Branieschopper met een lintje

In deze rubriek elk weekeinde een necrologie van iemand die recent is overleden. Mark van der Eerden (1957-2019) zette zijn talent met cijfers in voor leefbaarheid.

Mark van der Eerden in 2019
Mark van der Eerden in 2019 Foto privéarchief

In 2015 kwam de erkenning – eindelijk. Mark van der Eerden gloeide van trots toen hij in het stadhuis van Rotterdam de decoratie van Ridder in de Orde van Oranje-Nassau opgespeld kreeg. Zijn inspanningen voor kwetsbare stadsbewoners – migranten, statuslozen, vrouwen, drugsverslaafden – waren al ruim bekend in het sociaal-maatschappelijk circuit, maar met een lintje kon niemand meer om hem heen.

Voor zijn Brabantse familie kwam het eerbetoon als een „complete verrassing”, vertelt Marks zes jaar oudere broer Harry. „We wisten wel dat Mark een ontzettend handige peer was – hij was de enige van het gezin die alles met z’n handen kon. Maar nu werd hij ook een ‘ras-netwerker’ genoemd, een ‘super-regelaar’ en wat al niet. We hadden geen idéé wat-ie daar in Rotterdam allemaal voor elkaar had gebokst.”

In zijn jeugd gold Mark van der Eerden niet als uitblinker. Integendeel: het vierde kind uit een groot katholiek gezin in Tilburg was „degene die niet goed kon leren”, aldus Harry. „Mark was woordblind, maar daar was toen nog niet veel over bekend. Wij gingen allemaal studeren, Mark ging naar de LTS.” Achter de voordeur van het grote familiehuis was de situatie „weinig evenwichtig”: vader en moeder leefden de facto gescheiden, met ieder z’n eigen ruimte en interesses. Vader werkte in het magazijn van de leerlooierij van zijn familie, moeder zorgde naast het huishouden ook voor haar eigen, inwonende moeder. Het gezin ging nooit op vakantie. Harry: „De warmte haalden we bij vriendjes en vriendinnetjes. Die waren altijd welkom, het was de zoete inval bij ons. Moeder vond dat prima.”

Ondanks zijn dyslexie werd Van der Eerden een doorzetter. Na de LTS volgden de MTS, de Sociale Academie, twee jaar HEAO bedrijfseconomie en opleidingen in marketing en meubelmaken – hij bleef doorleren toen hij al bij de gemeente Spijkenisse in dienst was als adviseur jongerenwerk. In 1986 begon Van der Eerden zijn bijna dertigjarige loopbaan bij Stedelijk Bureau Ander Werk (SBAW) in Rotterdam, een advies- en ondersteuningsbureau voor projecten ter bevordering van de leefbaarheid in de stad. Rotterdam werd zijn nieuwe thuis. In 2002 kwam hij er definitief wonen.

„Hij stond bij me op de stoep met twee rode sporttassen”, vertelt zijn partner Sibel Eskici. „Hij had alles achter zich gelaten: zijn gestrande relatie en zijn zoontjes van 11 en 9. Hij voelde zich er vreselijk schuldig over, maar we waren voor elkaar bestemd. Mijn Turkse ouders trokken lijkbleek weg toen ze ervan hoorden: een gescheiden man met kinderen, veertien jaar ouder dan ik… Het kwam meteen goed toen ze Mark ontmoet hadden. Hij had een soort buitenlandse hartelijkheid, hij hielp mijn ouders waar hij kon. En hij hield van Turkije. We dansten graag op Turkse muziek.”

Mark van der Eerden met partner Sibel Foto privéarchief

Om het weekend haalde Van der Eerden zijn zoons op uit Tilburg. In 2005 beviel Eskici van zoon Sammy.

In datzelfde jaar trad Van der Eerden toe tot het bestuur van RADAR, het meldpunt voor discriminatie dat inmiddels werkt voor 53 gemeenten. In 2005 waren dat er nog maar twee. Als penningmeester was Van der Eerden de „bestuurlijk architect van die enorme schaalvergroting”, vertelt directeur Cyriel Triesscheijn. „Mark was een whizzkid met cijfers – een totaal ander type dan de doorsnee artistiekeling uit de sociale sector. Een branieschopper ook, van hotemetoten trok hij zich niets aan. Bij politiek gevoelige ontmoetingen moest ik hem soms afremmen. Maar voor onze bedrijfsvoering was hij goud waard.”

Het lintje kwam er op initiatief van RADAR. Triesscheijn: „Ik vond dat zo verdiend. Mark was een duizendpoot. Hij was lid van l’Esprit du Temps, de Rotterdamse Lionsclub die elk jaar een benefietavond organiseerde ten bate van de ontwikkeling van de filmsector in ontwikkelingslanden, en daar wist hij dan weer de meeste kaartjes voor te verkopen.”

Vriendin Joanne Ellenkamp: „Mark had zo’n enorme lijst stichtingen onder zijn paraplu dat het soms weerstand opriep. Ik vond hem aanvankelijk ook een praatjesmaker. In 2000 werd ik directeur van de Vrouwenopvang en kwam hij een keer op werkoverleg, wat uitmondde in een diepgaand gesprek over onze drijfveren. Toen zag ik opeens een kwetsbaar iemand, een jongen eigenlijk, met een grote behoefte aan erkenning. Dat ontroerde me. ”

In oktober 2018 werd bij Van der Eerden een knobbeltje op de tong ontdekt en poliklinisch verwijderd. Sibel Eskici: „Dit voorjaar werd nog een aantal lymfeklieren weggehaald. Er waren geen uitzaaiingen, hoorden we. We dachten: daar zijn we weer vanaf.” Het liep anders. Een chemokuur en bestraling sloegen niet aan. Van der Eerden bleef vergaderingen bezoeken, maar verzwakte snel. Op 9 augustus overleed hij in het ziekenhuis, met zijn familie om zich heen.