Met de beoogde EU-buitenlandchef hoeft niemand zich te vervelen

Profiel Saai zal het in Brussel niet worden onder het socialistische zwaargewicht uit Spanje. Borrell roept ook weerstand op.

De 72-jarige Josep Borrell houdt er stevige meningen op na.
De 72-jarige Josep Borrell houdt er stevige meningen op na. Foto Oscar Del Pozo / AFP

Hij noemde het Amerikaanse Venezuela-beleid „cowboy”-politiek. Hij sloot een omstreden deal met Rusland over het monitoren van nepnieuws in Spanje. Hij liep weg uit een BBC-interview omdat hij vond dat de interviewer teveel sympathie had voor de Catalaanse onafhankelijkheid. Hij ging tweemaal in zijn lange carrière onderuit vanwege belangenverstrengeling. En hij noemde de baan waarvoor hij begin juli werd genomineerd, die van Hoge Europese Vertegenwoordiger voor het buitenlandbeleid, een „hondenbaan”.

In het gezelschap van Josep Borrell, nu Spaans minister van Buitenlandse Zaken, hoeft niemand zich te vervelen. De 72-jarige Catalaan, een bakkerszoon die als jongen zijn vader brood hielp bezorgen op een ezel, is iemand met enorme politieke ervaring én een man die er stevige meningen op nahoudt.

Borrell, lid van de socialistische PSOE, is een autonoom denker. Hij is op zijn gemak in volkse cafés, maar ook belezen en citeert filosofen en historici. Bij politici kom je dat niet vaak meer tegen. Van een gesprek met Borrell steek je veel op over Spanje, Europa en de mensheid in het algemeen. Dat hij flinke weerstand opwekt, is niet verwonderlijk. Op sociale media voeren sommigen campagne tegen zijn Brusselse benoeming. Hij heeft eens gehandeld met voorkennis, een andere keer gaf hij neveninkomsten niet op. Beide keren moest hij diep door het stof. Mede daardoor zal het Europees Parlement hem tijdens een hoorzitting deze maandag het vuur na aan de schenen leggen.

Lees ook: Het Europees Parlement stookt de grill flink op

Vliegtuigbouw

Borrell is een van de laatste zwaargewichten uit de socialistische school van het Spanje van na Franco, gedomineerd door kopstukken als Felipe González. Hij studeerde vliegtuigbouw in Madrid en ging later naar de Stanford-universiteit. Hij begon zijn carrière in 1979 als raadslid in een randgemeente van Madrid. González gaf hem een post op het ministerie van Economische Zaken. Daarna was hij staatssecretaris van Begroting en later Financiën, en minister van Openbare Werken en Transport. In 2000 werd hij tot lijsttrekker van de PSOE gekozen. Hij trok zich terug omdat twee mensen die hij op het ministerie had aangenomen, betrokken bleken bij een financieel schandaal. Hem trof geen blaam, het gebeurde wel onder zijn verantwoordelijkheid.

Daarna trok Borrell de PSOE-lijst voor het Europees Parlement. De nieuwkomer werd meteen voorzitter, van 2004 tot 2007. Hij was geen houwdegen, zoals de latere voorzitter Martin Schultz. Hij maakte vaak een hoffelijke indruk. Als minister was Borrell vaak in Brussel geweest. Hij kende zijn dossiers, had een groot netwerk en wist hoe de hazen lopen in de Europese politiek. Hij was vijf jaar voorzitter geweest van de Europa-commissie in het Spaanse parlement, en had als deelnemer aan de Europese Conventie twee jaar lang permanent aan het Lissabonverdrag gewerkt. Mensen die in Brussel en Straatsburg met hem hebben gewerkt en anoniem willen blijven, zeggen dat hij altijd „staat voor zijn zaak” en „heldere keuzes maakt, gebaseerd op principes”.

Met Borrell stuurt de Spaanse premier Sánchez niet alleen zijn BZ-minister naar Brussel, ook zijn steun en toeverlaat. Sánchez belt Borrell continu, over alles. Iemand die hem laatst meemaakte, vertelt dat Borrell constant vijf meter achter je loopt, omdat hij Sánchez weer aan de lijn heeft. Borrell is Sánchez’ mentor voor buitenlandse zaken, begrotingsprocedures of partijzaken. Borrells (tweede) echtgenote is oud-minister van Milieu Cristina Narbona, nu voorzitter van de PSOE. Uit een eerder huwelijk met een Franse sociologe heeft hij twee zoons.

In een podiumgesprek, vorig jaar, zei Borrell: „De baan van Federica Mogherini is erger dan de mijne.” Zijn stelling is dat het niet de EU is maar de globalisering, die soevereiniteit van de Europese landen ‘afpakt’. De EU, betoogt hij, geeft lidstaten juist soevereiniteit terúg. „Tijdens de Golfoorlog had Spanje zijn troepen niet uit Irak kunnen terugtrekken als we de peseta nog hadden gehad”, schreef hij in een opiniestuk voor El Periodico, insinuerend dat Wall Street wraak zou nemen op zo’n anti-Amerikaanse daad. „Dan waren we meteen bezweken onder speculatieve aanvallen van internationale financiële markten. Zo ging de Franse franc onder Mitterrand onderuit. En denkt iemand echt dat Spanje boetes kan uitdelen aan Google zoals de Europese Commissie laatst deed?”

Als laatste zijn bord leeg

Volgens Borrell praten Europese politici er veel te weinig over met hun kiezers. Hij is wel een prater, heeft een wereldbeeld, is constant aan het betogen en overtuigen. Aan tafel heeft hij als laatste zijn bord leeg. Hij hamert erop dat op deze wereld een paar giganten de lakens uitdelen – de VS en China – en dat Europeanen alleen soms mogen meepraten omdat ze een groot economisch blok vormen. Nu die giganten steeds harder tegen elkaar opbeuken en Europa dreigen te vermalen, moeten EU-landen meer samenwerken, niet minder. Hij ziet dat veel Europese leiders hier niet voor durven kiezen.

Dat buitenlands-politieke beslissingen in de EU met unanimiteit worden genomen, ziet Borrell als groot obstakel. „De Europese invloed op het wereldtoneel neemt af”, zei hij deze zomer tijdens een debat in Madrid. Daarom noemde hij Mogherini’s baan – binnenkort waarschijnlijk de zijne – een hondenbaan.

Borrell is niet bang zijn nek uit te steken. Toen Catalonië de onafhankelijkheid wilde uitroepen, ging hij er als een van de weinige prominente Catalanen tegenin. Zo werd hij de stem van de meerderheid der Catalanen die bij Spanje willen blijven. „Je kunt trots Catalaan zijn en toch tegen onafhankelijkheid zijn.” Hij is nu niet meer welkom in zijn eigen dorp. Ook over Brexit is hij uitgesproken. De EU moet politiek meer integreren, „en als de Britten blijven, gaat dat niet lukken”.

Toen de Duitse minister Heiko Maas laatst voorstelde een humaner Europees migratiebeleid te voeren, steunde Borrell hem meteen. Samen met Frankrijk proberen Duitsland en Spanje een coalition of the willing te vormen, die drenkelingen op zee redt en een aantal van hen asiel of werkvergunningen geeft – op voorwaarde dat landen van herkomst de rest terugnemen. Dit is een actie naar Borrells hart. Hij verafschuwt de politiek van de korte termijn en pure emotie, waar veel politici mee scoren en waar ze het migratiebeleid al jaren mee gijzelen.

Spain is back!”, zei premier Sánchez toen Borrells nominatie bekend werd. Na jaren van crisis speelt Spanje weer een voortrekkersrol in Europa. Op migratieterrein. In discussies over Brexit en euro-hervormingen. Bij de EU-benoemingencarroussel. Dat is mede dankzij Borrell. Maar één horde moet hij nog nemen: zijn hoorzitting in het Europees Parlement. In Brussel houden sommigen hun hart vast. De verwachting is dat hij flink onder handen wordt genomen.