Eén gouden recept in plaats van 3.000

Vanuit Princeton, New Jersey, schrijft over wat haar opvalt. Vandaag: Een pudding die alle nooit gekookte maaltijden compenseert.

‘Mam, dit gaat over jou”, schrijft mijn zoon. Hij stuurt me een artikel door uit The New York Times, ‘My Mother’s Best (and Only) Recipe: Baked Apples’ van Dorie Greenspan. Daarbij een foto van mijn ricottapudding met zijn commentaar: „Jouw baked apples.”

Greenspan is een culinair journalist. Iemand heeft haar recepten geteld en kwam op drieduizend. Ze komen overal vandaan, maar zeker niet van haar moeder, die ze nooit een schort zag dragen. De hele zomer probeerde ze zich een gerecht van haar moeder voor de geest te halen. Niets kwam in haar op. Tot ze zich halverwege een wenteltrap in Parijs haar moeders appels uit de oven herinnerde.

Er zijn mensen die gek zijn op koken. Ik heb er nooit veel mee gehad. In mijn studentenkeukentje kwam ik niet verder dan courgettes, champignons en uien in de pan gooien en er wat zout overheen strooien. En kaas natuurlijk, altijd kaas. Reacties waren nooit enthousiast.

„Laat mij voortaan maar”, zei mijn liefste toen ik de eerste keer een maaltijd voor hem bereidde. Dat was dus meteen de laatste keer. Echt erg vond ik het niet. Net als moeder Greenspan was mijn favoriete uitspraak rond etenstijd: „laten we naar de pizzeria gaan”, of: „laten we Chinees halen.”

Maar mijn ricottapudding is mijn trots. Ooit zag ik het in een Italiaans tijdschrift en dat zag er zo lekker uit, dat ik het moest proeven. En dus ook maken. En mijn kinderen vonden het zowaar lekker. Nou, dat hebben ze geweten.

„Mam, wat ga je doen?” vraagt mijn zoon als ik de eieren begin te breken. „Toch niet weer dat toetje, hè?” Hij kan zich niets voorstellen bij mijn desinteresse voor koken. Voor hem is het alles. Hij leest recepten alsof het spannende verhalen zijn.

„Heb je het artikel helemaal gelezen?” vraagt hij de volgende dag. „Tot het einde?” Hij hint duidelijk ergens op en ik lees het artikel nog eens goed door.

Voor ze het recept geeft, vraagt Greenspan zich af wat het maken van die appels eigenlijk betekende voor haar moeder. Of ze het schillen fijn vond, het klokhuis eruit halen en het geheel bedruipen? Was ze trots? Ze leeft niet meer en er is geen familielid om het aan te vragen.

Hoewel ik niet van plan ben om snel dood te gaan, hier alvast het antwoord aan mijn zoon:

Ik hou van elk onderdeel van mijn ricottapudding. Ik word nerveus als ik het wit en geel scheid en ben opgelucht als het goed gaat. Ik ben als een kind zo blij als het glibberige eiwit onder mijn ogen verandert in een gigantische wolk. Zo veel effect met zo weinig moeite! Ik lik de bak met het stroperige mengel van dooiers, suiker en amandelen helemaal schoon terwijl ik de geuren uit de oven opsnuif. En hoewel je je hoofd schudt bij zo weinig fantasie, maakt het me intens gelukkig te weten dat het tot de allerlaatste hap op gaat. Ik geloof diep in mijn hart dat ik het met deze pudding goedmaak voor alle maaltijden die ik nooit voor je heb gekookt.

Reacties naar pdejong@ias.edu

Aanvulling (1 oktober 2019):
Op verzoek stelt Pia de Jong hieronder haar recept beschikbaar.
2 eieren, dooiers en wit gescheiden
3 eetlepels suiker plus schepje vanillesuiker
Geraspte schil en sap van een halve citroen
270 gram ricotta
3 eetlepels geschaafde amandelen
400 gram frambozen of andere bessen

Meng de dooiers met de suiker, ricotta, citroensap en -schil. Klop de eiwitten schuimig met de vanillesuiker. Schep het geheel luchtig door elkaar en leg de bessen erop. Zet 20 minuten in de op 200 graden voorverwarmde oven. Kan koud of warm worden gegeten. Lekker met veel slagroom.