Lokale winkels moeten plaatsmaken in Crooswijk

Wijken De sluimerende vraag ‘van wie is Rotterdam’ wordt luider nu de woonvisie wordt uitgevoerd: minder goedkope woningen, meer koophuizen en dure huurwoningen. In Crooswijk moeten nu ook geliefde winkels wijken voor horeca en kanovaart.

Sira Minetti zit al bijna twintig jaar met haar meubelwinkel Nummer 13 in Crooswijk. Walter Herfst

De meubelzaak op de Linker Rottekade Nummer 13 bestaat bijna twintig jaar. De zaak is gespecialiseerd in stoelen, tafels, bureaus en lampen van Nederlandse en met name Rotterdamse meubelontwerpers uit de jaren ‘30 en ‘50. Aan het plafond in de hoek hangen ronde, glazen lampen. Kriskras om alle tafels en bureaus staan stoelen met de gewilde buisframes. Sommige zo goed als nieuw, met vakkundig gestoffeerde zittingen. Bij andere komt de vulling door de rafelende bekleding heen. In de hoek staat een groot, massief legergroen bureau. „Gispen”, zegt eigenaresse Sira Minetti. „Gebouwd vlak na de tweede wereldoorlog in opdracht van het Amerikaanse leger, vandaar de kleur.”

Bij Nummer 13 worden de meubelen niet alleen verkocht, de Rotterdamse restaureert de beschadigde of versleten stoelen, kasten en banken ook. Klanten uit heel Rotterdam, maar ook daarbuiten weten het zaakje te vinden voor een Gispen, De Wit of Cordemeyer. Nummer 13 leverde onder andere meubels aan Hotel New York en Dudok. Over precies een jaar komt daar waarschijnlijk een eind aan. De eigenaresse moet dan de deuren sluiten omdat de huur wordt beëindigd.

Bijna twintig jaar lang kon je op de Linker Rottekade terecht voor de meubels van Hollandse designers. Maar ook voor curiosa, antiek en kringloopartikelen, bij Schmitt Antiek. Deze zaak verdween al een half jaar eerder. „De corporatie heeft geëist dat ik eruit ga. Ze vonden mijn zaak niet meer passen bij de wijk”, zegt voormalig eigenaar Peter Schmitt. „Onbegrijpelijk, want ook de nieuwe bewoners uit de wijk kwamen bij ons kopen. Bovendien is het duurzaam wat wij doen.”

Crooswijk

Inmiddels worden kano’s verhuurd vanaf het pand op nummer 11. Stoffeerder Nizamettin Kaya, enkele deuren verderop, zit nog in onzekerheid. Begin dit jaar verhuisde hij van nummer 4 naar nummer 5. „Woonstad ging dat pand renoveren”, zegt hij. Een paar maanden later kreeg Kaya echter te horen dat hij waarschijnlijk toch niet in dit pand kan blijven.

Woonstad laat weten dat de belangrijkste reden voor het beëindigen van de huur de slechte funderingen van de panden is. Ook de toekomst van café Wandeloord op de hoek van de Linker Rottekade is om die reden nog onzeker. Woonstad: „We onderzoeken nog of en zo ja, onder welke condities, Wandeloord na herstel van het pand weer op de oorspronkelijke locatie terug kan keren, of dat het pand een nieuwe bestemming krijgt.”

Nieuw Crooswijk is een van de Rotterdamse wijken die sterk aan het veranderen is. Het is een ‘bakfietswijk’ geworden; een gangbare benaming voor wijken waar rijkere en hoogopgeleide mensen intrekken.

Sterke schouders

Dat is gemeentebeleid. De gemeente vermindert het aantal woningen voor mensen met lage inkomens, vooral in wijken met een hoge concentratie sociale woningbouw. Daar worden goedkope woningen gesloopt en vervangen door koopwoningen of duurdere huurwoningen om ‘sterke schouders’ te trekken, zoals nu in de Tweebosbuurt en de Wielewaal. In Nieuw Crooswijk, waar dat proces al langer aan de gang is, komt er nog bij dat de oever van de Rotte aangepakt wordt om aantrekkelijk te worden voor recreatie. Tegelijkertijd verdwijnen winkels met wortels in de wijk. Waarom? Is het onvermijdelijk dat door gentrification bijzondere winkels en voorzieningen verdwijnen?

Wandeling langs die arme, vieze Rotte

Allereerst die recreatie. Rotterdammers moeten vaker op en aan het water recreëren, is de ambitie die de gemeente formuleert in het Programma Rivieroevers 2019-2022. In de Crooswijkse bocht, dat ook een deel van de Linker Rottekade omvat, moet de stenige kade daarom plaats maken voor een natuurlijke brede oever met een ligweide aan het water en een steiger voor kanoverhuur. Ook moet er ruimte komen voor een terras, horeca en een buitensportcentrum. Woonstad bevestigt dat de nieuwe bestemming van de panden op deze locatie moeten passen binnen deze ‘visie’. Dat betekent dat er ruimte is voor recreatieve bedrijven, horeca of ambachtelijke bedrijven, zegt de corporatie.

Dat komt bovenop eerder ingrijpen. In 2004 besloten de gemeente Rotterdam en het Woningbedrijf Rotterdam dat stevig moest worden ingegrepen in Nieuw Crooswijk. De reden; de Rotterdamse volkswijk dreigde af te glijden. Als de belangrijkste oorzaak van de problemen werd de ‘eenzijdige, verslechterde, vooroorlogse woningvoorraad’ aangewezen . Dus kwam er een Masterplan Crooswijk met het voornemen 1.825 van de 2.097 woningen te slopen. Het aandeel sociale huurwoningen in de wijk zou dalen van 95 tot 34 procent.

Het Masterplan Crooswijk is overigens niet helemaal uitgevoerd. De Raad van State oordeelde in maart 2008 dat nieuw onderzoek moest komen naar de lucht- en kwaliteitseisen. Ook mocht er geen flat gebouwd worden bij de begraafplaatsen. Daarnaast brak de crisis uit. Uiteindelijk werden ruim 900 panden gesloopt.

Desondanks is de wijk nu, 15 jaar later, enorm veranderd. „Gentricifactie”, zucht bewoner en destijds actievoerder Menno Janssen over de massale sloop in zijn wijk. „Ze hebben letterlijk het sociale hart uit onze wijk gesloopt.” Een buurvrouw met een hoofddoekje groet hem als hij langsloopt. „Dag schat”, antwoordt hij. Verderop hangt een man met ontbloot bovenlijf uit het raam. Hij knikt als Janssen voorbij loopt. Natuurlijk had de wijk ook problemen zoals schulden en armoede. „Maar iedereen lette op elkaar en we vingen elkaar op.”

Vanuit zijn woning aan de Paradijslaan kijkt Jansen uit op lichte, ruime koopwoningen in plaats van op een vooroorlogs appartementencomplex. Op de stoep staan drie bakfietsen. „Het voelt nu alsof er een Berlijnse muur dwars door de straat loopt”, zegt Janssen. „Je merkt niets van die mensen. Hun kinderen spelen achter het hek op het binnenterrein.” De wijk is op papier verbeterd door de komst van de nieuwe woningen, zegt hij. „Maar niet voor de oorspronkelijke bewoners. Ik ben een heleboel vrienden en kennissen verloren, zij wonen nu verspreid over de hele stad.”

foto Walter Herfst

Nu de bewoners zijn veranderd, is het winkelaanbod aan de beurt, denkt Sira Minetti. De Crooswijkse machinerie, zoals zij het noemt, is opgerukt tot aan haar voordeur. Zo kwam er het eerder genoemde kanobedrijf. Verderop is een vegetarisch restaurant geopend. Dat steekt. „Daarvoor is dus wel plek”, zegt ze. „Onbegrijpelijk dat wij weg moeten”, vindt ook stoffeerder Joyce de Geuse, die al jaren werkt bij Nummer 13. „In Crooswijk zijn elektrische BMW’s inmiddels het nieuwe normaal. Om het leuk te houden, horen dit soort zaken met veel eigenheid er gewoon bij. Hier heb je de oer-Rotterdamse sfeer met gedreven vakmensen en lokale meubels. Dat zie je nergens anders.”

Verhipping

Nieuwe bewoners in de wijk, dus nieuwe winkels. Gaat dat altijd zo, of kunnen oude en nieuwe winkels naast elkaar bestaan? Door de komst van rijkere, hoger opgeleide nieuwkomers, komen er inderdaad vaak hippe restaurants, koffiebars en grotere winkelketens in de wijk. Dat concludeert het rapport De Invloed van Sterke Schouders. Onderzoekers Wenda Doff en Mariska van Sluis deden in 2017 literatuuronderzoek naar de gevolgen van het Rotterdamse woonbeleid. De komst van die koffiebars en ketens is een positieve ontwikkeling, want het zorgt voor een beter imago in de wijk, staat in het rapport. Maar er is ook een negatieve kant; de nieuwe voorzieningen, kunnen ten koste gaan van de huidige voorzieningen. „Door het enthousiasme hebben beleidsmakers vaak geen oog voor de oude voorzieningen en de functies die zij voor een deel van de buurtbewoners vervullen”, waarschuwt het rapport.

Risbo, een instituut verbonden aan de Erasmus Universiteit, deed vorig jaar onderzoek naar de komst van ‘kansrijke’ bewoners naar drie Rotterdamse wijken. De ondervraagde nieuwe en oorspronkelijke bewoners van het Oude-Noorden, Nieuwe Westen en Kralingen West vertelden de onderzoekers dat zij typisch Hollandse winkels en buurtcafés de afgelopen jaren uit hun wijk zagen verdwijnen. Er kwamen echter geen hippe tentjes voor in de plaats, maar vooral migrantenondernemers. Volgens de respondenten is er dan ook ‘geen sprake van verdringing door verhipping’. In eerdere onderzoeken naar gentrificatie werd deze doorgeslagen ‘verhipping’ wel geconstateerd, schrijven de onderzoekers in het rapport Nieuwe Buren.

De Tweebosbuurt wordt gesloopt

Sinds de sloop en de nieuwbouw loopt er ander en vooral ook minder volk op straat, zegt Sira Minetti. „Iedereen werkt overdag.” Dat inmiddels ‘beter gesitueerden’ in de wijk wonen vindt ze een positieve ontwikkeling. Het levert ook klanten op. „En ze zijn nodig om de stad te laten draaien.” Maar de gemeente en de corporaties zijn doorgeslagen, vindt de Rotterdamse. „In deze wijk kun je niets meer huren onder de 1.500 euro. Dat trekt vooral expats aan.”

Woonstad zegt in een reactie: „Contractueel gezien hebben wij geen verplichtingen naar mevrouw Minetti, omdat zij onderhuurder is.” Desondanks mocht ze twee verschillende opslagruimtes jarenlang om-niet gebruiken, meldt de corporatie. „Wij zijn Nummer 13 daarmee ruimschoots tegemoet gekomen.” Ook laat Woonstad weten haar elders te willen huisvesten als er mogelijkheden zijn.

Over de grootscheepse sloop en nieuwbouw in de wijk zegt Woonstad: „Nieuw-Crooswijk is van een eenvormige en stenige wijk veranderd in een gedifferentieerde wijk met veel verschillende type woningen en bewoners. Het masterplan is gemaakt in een andere tijd. Nu zouden we niet snel meer kiezen voor zo’n grootschalige aanpak.”