Recensie

Recensie Muziek

In de driedaagse hoogmis van Amenra is pijn het opperwezen

Recensie Het is een mysterie, maar met de volumeknop op elf weet de Vlaamse metalband Amenra Paradiso te overladen met weemoed.

Amenra doet al twee decennia waar het zin in heeft.
Amenra doet al twee decennia waar het zin in heeft. Foto Niels Vinck

Geen bierdouches, maar ballet. Geen zatte hardrockers die keihard ‘SPÉLÛH’ brullen, maar filosofische discussies over empathie. Geen kolkende moshpits, maar ‘een theatraal ritueel over de kracht van suggestie en verbeelding’.

Welkom in de wondere wereld van Amenra. De Vlaamse metalband doet al twee decennia precies waar het zelf zin in heeft, en is er niet vies van om daar kunst met een grote K bij te betrekken. In Amsterdam vierde het vijftal dit weekend het twintigjarig bestaan met een driedaagse marathon die ‘The Building of the Free Church’ werd gedoopt. Terwijl Amenra, samen met vijf zielsverwante bands, in Paradiso de gitaren liet blazen, waren er in het Vlaams cultuurhuis De Brakke Grond een expositie (‘De Beeldenstorm’) en dans- en theatervoorstellingen.

Een ander opperwezen

Je zou kunnen zeggen: een tien voor vlijt en een tien voor pretentie. Maar dan mis je de essentie: voor Amenra zijn het allemaal uitingen van dezelfde intensiteit. Hier wordt voor de verandering nou eens niet De Schepper of De Duisternis geëerd, maar een geheel ander opperwezen: De Pijn Van Het Zijn. Die gemene deler hoor je ook terug in de dromerige stoner van het Britse Bossk en de sacrale monnikenzang van de Franse post-metalband Alcest.

Iets na tienen is het tijd voor Amenra’s eigen hoogmis. Achter het podium verschijnen duistere wouden, kabbelende bergbeekjes, klaterende watervallen en donkere onheilspaters die traag door Vlaams laagland schrijden. Terwijl sereen gitaargetokkel klinkt, knielt zanger Colin H. Van Eeckhout in een zwart gewaad voor het drumstel. Hij wisselt smekende fluisterzang af met ijzig gegil, snerpend als een schuurmachine, staat bijna voortdurend met zijn rug naar het publiek.

Dan beginnen de ultratrage, oorverdovende en alles verpulverende sloopriffs te pompen. Het is een mysterie, maar met de volumeknop op elf weet Amenra de zaal te overladen met weemoed. Anderhalf uur lang wiegen alle hoofden mee, tot aan het bovenste balkon.

Let wel: toen was Het Bouwen Van De Nieuwe Kerk nog lang niet afgelopen. Dat ging zondagochtend namelijk gewoon door, toen bezoekers – waarschijnlijk nog met piepende oren – alles konden laten bezinken tijdens een heuse nabeschouwing (inclusief brunch) waarbij Van Eeckhout met curatoren terugblikte op het festival.

Tegen beter weten in natuurlijk. Want als geen ander weet Amenra dat echte pijn nooit verdwijnt.