Zie wat Monet zag

De Blauweregen van Monet is het middelpunt van een tentoonstelling over zijn tuinen.

Claude Monet, Blauweregen, 1917-1920
Claude Monet, Blauweregen, 1917-1920 Beelden Gemeentemuseum Den Haag, Stedelijk Museum Amsterdam, Rijksmuseum

Stel je voor: je hangt in een hangmat en kijkt omhoog. Je ziet een prachtige blauweregen, met bloesems die net iets paarser zijn dan de blauwe lucht. Of stel je voor: je staat op een brug en kijkt neer op een diepblauwe vijver waarin de zon reflecteert. En je ziet weer die blauweregen, ditmaal weerspiegeld in het water.

Het is moeilijk te zeggen welk perspectief Claude Monet in gedachten had toen hij rond 1920 de blauweregen schilderde in zijn tuin in Giverny. Op het schilderij lijken lucht, water en wolken in elkaar over te lopen. Boven kan onder zijn, of andersom.

Vanaf 12 oktober vormt het schilderij het middelpunt van een Monet-tentoonstelling in Den Haag. Monet maakte zeven schilderijen van de blauweregen. Ze waren bedoeld voor de Orangerie in Parijs, maar bleken te groot en dus bleven ze na zijn dood in 1926 achter in zijn atelier. Pas in de jaren vijftig ontstond er belangstelling voor, toen schilders als Rothko en Pollock diep geraakt werden door de vrijwel abstracte doeken.

De blauweregen is er nog steeds, in Monets tuin in Giverny. Hij woekert over de brug die over de vijver leidt. Kijk omhoog, of omlaag, en zie wat Monet een eeuw geleden zag.

12 okt t/m 2 febr, Gemeentemuseum Den Haag