OM naar Hoge Raad in euthanasiezaak verpleeghuisarts

In een euthanasiezaak slaat het OM de stap van een hoger beroep over. De zaak wordt direct door de Hoge Raad behandeld om zo rechtszekerheid te scheppen „voor artsen en patiënten”.

Een schriftelijke wilsverklaring. Foto Roos Koole / ANP.
Een schriftelijke wilsverklaring.

Foto Roos Koole / ANP.

Het Openbaar Ministerie stapt naar de Hoge Raad in de zaak rond een verpleeghuis-arts die euthanasie toepaste bij een diep demente vrouw. De arts was twee weken geleden ontslagen van alle rechtsvervolging, nadat de officier van Justitie haar had vervolgd voor moord. Het OM slaat de stap van een hoger beroep over, zodat de vervolging van de arts in kwestie per direct tot een einde komt. „Justitie heeft hiertoe besloten omdat het heeft gezien hoe belastend de zaak is voor de verpleeghuisarts”.

Lees ook: Is een stiekem spuitje ‘moord’?

De zaak draait om de euthanasie op een diep demente vrouw van 74 in 2016. Zij had een paar jaar eerder een schriftelijke wilsverklaring opgesteld omdat ze wilde voorkomen dat ze dement in een verpleeghuis zou belanden. De man en de dochter van de patiënt stonden achter de euthanasie die de verpleeghuis-arts verleende. Ze vonden het vreselijk dat hun vrouw en moeder zo leed, psychisch. Ze wisten dat ze zo niet had willen leven. Het OM vond dat de arts had moeten onderzoeken of de vrouw, eenmaal dement, nog steeds dood wilde, aangezien ze daarover telkens van gedachten leek te veranderen.

De vervolging wegens ‘moord’ veroorzaakte afgelopen jaar veel ophef onder artsen. Het Openbaar Ministerie klaagde deze arts aan voor moord, om juridische duidelijkheid te krijgen over hoe artsen moeten omgaan met dementie bij wilsonbekwame patiënten.

De Haagse rechtbank oordeelde twee weken geleden dat de arts wel degelijk zorgvuldig had gehandeld en vond de schriftelijke wilsverklaring genoeg voor het uitvoeren van de euthanasie. De arts had in gesprekken met betrokkenen voldoende onderzocht hoe serieus de doodswens van de vrouw was en had deze bij haar niet meer mondeling kunnen verifiëren, stelde de rechtbank.

OM wil duidelijkheid

Justitie blijft het oneens met het oordeel van de rechter en stelt nu bij de Hoge Raad ‘cassatie in het belang der wet’ in. Dit betekent dat het Openbaar Ministerie aan de hoogste rechter vraagt om over een aantal rechtsvragen definitief duidelijkheid te verschaffen. Met deze „ongebruikelijke stap” hoopt het OM dat er rechtszekerheid ontstaat „voor artsen en patiënten over dit belangrijke punt in de euthanasiewetgeving en de medische praktijk”.

Totdat de Hoge Raad geoordeeld heeft over de zaak van de arts schort het OM de beoordeling van andere lopende soortgelijke euthanasiezaken op. Het Expertisecentrum Euthanasie (voorheen Levenseindekliniek) was eerder kritisch over de vervolging door het OM maar zegt de stap van het Openbaar Ministerie nu „positief” te vinden. Directeur Steven Pleiter noemt het een „belangwekkende zaak”. „Veel artsen zijn blij dat deze verpleeghuisarts nu niet meer vervolgd wordt.”

De advocaat van de arts, Robert-Jan van Eenennaam, zegt in een reactie dat de verpleeghuisarts „opgelucht” gereageerd heeft op het besluit van het OM. „Dit betekent voor mijn cliënt het einde van een lange en intensieve rechtsgang. Eén die een enorme wissel op haar heeft getrokken. Ik gun haar nu van harte rust.” Artsenfederatie KNMG laat weten dat helderheid over euthanasie bij wilsonbekwame patiënten belangrijk is. „Het is dus een goede stap dat de vragen die nog spelen worden verduidelijkt, maar dat dit wordt losgekoppeld van deze arts.”