Expansiedrift met kernreactoren kost Rusland miljarden

Rosatom Rusland probeert zijn invloedsfeer uit te breiden door wereldwijd kerncentrales te bouwen. Het geclaimde succes van Rosatom blijkt vooral bluf.

Een kernreactor van Rosatom in Novovoronezj, Rusland. Het Russische atoomagentschap investeert flink in buitenlandse projecten.
Een kernreactor van Rosatom in Novovoronezj, Rusland. Het Russische atoomagentschap investeert flink in buitenlandse projecten. Foto Andrey Rudakov/Bloomberg

Wie de website van het Russische staatsatoomagentschap Rosatom bekijkt, kan niet anders dan onder de indruk zijn. In een eindeloze reeks persberichten, infographics en rapporten prijst het concern de internationale prestaties aan.

Maar liefst 36 kernreactoren in 12 landen zegt Rosatom wereldwijd in aanbouw te hebben, een portfolio met een waarde van 130 miljard dollar (118 miljard euro), aldus het concern. Op een kleurige infographic prijken de vlaggetjes van India, Bangladesh, Iran, China en Wit-Rusland. Andere documenten vermelden centrales in aanbouw in Egypte, Hongarije en Finland. In Saoedi-Arabië werd onlangs een afdeling geopend van Rusatom Overseas, verantwoordelijk voor de internationale promotie van kerncentrales en van kenniscentra op het gebied van kernenergie.

Het gelikte pr-offensief weerspiegelt de torenhoge Russische ambities: wereldleider worden in de export van kernenergie en kerncentrales.

En dat terwijl de sector enkele jaren geleden nog ten dode was opgeschreven. Sinds de kernramp in 2011 in het Japanse Fukushima heeft het imago van kernenergie flinke schade opgelopen en is de hoeveelheid opgewekte kernenergie flink gedaald. Franse, Koreaanse en Amerikaanse marktleiders lieten onder druk van negatieve publiciteit een gat vallen waar Rusland enthousiast in sprong.

Papieren intenties

Rusland lijkt als exporteur flink op stoom, maar het succes van Rosatom is in werkelijkheid beperkt. Van de 36 kerncentrales die Rosatom vermeldt op de website, blijken slechts 7 werkelijk in aanbouw te zijn – in Turkije, Bangladesh, India en Wit-Rusland. De internationale contracten waar Rosatom over spreekt, zijn vaak niet meer dan papieren intenties: memorandi en framework agreements, gesloten met landen die in het beste geval pas over jaren zullen worden gerealiseerd. Dat stellen activisten en deskundigen.

„Rosatom klopt zich op de borst, maar in werkelijkheid houden ze ons voor de gek en blazen ze de cijfers op”, zegt Vladimir Slivjak van milieuorganisatie Ecodefense uit Kaliningrad, dat eerder dit jaar een gedetailleerd onderzoek publiceerde naar de activiteiten van Rosatom. Het rapport vergeleek de claims van Rosatom met wat er werkelijk gebeurt op de buitenlandse bouwplaatsen. „We besloten te gaan kijken of Rosatom de waarheid spreekt. We namen de officiële lijst van Rosatom en keken per land wat er daadwerkelijk gebeurt. De situatie bleek heel anders, hun aankondigingen zijn eerder een wish list.” Slivjak wijst op de centrale in Hongarije, waar Rosatom zegt een reactor te bouwen, maar tegelijk aangeeft dat de technische licenties nog moeten worden goedgekeurd. „Dat betekent dat er dus niet wordt gebouwd”, legt Slivjak telefonisch uit.

Slivjak en zijn collega’s deden nog een interessante ontdekking, namelijk dat niet de afnemende landen, maar de Russische autoriteiten zelf de miljarden neertellen voor de aanleg van de buitenlandse projecten. Van de 130 miljard dollar in de portefeuille komt 90 miljard geheel voor rekening van de Russische staat, berekende Ecodefense op basis van gegevens in Rosatoms jaarverslagen.

Belastinggeld

Vladimir Milov beaamt dat het Kremlin zó gebrand is op buitenlandse projecten dat het opkomende economieën probeert te lokken met riante leningen en lage tarieven. Milov is nucleair expert, en was in Poetins beginjaren viceminister voor Energie (2001-2002). Tegenwoordig zit hij in de oppositie en is hij een belangrijk criticus van het Russische atoombeleid: Milov schreef het voorwoord van het rapport. „Het is dan wel door activisten geschreven, maar als oud-ambtenaar die verantwoordelijk was voor de nucleaire sector kan ik u verzekeren dat dit rapport een uitstekende weergave is van de situatie bij Rosatom”, vertelt hij telefonisch vanuit Moskou.

Ook Milov doet Rosatoms buitenlandse portefeuille af als een luchtbel. „Er worden door Rosatom echt maar heel weinig projecten gerealiseerd, er wordt chronisch teveel geld uitgegeven en de kwaliteit van de geleverde centrales is twijfelachtig. En niet alleen Rosatom, ook de buitenlandse afnemers worden zwaar gesubsidieerd. Turkije, Bangladesh, Hongarije, die landen betalen nauwelijks voor de aanleg van hun centrales.”

Het geld voor de buitenlandse projecten komt van de Russische belastingbetaler, concluderen Slivjak en Milov. Kredieten komen uit de staatskas en zelfs, zoals in het geval van de Finse centrale, uit het Russische nationale Welvaartsfonds. „Dat fonds is bedoeld voor toekomstige generaties en om ons gebrekkige pensioensysteem vlot te trekken!”, briest Milov. „Ik zie geen enkele manier waarop de Russische burger profiteert van de bouw van buitenlandse kerncentrales.” Juist omdat Rosatom zoveel staatssubsidie ontvangt, zou het concern extra ijverig zijn om aan het Kremlin te laten zien dat het ook veel doet.

Strategische toegang

De expansiedrift van Rosatom wordt dan ook niet zozeer gedreven door financieel gewin, maar door geopolitieke belangen. „Rusland is, net als China, uiterst agressief en ambitieus waar het de export van kernreactoren betreft”, zegt nucleair expert Mark Hibbs van denktank Carnegie Endowment. „Wie goed kijkt naar de overeenkomsten ziet dat het doel niet de bouw is van kerncentrales, maar het opzetten van civiele nucleaire samenwerking.” Het Russische beleid is volgens Hibbs een moderne variant van het Amerikaanse Atoms for Peace-programma, begin jaren 50. „Daarmee hoopte president Eisenhower Amerikaanse goede wil te tonen door wereldwijd nucleaire kennis te verspreiden voor vreedzame doeleinden. Tegelijkertijd was het een slimme strategie om de Amerikaanse invloed te vergroten en om toegang te krijgen tot politieke processen en technologische kennis van partnerlanden.”

Rusland heeft vergelijkbare doelen, zegt Hibbs. „Deze Russische projecten gaan in werkelijkheid over strategische toegang tot opkomende landen die belangrijk zijn om hun ligging, vanwege grondstoffen of om politieke redenen. Niet voor niets heeft het Kremlin een flinke vinger in de pap in Rosatoms besluitvormingsprocessen.”

Een medewerker aan het werk aan de bouw van een kerncentrale in de buurt van Grodno, in Wit-Rusland.

Foto Wojciech Pacewicz/EPA

Rusland opereert anno 2019 in een lastigere omgeving dan de Amerikanen decennia terug, ziet Hibbs. „Toen was iedereen optimistisch en wilde nucleaire technologie. Men dacht zelfs dat kernenergie nagenoeg gratis zou worden. Maar drie ernstige ongelukken volgden: in de VS, Oekraïne en Japan. Landen die nu nog kerncentrales overwegen, zijn zich bewust van de risico’s.”

Veiligheid

De achterdocht die Russische kerncentrales sinds de Tsjernobyl-ramp aankleven, heeft Rosatom nooit helemaal kunnen afschudden. Slivjak: „Ze zijn veel beter dan vroeger, maar een groot ongeluk kan nooit uitgesloten worden.” Hij wijst op problemen bij de bouw van de centrale in het Wit-Russische Ostrovets, waar een beschadigd reactorvat zelfs vervangen moest worden. Binnen Rusland - waar de bouw van kerncentrales eveneens is opgeschroefd om aan de groeiende energievraag te kunnen voldoen- is weinig discussie over de veiligheidsaspecten. Burgers hebben andere zorgen en activisten die wel aan de bel trekken, worden genegeerd of de mond gesnoerd. Ecodefense werd in 2014 door de Russische autoriteiten aangemerkt als ‘buitenlands agent’, afgelopen mei opende het Russische OM plotseling zes strafzaken tegen de milieugroep vanwege het niet betalen van boetes. Directeur Aleksandra Koroljova vluchtte naar het buitenland uit vrees voor arrestatie. Haar vlucht leidde tot grote internationale ophef, inmiddels zijn de zaken geseponeerd.

Mark Hibbs heeft geen speciale zorgen over de veiligheid van de buitenlandse Rosatom-centrales. „Rusland werkt al heel lang met heel stabiele VVER-reactoren, zover we weten zijn er nooit serieuze incidenten in die installaties geweest.” Daarnaast is Rusland lid van de internationale conventie voor nucleaire veiligheid die verplicht tot hoge standaarden en controles. „Rusland kan zich absoluut geen incidenten veroorloven, want dan is het internationaal uitgespeeld.”

Hibbs ziet wel een risico voor de Russische regering. Want hoewel Rusland landen voor tientallen jaren aan zich bindt met onderhoudscontracten, specialisten en andere technische ondersteuning, zijn die landen uiteindelijk zelf verantwoordelijk voor de veiligheid in de centrales. Daarom is de tijdlijn van zulke samenwerkingsprojecten wel dertig tot veertig jaar. Gezien de geschiedenis van de kerncentrale die Rusland bijvoorbeeld bouwt in het Turkse Akkuyu is Hibbs sceptisch over de papieren exportclaims van Rosatom. „Ik zeg, succes daarmee. Heel veel mensen zijn op zijn zachts gezegd sceptisch dat die centrale er gaat komen volgens planning. Het project kent nu al zóveel uitdagingen, dat gaat echt nog heel erg lang duren.”