Het streven naar perfectie vertroebelde het oordeel van atletiekcoach Alberto Salazar

Schorsing Alberto Salazar (61), de atletiekcoach van Sifan Hassan, werd deze week voor vier jaar geschorst. Uit de bewijsstukken tegen hem wordt duidelijk hoezeer hij de grenzen opzocht in het Nike Oregon Project.

Alberto Salazar in 2015 tijdens de WK atletiek in Beijing.
Alberto Salazar in 2015 tijdens de WK atletiek in Beijing. Foto Kin Cheung/AP Photo

Er is een foto uit 1981 van de Amerikaanse atleet Alberto Salazar die over de finish strompelt van de New York-marathon. Zijn armen in de lucht, vuisten gebald, ogen neergeslagen, vlak voordat het witte finishlint uiteen valt. Op de borst van zijn loopshirt staat een klein logo van Nike.

Alberto Salazar, zoon van een Cubaanse vader die ooit met Fidel Castro sympathiseerde, zou het logo ook op de biceps van zijn linkerarm laten tatoeëren. Hij raakte goed bevriend met de oprichter van het grootste sportbedrijf op aarde. In 2001 wilde Nike hem als hoofdcoach toen het bedrijf begon met het Nike Oregon Project, een niet eerder geziene combinatie van sport en commercie in de vorm van een trainingsgroep van de beste (westerse) langeafstandslopers. Het idee was om de sportieve macht van Afrikaanse marathonlopers te breken. Viervoudig olympisch kampioen Mo Farah was lange tijd lid van de groep.

Alberto Salazar komt als eerste over de finish tijdens de New York-marathon in 1981. Foto Archief NRC

Doel van Salazar: de fysieke grenzen van zijn atleten verkennen, in een zoektocht naar records en prestige voor het bedrijf. Hij was er vertrouwd mee. Salazar ging tijdens een race ooit zo ver dat zijn lichaamstemperatuur tot boven de 42 graden steeg. Over zijn baan als Nike-coach zei Salazar: „Het is mijn werk om jonge toptalenten tot het randje te begeleiden en ervoor te zorgen dat ze er niet overheen vallen.”

Alberto Salazar werd deze week voor vier jaar geschorst als atletiekcoach door de Amerikaanse anti-dopingautoriteit USADA. Hij heeft geëxperimenteerd met het verboden middel testosteron, probeerde dopingcontroles te beïnvloeden en heeft druk uitgeoefend op atleten om via een infuus het middel l-carnitine toegediend te krijgen. Dat is een antioxidant waardoor vet in het lichaam wordt omgezet in energie. Het supplement is op zichzelf niet verboden, maar wel als het in grote hoeveelheden via een infuus wordt gegeven.

Salazars werkwijze lag al jaren onder vuur, door onthullingen in een BBC-documentaire uit 2015 en eerder uitgelekt USADA-onderzoek. Toch is de schorsing een groot schandaal in de atletiekwereld en heeft de uitspraak directe gevolgen voor meerdere topatleten.

De Nederlandse langeafstandloper Sifan Hassan, die vorige week in Doha wereldkampioen werd op de 10.000 meter en deze zaterdag de finale van de 1.500 meter loopt, is haar coach kwijt, minder dan een jaar voor de Olympische Spelen van Tokio.

De bewijsstukken die deze week door USADA openbaar werden gemaakt laten gedetailleerd, en voor het eerst, zien hoezeer Salazar de grens van het toelaatbare opzocht. Prestatieverbetering werd in zijn ogen niet alleen op de atletiekbaan van de Nike-campus behaald, maar ook met hulp van de medische wereld.

Verboden injecties

Op 5 januari 2012, om 15.27 uur, krijgen de Amerikaanse topatleten Dathan Ritzenhein en Galen Rupp een e-mail van hun coach: „Als jullie wordt gevraagd of je een infusie hebt gekregen, dan zeg je ‘nee’. L-carnitine en ijzer toedienen zoals wij dat hebben gedaan wordt geclassificeerd als een injectie. We hoeven er geen melding van te maken, niet via het onlineformulier en niet tijdens een dopingcontrole. Dank – Alberto.”

Alberto Salazar is enthousiast geraakt over een nieuw supplement dat in het Verenigd Koninkrijk is ontdekt. Voor hij het mailtje stuurt, is hij er al maanden mee bezig. Hij heeft zijn marathongroep al een keer gemaild dat ze „het allerbeste supplement voor duurlopers” verplicht moeten nemen – „jullie beginnen er allemaal meteen mee.”

Het gaat om vloeibare l-carnitine, een middel dat atleten een energieboost geeft waardoor hun prestaties kunnen verbeteren. Het staat niet op de anti-dopinglijst en juist dat maakt het volgens hem zo perfect.

De coach komt er al snel achter dat het 24 weken duurt voordat het middel in het lichaam dusdanig is opgebouwd dat het effect heeft. Dat duurt hem te lang, zeker omdat langeafstandsloper Dathan Ritzenhein al veel eerder belangrijke kwalificatiewedstrijden heeft. Salazar stuurt een mail aan zijn assistent-coach Steve Magness, waarin hij hem vraagt te onderzoeken of het middel ook geïnjecteerd kan worden of via een infuus ingebracht. „Check even bij dokter Brown of het kan volgens de regels van [anti-dopingbureau] WADA”, schrijft hij.

Er is intensief contact met verschillende artsen, onder wie endocrinoloog Jeffrey Brown, die als consultant aan het Nike-project was verbonden. Ook Brown werd deze week voor vier jaar geschorst en mag in die periode geen functies in de sport bekleden. Op 15 november 2011 mailt Salazar aan Brown: „Hi dr. Brown, wat gebeurt er als we het gewoon testen op [de atleet] Dathan? We hebben niets te verliezen. Als het werkt dan gaan zijn l-carnitinelevels sneller omhoog. Zo niet, dan ondervindt hij er geen schade van.”

Alberto Salazar tijdens de nationale atletiekkampioenschappen van de VS in 2015. Foto Andy Lyons/Getty Images AFP

Salazar en assistent-coach Magness besluiten dat het toch geen goed idee is om het middel, dat volgens artsen nog nooit betrouwbaar via een infuus is getest, aan een atleet te geven. Hun list: Magness wordt proefkonijn. In de kliniek van Brown krijgt hij 1.000 milliliter l-carnitine. Kort daarna doet hij met de trainingsgroep mee aan een looprondje. Anders dan normaal kan hij het tempo makkelijk aan.

Salazar is opgetogen. Hij e-mailt zijn vriend Lance Armstrong, die zeven Tourzeges moest inleveren nadat hij dopinggebruik bekende: „Lance, bel me zo snel mogelijk! We hebben het getest en het is geweldig! […] Het is echt ongelofelijk. Helemaal legaal en natuurlijk.” Ook Nike-baas Mark Parker en directeur innovatie Tom Clarke krijgen een enthousiast mailtje over het experiment.

Salazar besluit dat zijn atleten ook aan de l-carnitine moeten. Ze worden naar de dokter gestuurd waar ze een paar uur aan een infuus moeten liggen. Per mail vraagt Salazar meerdere keren aan anti-dopingautoriteit USADA hoeveel hij kan toedienen om nét niet over de grens te gaan. Een medewerker mailt hem terug: 50 milliliter van een niet-verboden vloeistof per infuus. Dat is veel minder dan de 1.000 milliliter die proefkonijn Magness kreeg.

Sluitend bewijs dat atleten méér kregen dan de toegestane hoeveelheid is er niet. Jeffrey Brown hield zijn medische dossiers niet goed bij, en ook de atleten zelf wisten niet wat er met hun lichaam gebeurde. De cultuur op de Nike-campus was: geen vragen stellen. Of, zoals USADA-baas Travis Tygart het deze week tegenover het Duitse televisiestation ZDF verwoordde: „De sporters hadden geen idee wat er met hen gebeurde en wat ze toegediend kregen (...) Ze werden naar de dokter gestuurd met de boodschap dat ze hem moesten vertrouwen en naar hem moesten luisteren.”

De claim van Salazar in zijn mail aan Armstrong en de Nike-bazen dat zijn praktijken legaal zijn houdt geen stand. Magness had nooit zo’n hoge dosis van het supplement mogen krijgen. En wat te denken van het mailtje aan zijn topatleten dat ze hun mond moesten houden tegen de dopingcontroleurs ? Het geldt, zo blijkt uit de uitspraak, als een verboden poging tot beïnvloeding. En het was niet de eerste keer dat Salazar over een grens ging.

Testosteron testen op zoons

Op 30 juni 2009 neemt Alberto Salazar een urinestaal af bij zijn twee zoons: Tony en Alex. Hij spuit daarna een beetje AndroGel in zijn hand en wrijft hun rug ermee in. In de gel zit testosteron, een prestatiebevorderend middel dat op de dopinglijst staat. De testosteron is eigendom van Salazar – hij gebruikt het tegen een aandoening die hij heeft.

Tony en Alex werken ook bij het Nike Oregon Project. Ze zijn geen atleten. De test wordt afgenomen in een klimaatkamer op de enorme Nike-campus in het plaatsje Beaverton. Het experiment is volgens Salazar nodig om „sabotage te voorkomen.” Tijdens een race is topatleet Galen Rupp over zijn rug gewreven door een tegenstander en in de Nike-groep is iedereen meteen bang voor een valsstrik. Zijn atleten mogen van Salazar geen high-fives geven aan tegenstanders of hen niet aanraken na een race, omdat hij bang is dat er een gel met een verboden middel op hun lichaam terechtkomt. Drinkflessen mogen ze nooit onbeheerd achterlaten. Daarom is Salazar naar eigen zeggen ook zo geschrokken van het verhaal dat Rupp hem heeft verteld. Hij wil nu testen of het überhaupt kán om op die manier gesaboteerd te worden.

De werkwijze van Salazar met zijn zoons heeft overeenkomsten met die bij de l-carnitine. Niet alleen worden mensen die dichtbij hen staan proefpersoon en krijgen ze een verboden stof, ook lijkt Salazar te vergeten dat hij een wereldberoemde atletiekcoach is die zich heeft te houden aan hoge ethische waarden en normen. Want deed hij dit experiment inderdaad om „sabotage te voorkomen”, of wilde hij juist – zoals USADA denkt – testen hoe ver hij met een verboden middel kon gaan zonder gepakt te worden tijdens een dopingcontrole?

Atleten hebben verklaard dat Salazar „geobsedeerd” is door hun testosteronspiegel. Salazar en Brown mailden inderdaad voortdurend over de testosteronspiegels van hun atleten en delen medische informatie zonder dat de sporters dat weten.

Net als bij de l-carnitine zijn Nike-leidinggevenden op de hoogte van de experimenten met de testosterongel op de zoons van Salazar. Op 7 juli 2009 mailt Brown aan Nike-baas Mark Parker over de tests in de klimaatkamer. Hij schrijft dat hun testosteronspiegels zijn gestegen, maar nog niet tot een niveau „dat zou leiden tot grote zorgen”. Hij schrijft ook dat ze gaan proberen om méér testosteron toe te dienen, om „de minimale hoeveelheid gel te bepalen die een probleem zou vormen”. Dan blijkt ook dat de Nike-directeur, zelf een fervent hardloper, enthousiast is. Hij schrijft: „Het zou interessant zijn om te bepalen wat de minimale hoeveelheid van het mannelijke hormoon is om tot een positieve test te komen.”

Interessant, maar wel verboden. Want Salazar had zijn eigen testosteron helemaal niet aan anderen mogen toedienen. Daarmee is hij, net als op andere momenten, een grens overgegaan, staat in de uitspraak. De juristen schrijven in hun conclusie dat ze een coach aan het werk hebben gezien die weliswaar zijn best heeft gedaan om binnen de regels te opereren, maar op verschillende momenten is doorgeslagen in zijn wil om medische experimenten uit te voeren die hem zouden helpen om te winnen.

Zoals vaker in het leven van Alberto Salazar heeft zijn streven naar het hoogste uiteindelijk zijn „beoordelingsvermogen vertroebeld”.

Dit artikel is gebaseerd op de uitspraken van honderden pagina’s in de zaken tegen Alberto Salazar en Jeffrey Brown, een statement van Salazar, een statement van USADA, de BBC-documentaire ‘Catch me if you can’ (2015) en passages uit het boek 14 Minutes: A Running Legend's Life and Death and Life (2012)