Opinie

China-strategie

Lotfi El Hamidi

Fronsende wenkbrauwen en ongemak bij de advertentie afgelopen donderdag in NRC, over Hongkong. Afzender: de Volksrepubliek China. Hongkong is ‘een complexe sociale, economische en politieke legpuzzel […] een puzzel die wij zelf zullen oplossen […] We vertrouwen op de rechtsstaat die ons vele tientallen jaren goed heeft gediend […] We zullen er ongetwijfeld overheen komen. Dat doen we altijd.’ Maar natuurlijk. Met tanks zeker, Tiananmen indachtig.

De afgedrukte tekst in kneuterig Google-Nederlands verraadt een propaganda-offensief. Dezelfde advertentie blijkt namelijk in meerdere talen beschikbaar te zijn. Zo verscheen die eerder in het grootste Zweedse dagblad Dagens Nyheter, wat de krant op veel kritiek kwam te staan.

Déjà vu: in 2018 kreeg NRC de nodige kritiek te verduren na het plaatsen van een paginagrote advertentie met een foto van een wuivende president Xi Jinping. De ombudsman zette toen uiteen hoe de grens van het (on)toelaatbare wordt bepaald, en schreef over de strikte scheiding tussen journalistiek en commercie. Hij haalde de toenmalige hoofdredacteur aan: ‘advertenties van landen waarmee Nederland reguliere diplomatieke betrekkingen onderhoudt, zijn in principe acceptabel. Waarmee niet gezegd is dat NRC het eens is met de inhoud.’ Waarvan akte.

Over die reguliere diplomatieke betrekkingen gesproken: deze maandag bespreekt de Tweede Kamer de nieuwe China-strategie van het kabinet. De mensenrechten zullen ongetwijfeld ter sprake komen. In de toespraak die minister Blok (Buitenlandse Zaken, VVD) op 15 mei bij de presentatie van de strategie hield, zei hij: „China heeft geweldige vorderingen gemaakt op het gebied van sociaal-economische rechten […] Maar […] er zijn natuurlijk ook andere rechten. Daarover hebben we een kritische dialoog. We spreken China aan, op de situatie van de Oeigoeren. Op de fundamentele vrijheden. We speak up.”

We speak up. Op fluistertoon uiteraard.

De mensenrechtensituatie in China was altijd al beroerd, en het land vervalt nog altijd in oude reflexen. Onlangs lekten dronebeelden uit waarop te zien is hoe de Chinese oproerpolitie een grote groep gevangenen, geblinddoekt en kaalgeschoren, wegvoert, vermoedelijk naar interneringskampen. Het aantal mensen in die kampen wordt geschat op een miljoen. Het gaat voornamelijk om Chinese moslims; het communistische regime beschouwt de islam als een soort geestesziekte, en na de Oeigoeren lijken inmiddels de Hui-Chinezen aan de beurt, een andere islamitische minderheid.

Waar ligt voor ons de grens? De op één na grootste economie ter wereld boycotten is onmogelijk, dat snapt iedereen wel. Hun schaamteloze propaganda weigeren te faciliteren lijkt me in ieder geval het minimale.

Lotfi El Hamidi (L.elHamidi@nrc.nl @Lotfi_Hamid) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Tom-Jan Meeus.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.