Foto Merlijn Doomernik

‘Achteraf kan ik zien dat ik toen gek was’

Bipolair Gioia Fiorito (36) heeft een bipolaire stoornis. Over hoe ze omgaat met deze psychische ziekte is de korte film Gioia gemaakt, die draaide op het Nederlands Film Festival. „Mooie kleding en een verzorgd uiterlijk geven me houvast.”

Boven op de kast in de gang zit een verzameling kabouters. Twee vrouwtjes en vijf mannetjes. Ze zijn van haar vriend, zegt Gioia Fiorito (36), maar bij haar verschijnt ook een glimlach als ze ernaar kijkt. „Ik vind het leuk als volwassen mensen hun fantasieën mogen hebben.”

Voor Gioia Fiorito is de scheidslijn tussen fantasie en werkelijkheid dun: ze heeft een bipolaire stoornis. „Een stemmingsstoornis”, zegt ze, „met periodes van euforie en melancholie.” Het kan doorslaan in een depressie of een psychose, waarbij ze waanbeelden heeft en het contact met de werkelijkheid tijdelijk kwijt is.

Ook kan ze extreme dingen doen met ernstige gevolgen, zegt ze, zoals een auto kopen die ze niet kan betalen of ineens beslissen al haar kleding weg te geven. Ze sliep eens tien nachten achter elkaar niet omdat ze haar gedachten niet meer kon stoppen. „Na de manie beland je in een depressie en kan je niets meer, omdat je totaal uitgeput bent.” Over haar leven met deze psychische ziekte is een korte film gemaakt. Gioia van regisseur Laura Stek draaide afgelopen week op het Nederlands Film Festival.

Fiorito is elke dag bezig haar stemmingen onder controle te houden; als ze dat niet doet, kan ze ontsporen. Ze houdt enorm van muziek en dansen, maar durft zich niet volledig te laten gaan. In de film zegt ze: „Mezelf verliezen in dans of opgaan in een moment, daar genoot ik van. Maar nu is dat iets beangstigends geworden. Iets wat ik moet vermijden.”

In 2010 en 2012 is ze opgenomen geweest in een kliniek, en dat wil ze nooit meer. De eerste keer, op haar 26ste, zat ze weken in een isoleercel, maanden op de gesloten afdeling, zegt ze. Waarom zo lang? „In de kliniek geldt een systeem van straffen en belonen – als je je gedraagt, rustig bent, sport, je medicijnen neemt en geen lichamelijk contact hebt met andere patiënten, dan word je beloond, je krijgt je vrijheden terug. Dat moet duidelijk maken dat er grenzen zijn, en dat structuur goed voor je is. Maar ik kende dat concept helemaal niet. Mijn ouders hebben me niet zo opgevoed, dus ik was in de kliniek moeilijk te conditioneren.”

Het innerlijke kind werd bij ons thuis aanbeden

Gioia Fiorito

Ze groeide op in Amsterdam, met een zusje en een broer. Haar vader was kunstenaar, haar moeder therapeut met praktijk aan huis. Voor de kinderen was er weinig structuur, er waren weinig regels. „Bij de generatie van mijn ouders overheerste het gevoel voor vrijheid, de drang om je los te maken, anti-autoriteit. Daar geloofden ze in, dus ze waren ook geen autoriteit in ons gezin. Het innerlijke kind werd bij ons thuis aanbeden: verwondering en blijdschap waren aantrekkelijker dan politieagent spelen voor je kinderen.”

Iedereen was welkom om te blijven eten; patiënten van haar moeder, vrienden van haar ouders, artiesten, kunstenaars, zangers, dansers, toneelspelers. Fiorito voerde samen met haar zusje showtjes op. Ze bedacht toneelstukken, zong ‘Big Spender’ en danste in een buikdansjurkje door de kennissenkring. Dus orde, rust en regelmaat – nee dat was er niet.

Structuur is een toverwoord voor psychiatrische patiënten om grip op hun leven te krijgen. In de kliniek leerde Fiorito routine aanbrengen in haar dag, week, dagelijks leven. Ze staat nu vroeg op, eet op gezette tijden, wandelt elke dag acht kilometer langs de Amstel, houdt het huis schoon en netjes. Ze rookt niet meer, drinkt weinig alcohol en is gestopt met blowen.

Haar huis is kleurrijk, de muren in de keuken zijn blauw, in de woonkamer rood. Op het bed liggen een fluwelen donkerrode sprei en bontgekleurde kussentjes, de bank is blauw. Boven de spiegel prijken gouden veren en engeltjes met glitters. Veel kleur, maar geen rotzooi. Alles is geordend, schoon en opgeruimd.

Als ik heel sterk voel dat ik iets moet doen, moet ik het juist niet doen

Gioia Fiorito

Zij ziet er ook verzorgd uit: opgemaakte ogen, gouden lippenstift, goudgelakte nagels, vier strengen parels om haar pols, rode schoenen met een kleine hak. „Mooie kleding en een verzorgd uiterlijk geven me houvast om me goed te voelen.”

Ze laat foto’s zien die zijn gemaakt in de weken voordat ze werd opgenomen, toen de manie in aantocht was. Op eentje draagt ze een pruik, in haar mond een lolly. Haar blik is licht afwezig ook al kijkt ze recht in de camera. Op een andere foto is ze naakt, ingepakt in de Italiaanse vlag. Op een derde foto heeft ze twee verschillende sokken aan, een elegante rode jurk met daaroverheen een capuchontrui, een suède schoudertas met franjes en in haar hand een C1000-plastictas. „Achteraf kan ik zien dat ik toen gek was.”

Het lukt haar nu ruim zes jaar om haar leven op de rit te houden. Ze omschrijft haar aanpak als „contra-intuïtief”. „Als ik heel sterk voel dat ik iets moet doen, moet ik het juist niet doen.” Dus als ze zin heeft om naar een discotheek te gaan en gin-tonics te drinken, moet ze thuisblijven. Als ze supergraag een ex-vriend wil bellen, kan ze haar telefoon beter uitzetten. En op de dagen dat ze alleen thuis wil zijn met muziek, boeken, wierook en kaarsen, kan ze beter langsgaan bij haar zusje of een vriendin. Dat klinkt makkelijk, maar dat is het niet – ze heeft er jaren over gedaan om dit onder de knie te krijgen, zegt ze.

Haar stemming kan ze ook beïnvloeden met muziek. Stel dat ze verdrietig is, dan zijn er twee opties. De eerste: eraan toegeven. Haar playlist ‘Sad’ opzetten met (142) liedjes van Tracy Chapman, José González, Sade, The Beatles en Bob Dylan en haar verdriet de ruimte geven. Optie twee („als ik er geen zin in heb om me zo te voelen of simpelweg de deur uit moet”): haar lijstje ‘Joyful’ met nummers van Manu Chao, Sas, Pharrell en Jamie Cullum. „Muziek waar ik vrolijk van word, helpt me de knop omzetten.”

Het klinkt alsof ze het onder controle heeft, maar moet ze nou de rest van haar leven voorzichtig blijven leven? Oppassen dat ze niet uit de bocht vliegt? „Op een gegeven moment had ik rust, reinheid en regelmaat op orde. Ik snapte het, en ook dat het belangrijk is. Maar als je psychische problemen hebt en een structuur om je heen bouwt om jezelf te helpen, dan wordt die structuur weer je ziekte. Je kunt er niet meer van afwijken en dat ervoer ik op een gegeven moment als een belemmering.”

Lees ook: ‘Juist in een depressieve fase wil ik graag werken’

Ze experimenteerde voorzichtig met het doorbreken van bepaalde gewoontes. „Ik was altijd bang om naar buiten te gaan zonder make-up, dus ik dwong mezelf dat een week wel te doen. Ik heb ook twee maanden geen bh gedragen en heb bh-loos op een podium gedanst met performer Katie Duck. Daar heb ik geleerd dat ik mijn angst voor controleverlies soms kan loslaten en ruimte mag maken voor het toeval. De balans daartussen moet ik constant herzien. In het begin van mijn herstel was een strak ritme nodig, maar als ik mijn leven lang alleen maar huishoudelijke taakjes zou kunnen doen, ga ik dood van binnen. Nu merk ik dat het opwekken van levenslust net zo essentieel is als structuur. ‘Gioia’ betekent niet voor niets levensvreugde.”

De film Gioia van Laura Stek is online te zien bij NPO Start.