‘De week zondag samen starten, dat is heilig’

Spitsuur Hilke Grootelaar (30), Rosanne Meulenbeld (30) en Emilie Rademakers (28) huren samen een huis in Amsterdam. Alledrie vrijgezel, alledrie net een nieuwe baan. „We hebben echt een soort van gezinsleven.”

Emilie (rechts op de foto): „Het is alsof we samenwonen.” Rosanne (links): „Een beetje Modern Family.”
Emilie (rechts op de foto): „Het is alsof we samenwonen.” Rosanne (links): „Een beetje Modern Family.” Foto’s David Galjaard

Emilie: „Ik heb net mijn proefschrift afgerond in Leuven en start nu mijn job als universitair docent in Utrecht. Tijdens mijn promotieonderzoek heb ik een tijdje in Utrecht gewerkt, dus ik had hier nog een sociaal netwerk. Hilke ken ik nog uit die tijd.”

Hilke: „We zijn elkaar toevallig tegengekomen. Ik heb mijn proefschrift een jaar geleden afgerond en in het dankwoord noemde ik het vriendschap op het eerste gezicht. Vanaf dat moment zijn we iedere zomer samen hike-vakanties gaan doen: Noorwegen, daarna Peru. Rosanne en ik woonden hier al, met een stel, maar die zijn gaan samenwonen.”

Rosanne: „Met elkaar wel, haha.”

Hilke: „Toen kwam er een kamer vrij. We hadden toevallig al een hike-vakantie met zijn drieën geboekt.”

Emilie: „Dat was eigenlijk een soort introvakantie.”

Hilke: „Een spoedcursus.”

Emilie: „We hebben alle drie net een nieuwe baan, zijn alle drie een nieuw hoofdstuk samen gestart. Dat geeft een gevoel van mogelijkheden.”

Hilke: „Er gebeurt zo veel in een dag. Rosanne en ik maken ook een agenda van alle dingen die we nog ’s avonds moeten bespreken.”

Rosanne: „Dan appen we elkaar, ‘even voor vanavond: 1,2,3’.”

Emilie: „Als het zo uitkomt, eten we sowieso samen.”

Hilke: „Zondag starten we de week samen, dat is heilig.”

Rosanne: „De een doet boodschappen en de ander kookt. Ik woonde hiervoor nog met anderen samen in Amsterdam en dat voelde als studentenhuis. Maar dit voelt meer hecht, dat je samen echt je meubels hebt uitgezocht in plaats van dat je oom nog een bank over heeft die je ergens neer kan zetten.”

Emilie: „Het is meer alsof we samenwonen.”

Rosanne: „Een beetje Modern Family.”

Hilke: „Je wordt er ook bijna toe gedwongen in Amsterdam. Als je dit in je eentje wil huren, wens ik je succes.”

Rosanne: „We betalen 1.600 euro, daarvoor hebben we alle drie een slaapkamer, er is een woonkamer, een badkamer en een wc. En een badhok.”

Hilke: „En een berging beneden, daar staan onze fietsen – Rosanne en ik wielrennen allebei.”

Gezinsleven

Rosanne: „Ik sta tussen zeven en half acht op. Dan zwaai ik hen uit en ga ik de krant lezen.”

Emilie: „We hebben echt een soort van gezinsleven. Wij zeggen ook altijd tegen elkaar ‘Werk ze, fijne dag’.”

Hilke: „’s Avonds hebben we ook een routine. We zitten tot tien uur in de woonkamer, daarna staan we heel vaak met zijn drieën tegelijk tanden te poetsen. Om elf uur gaat het licht wel uit, haha.”

Emilie: „We werken alle drie ook best hard. Ik ben zelden thuis van werk voor zeven uur, half acht.”

Hilke: „Als ik wil fietsen, dan eet ik wel eens in de trein want dan wil ik om zeven uur op de racefiets zitten. Ik fiets vaak richting Marken. We zijn vanuit hier binnen twee minuten in Durgerdam op de fiets.”

Rosanne: „Amsterdam is ook zo’n fantastische stad om te zitten. Ieder weekend is er wel een festival.”

Emilie: „Of sporten die we uit kunnen proberen.”

Rosanne: „Spinnen, HIIT [high intensity interval training] of boulderen – dat heb ik laatst voor het eerst gedaan.”

Emilie: „Ik sport via One Fit, soms ook nog met collega’s na werk in Utrecht.”

Hilke: „Ik ben niet zo’n sportschooltype. In de winter doe ik wel een training om mijn fietsconditie op peil te houden. Zodra het maart is en de klok wordt verzet…”

Rosanne: „Maart?! Jij fietst ook in januari. Dan moet ik zeggen: ‘Het heeft gisteren gevroren Hil, kijk je uit?’ ”

Heilig

Rosanne: „We hebben heel veel geluk met deze plek. Toen ik net ging werken, heb ik nog geprobeerd een huis te kopen in Rotterdam, maar dat was heel lastig.”

Emilie: „Wij zitten hier niet omdat de dingen die we willen niet lukken, we hebben hier allemaal heel bewust voor gekozen. Wij zijn de lucky ones.”

Rosanne: „De krant op zondagochtend splitten we met zijn drieën uit, die is heilig. We staan alle drie graag vroeg op.”

Hilke: „Doordeweeks staan Em en ik om half zeven op, omdat we allebei naar Utrecht moeten. De avond ervoor stemmen we af wie er eerst gaat douchen.”

Emilie: „Dan schreeuwt de een naar de ander ‘Moet jij vroeg?’. Tussen half acht en kwart voor acht zijn we de deur uit.”

Hilke: „We doen alle drie ons eigen ding in de keuken. Het is niet zo dat we samen ontbijten.”

Rosanne: „Soms maak jij havermout voor mij in het weekend.”

Emilie: „Laatst werden we op zaterdag om half tien wakker. Dan kijken we wel naar elkaar van ‘wat is hier gebeurd?’

Hilke: „Toen waren we ook om half drie thuis.”

Emilie: „Haha, wilde tijden!”

Rosanne: „Het is wel redelijk gehorig, dus we slapen alle drie met oordoppen.”

Hilke: „Em kwam dinsdag thuis van een date. Wij lagen allebei al in bed en dachten: ze is nog niet terug, dus waarschijnlijk is het leuk. Toen kwam Em om half elf thuis en dan is het zo van ‘en, en, hoe was het?’ Dat bespreken we met zijn drietjes.”

Emilie: „Het geeft ons een gevoel van saamhorigheid.”

Hilke: „Je bent een beetje de toeschouwer in elkaars leven.”

Rosanne: „Als iemand blijft logeren, ontbijt hij de volgende dag mee. Dat is meteen een leuke test.”