Opinie

Turbostand

Mirjam de Winter

Mirjam de Winter

En alwéér is mijn fiets door de gemeente weggehaald bij Centraal Station. Dit keer niet omdat ik hem voor het gemak even voor het Groothandelsgebouw tegen een paal had gezet om snel een boodschapje bij de Hema te kunnen doen, maar omdat mijn fiets in de stalling onder het plein nét niet binnen de witte lijnen stond. Ik kon niet anders, want mijn fiets – met zo’n grote krat voorop – past niet in een normaal rek en de speciale parkeerplekken voor ‘brede fietsen’ waren weer eens vol. Dus had ik hem aan het einde van rij 10 gezet, net buiten het gemarkeerde vak. En weg was ie. Voor 20 euro kan ik hem ophalen bij het Fietspunt in Prins-Alexander, maar dat is alleen open tijdens kantooruren en dan zit ik zelf ook op kantoor. Voorlopig heb ik daarom de elektrische fiets van mijn echtgenoot in gebruik, die daar niet meer op gezien wil worden sinds hij vanwege een ietwat ongelukkige inhaalmanoeuvre op het Kruisplein werd uitgemaakt voor „vuile kankerbejaarde!”.

Ik rij er nu een paar weken op, maar ben nog niet helemaal overtuigd van de voordelen van een e-bike in een grote stad als Rotterdam. Het is heerlijk om er fluitend de Erasmusbrug mee over te gaan, maar levensgevaarlijk wordt het als ik vervolgens vol op de rem moet voor de fietsfiles bij het stoplicht aan de voet van de brug. Amsterdamse toestanden zijn het daar, zo groot is de groep fietsers die voor rood staat te wachten en net zo gespannen is de sfeer zodra het licht weer op groen springt en de hele bubs tegelijkertijd in beweging komt. Je probeert jezelf in evenwicht te houden, schouders en wielen raken elkaar, hier en daar wordt een por uitgedeeld, alsof het verdorie de start van de Tour de France betreft. Pas als de meute weer op gang is gekomen en er wat ruimte tussen de fietsen ontstaat, zet ik de mijne in de turbostand en race naar het volgende stoplicht, waar het gedoe vervolgens opnieuw begint.

Maar ook op langere stukken voelt het gevaarlijk en asociaal om zo hard te rijden. Andere fietsers schrikken zichtbaar als ik geruisloos voorbij kom zoeven, zelfs als ik ze waarschuw met mijn fietsbel krijg ik boze blikken. Het stallen van een e-bike is het volgende probleem. In die paar bewaakte fietsstallingen durf ik hem nog wel te parkeren, maar op straat is het veel te riskant. En om nou iedere keer die zware (maar kostbare) batterij in mijn handtas te stoppen...

Ik verlang dus alweer terug naar mijn eigen fiets, die je nog eens achteloos een nachtje voor de kroeg kan laten staan (als de gemeente hem niet losknipt) en waarmee je je met minder gezeik door de stad kunt voortbewegen. Maar ik verlang ook naar meer en betere voorzieningen voor fietsers: (nog) meer fietsparkeerplaatsen, bewaakte stallingen en (nog) meer en bredere fietspaden. Want hoeveel de gemeente ook zegt te doen aan het fietsvriendelijker maken van de stad, het lijken steeds van die lullige, minimale ingrepen die nauwelijks zoden aan de dijk zetten. Terwijl steeds meer Rotterdammers dagelijks op de fiets springen, blijft de gemeente alsmaar achter de feiten aanlopen. Dus, wethouder Bokhove, in de turbostand met dat Rotterdamse fietsbeleid!

Mirjam de Winter (@mirjamdewinter) is freelance journalist en stadsgids in Rotterdam.