Lobbyisten helpen Oekraïense oligarchen

Corruptie Het Oekraïense zakenleven heeft grote aantrekkingskracht op Amerikaanse lobbyisten. Hoe komt dat?

Paul Manafort, Trumps voormalige campagneleider, bij zijn proces eerder dit jaar in de rechtbank van New York.
Paul Manafort, Trumps voormalige campagneleider, bij zijn proces eerder dit jaar in de rechtbank van New York. Foto Lucas Jackson/ Reuters

Hunter Biden is niet de eerste die struikelt door een zakelijk avontuur in Oekraïne. De afgelopen tijd trok een parade van Amerikaanse lobbyisten door het Oost-Europese land. Tot nog toe is Paul Manafort, in 2016 Trumps campagneleider, de bekendste. Als lobbyist werkte hij tussen 2004 en 2014 voor verschillende oligarchen, waaronder Viktor Janoekovitsj, Rinat Achmetov en de Rus Oleg Deripaska. Die activiteiten vormden een belangrijk element in het Rusland-onderzoek van speciaal aanklager Robert Mueller. Manafort en zijn zakenpartner Rick Gates werden eerder dit jaar wegens fraude veroordeeld. Donderdag meldden Amerikaanse media dat Trumps advocaat Giuliani de laatste maanden regelmatig op bezoek kwam in Manaforts cel om belastende informatie over de Bidens te krijgen.

Ook in andere politieke dossiers wemelt het van de Oekraïense, Amerikaanse en Russische dwarsverbanden. En dat is niet heel vreemd, zegt Yevhen Mahda, directeur van het Instituut voor Wereldpolitiek in Kiev telefonisch. Oekraïne is al decennialang een belangrijke pion in het politieke spel tussen Europa, Amerika en Rusland. Dat blijkt ook uit de miljarden die het van VS en EU ontvangt.

Lees ook: Wat deden de Bidens in Oekraïne?

Reputatie oppoetsen

Daarnaast heeft het land een lange ontwikkelingsachterstand op het Westen die het graag wil inhalen, meent Mahda. „Oekraïne heeft veel potentie, wat het ook zinvol maakt om westerlingen in te zetten.” Maar Oekraïense zakenlui hebben zo hun eigen redenen om hun bedrijven tegen betaling van vaak miljoenen dollars te verbinden aan Amerikaanse namen. „Het is een perfecte manier om hun reputatie op te poetsen en buitenlandse invloed te verwerven”, zegt Mahda. „Zo hopen ze als het ware hun zonden af te kopen, maar wat ze erbij krijgen is extra internationale belangstelling voor hun zakelijke activiteiten.”

Die aandacht is er. Niet alleen de Amerikaanse politiek, ook journalisten en experts hebben vragen over bijklussende Amerikaanse lobbyisten, ook al doen die juridisch niets verkeerd. Naar aanleiding van Hunter Biden schreef corruptiedeskundige Sarah Cayes deze week in een opiniestuk in The Atlantic. „Hoe werd de handel in invloed om de carrières van weerzinwekkende wereldleiders te polijsten in ruil voor grote betalingen een zakelijk model? Waarom laat de Amerikaanse elite zichzelf – en ons – geloven dat dit acceptabel is?”