Recensie

Recensie Boeken

Atkinsons detectives lees je vooral voor de stijl

Kate Atkinson Er zit natuurlijk weer een aardige plot in deze nieuwe roman over Jackson Brodie, de privédetective van Kate Atkinson. Maar je leest haar vooral voor de sprankelende ironie, de associaties en het prachtige Engels.

Foto Getty Images/iStockphoto

De Verenigde Staten hebben Jeffrey Epstein, Groot-Brittannië had Jimmy Savile, in Nederland hebben we het verschijnsel dat asielzoekerskinderen uit de opvang verdwijnen en soms weer terugkomen, moe, stil, en in het bezit van een nieuwe dure telefoon. Seksueel misbruik is een industrie.

In Big Sky, de nieuwe detectiveroman van Kate Atkinson (York, 1951), wordt die industrie gerund vanuit een verlaten verzorgingshuis en een stacaravan aan de kust van North Yorkshire. Jonge vrouwen worden naar Engeland gelokt met een website die werk belooft: in hotels, verpleging, accountancy. Maar na aankomst worden de vrouwen gedrogeerd en als prostituees verkocht. Gewoon, business, vinden de mannen die dat doen, kwestie van vraag en aanbod, er is nu eenmaal altijd vraag naar meisjes. De mannen verdienen zóveel geld dat een van hen zijn vrouw dure designertassen geeft en haar in de waan laat dat ze nep zijn.

Toevallig is Jackson Brodie, Atkinsons trouwe privédetective, in de buurt. Hij past op zijn puberzoon en houdt een overspelige man in de gaten op verzoek van diens vrouw. Maar als anderen aan losse draadjes in oude en nieuwe verhalen over de misbruikindustrie beginnen te trekken, raakt Brodie ook betrokken bij het uitrafelen, al is het maar omdat het genre dat wil. Niet dat Brodie per se degene is die de misdrijven oplost, in ‘zijn’ boeken.

De Jackson Brodie-romans – dit is de vijfde – vormen nu bijna de helft van Atkinsons roman-oeuvre. Naast die detectiveboeken schreef ze de afgelopen kwarteeuw nog zes romans, waarvan er drie belangrijke literaire prijzen kregen. In haar detectiveboeken lijkt ze nóg meer lol te hebben dan in haar ‘gewone’ romans. Natuurlijk wil je weten hoe het afloopt met de meisjes en de vrouwenhandelaars in Big Sky. En je komt ook alles te weten: Atkinson is een eersteklas afhechter, haar plots zijn perfect gecomponeerd, de vluchtende bruid uit het eerste hoofdstuk blijkt achteraf een mooie metafoor voor het verhaal.

Atkinson is een ontzagwekkende associatiemachine.

Maar eigenlijk lees je ook haar detectives vooral voor de stijl: prachtig, origineel, vol sprankelende ironie en verwijzingen naar (Engelse) literatuur. En voor de continue stroom aan kleine, vaak wrange terzijdes van de personages, tegen zichzelf en elkaar. Atkinson is een ontzagwekkende associatiemachine. (Dat we in Big Sky Reggie Chase weer ontmoeten, uit When Will There Be Good News (2008), en Tatiana, uit One Good Turn (2006), is een extra vreugde voor fans.)

Je leest Atkinsons boeken ook voor het prachtige Engels. De wijde lucht, de Nederlandse vertaling (een ondankbare klus, natuurlijk) hield ik niet vol. He liked girls, staat er over Harry van zestien, een lieverd die twijfelt of hij homo is. ‘Hij mocht meisjes’, verkondigt het Nederlands brak. The Fat Lady Sings, heet het laatste hoofdstuk. Dat werd: ‘De dikke dame zingt’, terwijl sommige hoofdstuktitels wel hun Engels mochten houden en het Nederlands geen spreekwoord kent met zingende dikke dames.

It ain’t over till the fat lady sings. We kunnen alleen maar hopen dat Atkinson dit boek bedoelt, en niet terloops het einde van de Jackson Brodie-serie heeft meegedeeld.