Corruptie stort Peru in politieke chaos

Zuid-Amerika In Peru botsen de regering en het Congres over corruptiebestrijding. Met twee presidenten neemt de onrust in het land toe.

Aanhangers van de Peruaanse president Martin Vizcarra protesteerden maandag voor het Congresgebouw in Lima.
Aanhangers van de Peruaanse president Martin Vizcarra protesteerden maandag voor het Congresgebouw in Lima. Foto Rodrigo Abd/AP

Een corruptieschandaal dat reeds vier (oud-)presidenten ten val bracht, heeft Peru deze week in de diepste politieke crisis in bijna dertig jaar gestort. President en Congres leveren er openlijk slag om de controle over het Constitutioneel Hof, maar de echte strijd draait om de aanpak van de endemische corruptie in het Zuid-Amerikaanse land.

De Peruaanse politiek wordt al jaren verlamd door het schandaal rond de Braziliaanse bouwreus Odebrecht. Dit bedrijf kocht in eigen land, maar ook in de rest van Latijnse-Amerika, jarenlang op grote schaal hoge politici om. Voor zeker 800 miljoen dollar aan steekpenningen verwierf het bedrijf overal op het continent grote klussen. In Peru bijvoorbeeld de metro van hoofdstad Lima.

Sinds de Braziliaanse justitie dit patronagenetwerk blootlegde via Operação Lava Jato (Operatie Wasstraat), raakten in de hele regio honderden politici in opspraak. In Peru bleek dat alleen al de vier laatste presidenten Odebrecht-geld ontvingen. Een van hen pleegde in april zelfmoord toen de politie hem wilde arresteren.

Referendum gewonnen

De huidige president Martín Vizcarra kwam begin 2018 aan de macht. Hij volgde toen als vicepresident zijn voorganger Pedro Pablo Kuczynski op, nadat ook die had moeten aftreden vanwege ‘Odebrecht’. Vizcarra greep het diepe wantrouwen in de politiek aan door voortvarend de strijd aan te binden met alle corruptie.

Eind 2018 liet hij een referendum houden waarbij Peruanen konden stemmen over vier ingrijpende anti-corruptiemaatregelen. Drie wetwijzigingen werden met overweldigende steun (meer dan 80 procent) aangenomen. Deze behelzen een hervorming van de raad die rechters en aanklagers benoemt, aanscherping van de regels voor campagnefinanciering en een maximum van één opeenvolgende termijn voor Congresleden. Alleen het voorstel om naast een Congres ook een Senaat in te voeren, werd verworpen: Peruanen hadden geen behoefte aan nóg meer politici.

Vizcarra’s populariteit steeg door deze belofte van een grote schoonmaak. Invoering van alle plannen liep echter vast in het Congres, dat zeer corrupt is en door de oppositie wordt gecontroleerd. Naast de aloude machtspartij APRA boden vooral de fujimoristas fel verzet. Dit zijn volgelingen van oud-president Alberto Fujimori, die het land tussen 1990 en 2000 met harde hand regeerde.

Via zijn dochter Keiko oefent de hoogbejaarde Fujimori nog grote invloed uit. Keiko deed in 2011 en 2016 vergeefs een gooi naar het presidentschap, maar geniet grote macht in het Congres. Ook zij zou bij haar laatste campagne echter geld hebben aangenomen van Odebrecht. Sinds een jaar zit zij daarom in voorarrest.

Haar parlementariërs proberen Keiko op alle mogelijk manieren vrij te krijgen. Onder meer door het Constitutioneel Hof vol te stoppen met loyalisten nu dit hoogste tribunaal spoedig moet oordelen over een beroep dat Fujimori heeft aangetekend. De regering probeerde deze manoeuvre te blokkeren uit angst alle macht te verliezen: het Hof is de laatste arbiter bij politieke en juridische geschillen. Tien van de elf voorgestelde kandidaat-rechters waren duidelijk partijdig. Zo was een van hen naast familielid van de Congresvoorzitter.

Wie voltooit de schoonmaak?

Dit gevecht over het Hof liet het al maanden sluimerende conflict tussen parlement en president ontploffen. Maandag ontbond Vizcarra het Congres en schreef nieuwe verkiezingen uit. De volksvertegenwoordigers noemden dat een illegale zet. Ze sloegen terug door hem af te zetten en vicepresident Mercedes Aráoz tot interim-president te benoemen.

Met twee presidenten in één land was de chaos enkele uren compleet. In meerdere steden gingen Peruanen de straat op om steun te betuigen aan Vizcarra. Minstens zo belangrijk was dat de hoogste bazen van politie en leger maandagavond bij hem langs gingen op het presidentieel paleis. Na afloop zeiden ze Vizcarra te blijven zien als opperbevelhebber. Dinsdag liet Aráoz daarop weten dat zij aftreedt. Het Congres is ontruimd en wordt nu bewaakt door ordetroepen.

Vizcarra lijkt zo voorlopig aan te kunnen blijven, maar zijn strijd tegen corruptie ligt stil. En het Congres geeft zich nog niet gewonnen. Verkiezingen, in januari, moeten de impasse doorbreken. Vizcarra zal daarbij niet verkiesbaar zijn: hij meent zelf dat politici niet langer dan één opeenvolgende termijn moeten dienen. Andere politici zullen zijn grote schoonmaak moeten voltooien.