Veluwe in zicht? Remmen maar

Stikstofcrisis De gevolgen van de stikstofcrisis zijn nu al merkbaar. Maar gaat snelheidsverlaging de natuurgebieden redden?

De Veluwe.
De Veluwe. Foto Sem van der Wal / ANP

Of de maximumsnelheid op de autowegen wordt verlaagd om de natuur te ontzien, daarover neemt het kabinet deze week een besluit. Maar welk besluit het ook wordt, vanaf maandag zijn de gevolgen van de zogenoemde ‘stikstofcrisis’ al merkbaar.

Lees ook: Beleid moet terug naar de basis: nul extra stikstof

Op vier stukken snelweg op de Veluwe van samen bijna honderd kilometer lengte mag vanaf maandag niet langer 130 kilometer per uur worden gereden, maar slechts 120. Een eerder ingevoerde snelheidsverhoging aldaar moest bijna een maand geleden door minister Van Nieuwenhuizen (Infrastructuur, VVD) ongedaan worden gemaakt. Ook een voorgenomen snelheidsverhoging van een stuk snelweg op de A2 tussen Amsterdam en Utrecht, ’s avonds en ’s nachts, gaat niet door.

De maatregelen van minister Van Nieuwenhuizen waren een direct gevolg van de uitspraak van de Raad van State, eind mei dit jaar, dat alle vergunningen in Nederland die de afgelopen jaren waren verleend op basis van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) in strijd zijn met de Europese natuurbeschermingswetten.

Snelheidsverlaging, een politiek gevoelig thema, vooral voor de VVD, is een van de maatregelen die de commissie-Remkes vorige week voorstelde om uit de impasse te geraken die is ontstaan door de stikstofcrisis. Het verlagen van de snelheid zou een bijdrage moeten leveren aan de reductie van stikstof in de ‘Natura 2000’-gebieden; in 118 van de 160 gebieden zorgt een overschot aan stikstof voor meer of minder grote schade aan deze natuur.

Intussen is een discussie losgebrand over nut en noodzaak van zo’n snelheidsverlaging. Want het autoverkeer stoot weliswaar behoorlijk veel stikstofdioxiden uit – wat slecht voor de luchtkwaliteit is en dus ook voor de volksgezondheid, met name in binnensteden –, maar wat er van die stikstof daadwerkelijk in natuurgebieden neervalt, en daar de soortenrijkdom verstoort, is beperkt; vorig jaar was die bijdrage slechts 6 procent. Ter vergelijking: de landbouw was vorig jaar verantwoordelijk voor 46 procent van deze ‘depositie’ van stikstof op de Nederlandse bodem.

Brancheorganisatie voor mobiliteit Bovag was er vorige week dan ook als de kippen bij om te stellen dat het effect van een snelheidsverlaging „verwaarloosbaar” is; een algehele verlaging van de maximumsnelheid van 130 naar 100 kilometer per uur zou leiden tot een afname van slechts 0,13 procent van de totale Nederlandse depositie van stikstof. Als je daarnaast ook nog eens de snelheid op 100 kilometer-wegen verlaagt naar 80 kilometer per uur, zou de reductie oplopen tot hooguit 0,24 procent. Een „marginaal effect”, aldus de Bovag, die de conclusie baseert op „eigen onderzoek” waarbij „meerdere openbare bronnen” zijn geraadpleegd, „waaronder het RIVM”.

‘Mensen worden onrustig’

Ook de ANWB twijfelt; de bond is in principe voorstander van een snelheidsverlaging op autowegen, als daarmee de natuur kan worden gered. Maar dan moeten er eerst nog wel enkele „kritische vragen” worden beantwoord over de effectiviteit, laat een woordvoerder weten. Te meer omdat snelheidsverlagingen op sommige stukken snelweg de overzichtelijkheid op het wegennet niet ten goed komen. „Mensen worden er onrustig van, ze snappen het niet meer.”

Luister ook naar de podcast Haagse Zaken: Over het gigantische, urgente probleem voor dit kabinet: PAS

Wie de waarheid over deze cijfers wil weten, wendt zich tot het RIVM. Dat instituut zegt „nog geen analyse” te hebben kunnen maken van de cijfers van de Bovag. „We herkennen een aantal van deze getallen niet”, aldus onderzoeker Addo van Pul. Wel is volgens hem duidelijk dat het effect van een snelheidsverlaging „beperkt” is.

En wat is beperkt? Milieuactivist Johan Vollenbroek van Mobilisation for the Environment zou een reductie van bijvoorbeeld 1 procent van de depositie van stikstof in natuurgebieden juist al „hartstikke veel” vinden. „Met de ruimte die dat schept, kun je de vergunningen voor de hele woningbouw vrij spelen.”

De discussie over een snelheidsverlaging zal nog wel enkele weken aanhouden, maar gaat volgens de commissie-Remkes zélf eigenlijk voorbij aan de „essentie” van haar advies; dat alle sectoren nu eenmaal een steentje moeten bijdragen, ongeacht hoe groot het effect daarvan is. „De commissie vindt dat alle sectoren evenredig moeten bijdragen aan de reductie. Dus ook het verkeer”, aldus een woordvoerder van de commissie. Die commissie adviseerde overigens niet per definitie een algehele snelheidsverlaging, maar eentje „zo nodig gedifferentieerd naar wegen of gebieden” waar die het meest noodzakelijk is.