spreekt nauwelijks Nederlands. Als Li aan het woord is, schudt hij soms ‘nee’.

De voorzitter van de rechtbank vraagt Li of er iets speciaals was gebeurd, die dag. Li legt uit dat hij het pesten al zo lang had verdragen, dat hij er ineens niet meer tegen kon. „Waarom liep u niet weg toen u boos werd?”, vraagt één van rechters. „Ik had niemand en geen plek om heen te gaan.”

„Wist u dat uw baas niet tevreden was over u?”

„Dat zei hij om me minder loon te kunnen geven.”

Na de aanval in de keuken heeft Li aangifte gedaan van uitbuiting. Het OM heeft die aangifte „serieus opgepakt”, zegt officier A. Fellinger, maar heeft geen aanwijzingen gevonden dat Li werd uitgebuit. „Je mag in Nederland langer dan 40 uur per week werken”, zegt zij. Li woonde weliswaar boven het restaurant, maar kon buiten werktijd gaan en staan waar hij wilde. Dat blijkt wel uit het feit dat hij geregeld in het casino kwam. „Zijn baas was misschien niet de beste werkgever van Nederland”, zegt de officier. „Misschien was het zelfs een slechte werkgever, maar dat is niet strafbaar.” Wat haar betreft is poging tot doodslag bewezen.

Volgens Li’s advocaat kreeg hij op papier misschien voldoende betaald, maar was er sprake van een schijnconstructie omdat hij in cash een deel van het geld moest teruggeven. Li heeft twee kinderen en een vrouw in China. Zijn advocaat vindt dat sprake was van psychische overmacht. Toegeven dat het niet lukt om in het buitenland inkomen te genereren voor je gezin, was vanuit Li’s perspectief geen mogelijkheid. Zeker niet in het licht van de Chinese cultuur, zegt de advocaat, waarin loyaliteit en onderdanigheid belangrijk zijn.

De rechtbank vindt dat Li wel andere opties had, zoals stoppen met het werk. Dat er in de Chinese cultuur druk is om inkomen te genereren, maakt dat niet anders. Met zijn daden heeft Li bewust de kans aanvaard dat hij zijn baas dodelijk zou verwonden. Hij krijgt een gevangenisstraf van 24 maanden. Daarna zal hij het land moeten verlaten, want zijn verblijfsvergunning is verlopen.