Opinie

Fraai verpakt legt Nederland de verantwoordelijkheid bij Irak

Internationaal recht Nederland trekt alles uit de kast om berechting van eigen IS-strijders hier te vermijden, schrijven en .

Door de oorlog verscheurd Irak kan niet zonder meer een tribunaal oprichten. Het heeft onder meer extra steun nodig voor de bewijsvergaring door opsporingsambtenaren..
Door de oorlog verscheurd Irak kan niet zonder meer een tribunaal oprichten. Het heeft onder meer extra steun nodig voor de bewijsvergaring door opsporingsambtenaren.. Sabah Arar

Vorige week heeft Nederland bij de Verenigde Naties met Irak een bijeenkomst georganiseerd met gelijkgestemde ministers uit twintig andere landen om de berechting van IS-strijders te bespreken. Het liefst hadden Nederland en Zweden gezien dat IS-strijders door het Internationaal Strafhof of door een internationaal tribunaal opgericht door de VN Veiligheidsraad berecht zouden worden, maar dat is onder meer door een veto van Rusland niet mogelijk.

Berechting in de regio is nu het devies, bijvoorbeeld door de oprichting van een zogeheten ad hoc hybride tribunaal. Hier is geen steun van de Veiligheidsraad voor nodig en het kan op basis van een verdrag tussen Irak en andere landen die het initiatief steunen.

Lees ook: Minister Blok wil IS-strijders in Irak berechten

Hoewel fraai verpakt in een boodschap die oproept te voorkomen dat IS-strijders met hun daden wegkomen, valt niet te ontkennen dat het Nederlandse kabinet alles uit de kast lijkt te trekken om de politiek gevoelige kwestie van berechting in Nederland van ‘eigen’ IS-strijders te vermijden.

Eerder werd in deze krant al uiteengezet dat Irak voor een grote uitdaging staat, met 20.000 vermeende IS-strijders die vastzitten in afwachting van berechting, en nog eens 28.000 vermeende IS-strijders die momenteel door Koerden in Noord-Syrië worden vastgehouden, maar waarvan het de bedoeling is dat zij overgedragen worden aan Irak voor berechting.

Overbelast rechtssysteem

Om straffeloosheid tegen te gaan en de regio te stabiliseren, zullen alle misdrijven die begaan zijn door alle strijdende partijen, inclusief andere terroristische organisaties, het Syrisch regime, Syrische oppositie, het Iraakse en Koerdische leger, en zelfs Westerse autoriteiten, berecht moeten worden. Dat is echter niet de inzet van dit initiatief.

Het overbelaste en slecht geoutilleerde rechtssysteem in Irak zou deze sisyfustaak alleen kunnen vervullen met internationale financiële en technische steun. Irak heeft vooral behoefte aan hulp bij een goede screening van de gevangenen naar de ernst van de misdrijven die ze gepleegd hebben, de rang die ze bekleed hebben, en een risico-inschatting van toekomstig gevaar. Door beproefde methodes te hanteren, kunnen de vele gevangenen in categorieën van laag, gemiddeld en hoog risico, en naar zwaarte van misdrijven worden ingedeeld.

Met betrekking tot de eerste categorie kan overwogen worden om een vorm van amnestie te verlenen, gecombineerd met re-integratie en rehabilitatie in de samenleving. Voorbeelden van deze vorm van ‘transitional justice’, zoals bijvoorbeeld in Zuid-Afrika gehanteerd, hebben in het verleden goed uitgepakt. Uiteraard is een dergelijk model enkel mogelijk als daar steun voor is bij de bevolking, en er een plan wordt uitgerold om de samenleving voor te bereiden op deze re-integratie, door in te zetten op reconciliatie.

Lees ook: Biedt Bloks idee een oplossing voor IS-strijders?

Daarnaast kan het Iraakse rechtssysteem, na jaren van verwaarlozing en onderbezetting, gebaat zijn bij capaciteitsopbouw om ervoor te zorgen dat IS-strijders een eerlijk proces krijgen. Dit klinkt ingewikkeld, maar Europa heeft hier veel ervaring mee opgedaan met het zogenoemde ‘EUJUST LEX’-programma, waarbij trainingen werden gegeven aan politie, aanklagers, rechters en aan het gevangeniswezen. Verder is extra steun aan de bewijsvergaring door opsporingsambtenaren in het nationale proces een goede investering, evenals inzetten op de juiste informatievergaring en -verwerking; informatie die als bewijs kan dienen in nationale strafprocessen.

Dit kan aangevuld met directe steun voor het garanderen van juridische bijstand voor verdachten in de huidige nationale Iraakse processen, waardoor een eerlijke rechtsgang beter gewaarborgd kan worden. Daarnaast bieden deze vormen van steun een methode om èn reeds op korte termijn verlichting te brengen voor het overspannen Iraakse rechtssysteem èn straffeloosheid tegen te gaan.

Repatriëring

Geschat wordt dat momenteel duizend buitenlandse strijders in Irak vastzitten. Om het overbelaste rechtssysteem op korte termijn te verlichten, zou juist repatriëring van ‘eigen’ strijders en berechting in hun thuislanden uitkomst kunnen bieden. Een van de argumenten die het Nederlandse kabinet tegenwerpt, is dat het te onveilig is om mensen fysiek uit betreffend gebied weg te halen.

Echter, ironisch genoeg is consulaire bijstand een van de vereisten voor een eerlijk proces bij een systeem van berechting middels een ad hoc hybride tribunaal van buitenlandse strijders in de regio. Vraag is hoe deze geleverd zou kunnen worden als de situatie zo onveilig is dat dezelfde consulaire hulp niet ingezet kan worden om mensen te repatriëren.

Hoe dan ook, het opzetten van een ad hoc hybride tribunaal heeft veel voeten in de aarde, duurt lang en is kostbaar, en dat terwijl er op korte termijn mogelijkheden te realiseren zijn, waar Irak, de regio, en de internationale gemeenschap ook bij gebaat zouden zijn. De vraag is wat Irak liever zou hebben. Of wordt Irak niets gevraagd, of moeten ze blij zijn met iedere vorm van hulp?

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.