Erasmus-onderzoek naar lek bij faculteit zonder resultaat afgerond

De Erasmus Universiteit liet onderzoeken of een medewerker met NRC had gesproken. Aanleiding is een publicatie over plagiaat door professor Van den Boom.

De Erasmus Universiteit in Rotterdam.
De Erasmus Universiteit in Rotterdam. Foto Koen Suyk/ANP

De Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) heeft de zoektocht gestaakt naar een lek dat een bron van informatie zou zijn geweest voor een artikel in NRC. De onderzoekers wilden weten of een medewerker van de faculteit ESHCC informatie had doorgegeven aan de journalist die schreef over plagiaat door professor Dymph van den Boom. De bron is niet gevonden, zegt het College van Bestuur van de universiteit vrijdag. Het onderzoek is afgesloten, er zijn geen maatregelen getroffen.

NRC berichtte in juni van dit jaar dat Dymph van den Boom, toen net vertrokken als bestuurder aan de de Erasmus School of History, Culture and Communication (ESHCC) en eerder jarenlang rector magnificus van de Universiteit van Amsterdam, zich schuldig heeft gemaakt aan plagiaat.

Van den Boom zou onder meer in haar proefschrift en in toespraken stukken tekst hebben overgenomen van anderen zonder (duidelijke) bronvermelding. Dat terwijl zij en de Erasmus Universiteit tegen dergelijke praktijken ageerden. Dat het plagiaat zou hebben plaatsgevonden toen Van den Boom nog niet in Rotterdam werkte, deed volgens een woordvoerder van EUR niet ter zake. Het onderzoek ging erom „het zelfreinigend vermogen van de gehele academische gemeenschap aan te spreken”, mailt hij.

Lees ook: Hoe de oud-rector van de UvA plagieerde in speeches en proefschrift

Omstreden advies

Vlak voordat NRC het artikel over plagiaat publiceerde, bracht Van den Boom als interim-decaan aan de ESHCC een advies uit over de toekomst van die faculteit. De universiteit brengt die discussie nu in verband met het mogelijke lek binnen de ESHCC omdat het advies op veel weerstand was gestuit.

Het artikel in NRC „was aanleiding voor discussies, creëerde een sfeer van onveiligheid en was beschadigend voor de betrokken persoon”, schrijft het college in een verklaring. Voor plagiaatbeschuldigingen bestaan binnen de universitaire wereld „geëigende procedures” die hier niet zijn gevolgd, aldus de universiteit.

De universiteit besloot tot een forensisch onderzoek door een extern bureau naar aanleiding van „concrete signalen” dat een medewerker van de faculteit ESHCC met NRC heeft gesproken. Het college noemt dat „een ernstige zaak”. „Juist om medewerkers te beschermen” kreeg het bureau de mogelijkheid om onder meer de e-mails van medewerkers door te lichten. De auteur van het artikel in NRC, Frank van Kolfschooten, laat zich over zijn bronnen niet uit.

Een open brief waarin UvA-hoogleraar Olav Velthuis de Erasmus Universiteit oproept het onderzoek naar het lek te staken, is door circa 440 wetenschappers op universiteiten in heel Nederland ondertekend. Volgens Velthuis schiep het onderzoek een angstcultuur en schond het de privacy van ESHCC-medewerkers.

De EUR blijft erbij dat ze zorgvuldig te werk is gegaan. Het besluit om een onderzoek te openen is „na een grondige afweging genomen”, aldus de woordvoerder van de universiteit. „We staan achter ons besluit over dit onderzoek. [...] Het zoeken van publiciteit in plaats van het volgen van de geëigende procedures leidt tot een onveilige werkomgeving.”