OVV: gemeente Den Haag en brandweer onderschatten risico's bij vreugdevuren

Vreugdevuren Scheveningen De Onderzoeksraad voor Veiligheid heeft zijn onderzoek naar de uit de hand gelopen nieuwjaarsvuren in Den Haag af. Afspraken werden niet gehandhaafd, toezicht van de gemeente ontbrak. Het moet voortaan anders.

De Haagse burgemeester Pauline Krikke neemt op Nieuwjaarsdag een kijkje in Scheveningen.
De Haagse burgemeester Pauline Krikke neemt op Nieuwjaarsdag een kijkje in Scheveningen. Foto Bart Maat/ANP

De gemeente Den Haag en de brandweer hebben het risico van vliegvuur bij de vreugdevuren op de stranden van Scheveningen en Duindorp onderschat. Dat concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) donderdagochtend in een rapport over de vuurstapels.

Hoewel beide wisten dat de vuurstapels te hoog waren, bleek „nergens” dat de gemeente heeft overwogen de vuren te verbieden. Er werd op Oudjaarsdag door de driehoek niet besloten om bijvoorbeeld het overschot aan pallets van de stapels af te halen en er werden geen sancties aan de bouwers opgelegd. Er waren meerdere momenten om te handhaven, maar dat is niet gebeurd.

De directeur Veiligheid van de gemeente en de brandweer hebben „een beperkte taakopvatting” gehad, schrijft de Onderzoeksraad. Zij hadden burgemeester Pauline Krikke (VVD) „op eigen initiatief” kunnen adviseren. Maar zij „heeft op dergelijke advisering ook niet aangedrongen”.

„Zowel de bouwers, als de hulpdiensten en de gemeente moeten meer verantwoordelijk nemen voor de veiligheid”, schrijft de OVV. Afspraken met de bouwers werden – ondanks eerdere incidenten – niet gehandhaafd, de gemeente hield geen eindmeting en hield geen toezicht op het ontsteken van het vuur.

Precieze afspraken

De Onderzoeksraad kon „niet eenvoudig” achterhalen wat de precieze afspraken waren tussen bouwers en gemeente – ook omdat de laatste de vuren gedoogde, maar „in tegenspraak met het eigen evenementenbeleid, niet de aangewezen vergunningsprocedure heeft doorlopen”.

Volgens de Onderzoeksraad werd met vliegvuur geen rekening gehouden, „ook niet” nadat een jaar eerder vliegvuur over de boulevard trok. „Het convenant [tussen gemeente en bouwers] is daarop niet geactualiseerd en de gemeente liet het risico op vliegvuur niet nader onderzoeken.”

Lees ook: de gemeente maakt de vreugdevuren mogelijk, de bouwers wanen zich de baas

Het vreugdevuur op Scheveningen, dat ieder jaar op het strand wordt opgebouwd uit duizenden houten pallets, liep rond één uur nieuwjaarsochtend uit de hand: vliegvuur, stukjes brandend materiaal, woei recht het dorp in. Daken en duinen vlogen in de brand, de Keizerstraat was één grote vuurregen. Uit de hele veiligheidsregio werden brandweerkorpsen ingezet om te blussen. Er vielen geen gewonden.

De stapels waren zowel op Scheveningen als op het strand van Duindorp te hoog. Op Scheveningen, zo concludeert de OVV nu, stonden ook „vaten diesel” en „aan de onderzijde van de stapel lagen losse pallets”.

De Onderzoeksraad adviseert dat de vuren in de toekomst „moeten worden benaderd als een publieksevenement met grote veiligheidsrisico’s”.

Het Haagse college zegt de kritiek van de OVV te herkennen en erkennen. Het „omarmt alle conclusies en aanbevelingen die de OVV doet”. „Daarom zullen de vreugdevuren niet langer via een gedoogconstructie met een convenant en onduidelijkheden over de geldende afspraken kunnen plaatsvinden.” Er zal dit jaar al met een vergunningsprocedure worden gewerkt.

Aanvulling (3 oktober 2019, 12.00 uur): Aan het eind van dit artikel is de reactie van het college van burgemeester en wethouders toegevoegd.