Zwart voor de ogen

Economie & recht Deze rubriek belicht elke week kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Ditmaal: arbeidsrecht.

Foto Getty Images/iStockphoto

Hij krijgt het met de voorman en een afdelingsmanager aan de stok over zijn aanstaande vakantie. Schreeuwend in het magazijn trapt de man tegen de roldeur, balt zijn vuisten, slaat op kokers en maakt met een schaar een stekende beweging in de richting van de manager. Teruglopend naar de afdeling zou de man tegen de voorman hebben gezegd: ‘ik heb een oogje op jou, ouwe’ en ‘ik kan ook mensen op je afsturen’. Voor de fabrikant van vleesverpakkingen is de maat vol. De man, al eerder aangesproken op agressief gedrag, wordt ontslagen.

Bij de kantonrechter betoogt de man zich niet te herinneren wat hij gezegd heeft, omdat het „zwart voor zijn ogen was”. Ook stelt hij ziek te zijn – er zijn aanwijzingen dat de man moeite heeft met agressie- en impulsbeheersing – en dat hij daarom niet ontslagen mag worden. De rechter veegt dit van tafel: niet alleen heeft de man zich pas ziekgemeld toen duidelijk was dat het bedrijf hem wilde ontslaan, er is slechts een aanwijzing van agressieproblemen, geen vaststelling. Bovendien, zelfs met agressieproblemen zou hij alsnog in staat zijn om zijn werk te doen. Over het incident is de rechter ook helder: verbale agressie en bedreigingen met een mogelijk wapen kan en hoeft het bedrijf niet te tolereren. Het ontslag blijft overeind. Omdat zijn gedrag ernstig verwijtbaar is, krijgt de man ook geen transitievergoeding.

Uitspraak: ECLI:NL:RBOVE:2019:3296