Zeespiegel deze eeuw 84 cm hoger bij stijgende uitstoot

IPCC-rapport De zeespiegel stijgt op lange termijn harder dan gedacht, schrijft het IPCC. Overheden reageren te traag op klimaatverandering.

Luchtfoto van de Apusiajik-gletsjer op Groenland. Mede door afkalving van landijs stijgt de zeespiegel.
Luchtfoto van de Apusiajik-gletsjer op Groenland. Mede door afkalving van landijs stijgt de zeespiegel. Foto Jonathan Nackstrand/AFP

Als de uitstoot van broeikasgassen blijft toenemen, zal de zeespiegel eind deze eeuw 84 centimeter zijn gestegen. Dat is 10 centimeter hoger dan eerder gedacht, doordat het ijs op Antarctica sneller smelt. Op langere termijn, in het jaar 2300, komt de stijging uit op circa 4 meter.

Dat is een van de nieuwe bevindingen die het IPCC, het wetenschappelijk klimaatpanel van de Verenigde Naties, beschrijft in een woensdag gepubliceerd rapport. Sinds het IPCC in 1988 werd opgericht, stelt het eens in de 5 à 6 jaar een toonaangevend rapport op over de actuele wetenschappelijke inzichten op klimaatgebied.

Bekijk ook de fotoserie: Gletsjers smelten in rap tempo

Het nieuwe rapport concentreert zich op de oceanen en de cryosfeer. De cryosfeer omvat de gebieden op aarde waar water voorkomt in de vorm van sneeuw, permafrost, zee-ijs of gletsjers. Dit rapport is de andere ‘helft’ van het vorige maand verschenen IPCC-rapport dat zich richtte op het (niet-cryosfere) land.

Verzuring oceanen

De algehele conclusie van het IPCC is al jaren hetzelfde. Overheden zijn te slecht georganiseerd en reageren te traag om de toenemende risico’s van klimaatverandering het hoofd te bieden. Om schade aan ecosystemen en menselijke leefgebieden te beperken is dringende, gecoördineerde en collectieve actie nodig. Bijvoorbeeld om het stijgen van de zeespiegel te remmen, maar ook het ontdooien van de permafrost, de verzuring en zuurstofafname in de oceanen, het krimpen van gletsjers.

Vergeleken met zes jaar geleden heeft het IPCC nu meer aandacht voor de stijging van de zeespiegel op lange termijn. Blijft de uitstoot van broeikasgassen toenemen, dan zal in het jaar 2300 de zeespiegel gemiddeld bijna 4 meter hoger liggen dan nu – wel met flinke regionale variatie. De stijging blijft net onder de 1 meter als de uitstoot drastisch wordt verlaagd en opwarming zich beperkt tot 2 graden Celsius ten opzichte van de pre-industriële tijd. „Alleen dat al is genoeg reden om het lage scenario na te streven”, zegt Roderik van de Wal, hoogleraar zeespiegel en invloed op de kust aan de Universiteit Utrecht, die meeschreef aan het rapport. Voor het eind van deze eeuw komt de stijging uit op respectievelijk 84 en 43 centimeter.

Lees een interview met Roderik van de Wal: Bij een IPPC-vergadering wordt ‘elke zin apart goedgekeurd’

Heftige stormen

Ook de kans op extremen, met name overstromingen, is dieper uitgewerkt. Door de combinatie van een stijgende zeespiegel met heftige stormen, zullen ze in de loop van deze eeuw vaker voorkomen, als de mens er geen extra maatregelen tegen neemt. Uitzonderlijke gebeurtenissen die zich nu bijvoorbeeld eens per honderd jaar voordoen, zullen laaggelegen eilanden tegen 2050 al jaarlijks treffen. Voor laaggelegen kustgebieden (zoals Nederland) waar nu wereldwijd 680 miljoen mensen wonen, zal dat punt tegen het eind van de eeuw zijn bereikt.

Om escalerende schade aan ecosystemen en menselijke leefgebieden te voorkomen, moet de uitstoot van broeikasgassen zo snel mogelijk terug naar nul

Om escalerende schade aan ecosystemen en menselijke leefgebieden te voorkomen, moet de uitstoot van broeikasgassen zo snel mogelijk terug naar nul, zo stelt het IPCC opnieuw vast. Dat punt zal tussen 2050 en 2075 bereikt moeten zijn, als tenminste het klimaatakkoord van Parijs (2015) wordt nageleefd. Daarin is afgesproken de opwarming van de aarde te beperken tot 2 graden Celsius, en liefst tot 1,5 °C. Vergeleken met de pre-industriële periode is de aarde inmiddels 1 °C opgewarmd.

Vooralsnog houdt de opwarming van de aarde aan en ziet het IPCC dat allerlei processen aan het versnellen zijn. Het smelten van de ijskappen op Groenland en Antarctica bijvoorbeeld, waardoor de zeespiegel versneld stijgt. De opwarming van de oceanen is tussen 2005 en 2017 gemiddeld sneller gegaan dan in de 35 jaar daarvoor. Op land ontdooit de permafrost, met name in het Arctisch gebied, steeds dieper. De toendra vergroent. Het aantal branden is er de afgelopen 10.000 jaar niet zo hoog geweest. In hooggebergtes slinkt het sneeuwpak, wat op termijn gevolgen kan hebben voor bijvoorbeeld waterkrachtcentrales.