Zeespiegelstijging van 84 centimeter? De Deltawerken beschermden tegen 40 centimeter

Zeespiegel Voor Nederland betekent de stijging van de zeespiegel dat er weinig tijd is voor noodzakelijke aanpassingen, zeggen onderzoekers. „Het kan best nog erger zijn dan we nu denken.”

IJsblokken drijven op het water bij de Collinsgletsjer op het King George Island, Antartica
IJsblokken drijven op het water bij de Collinsgletsjer op het King George Island, Antartica Foto Mathilde Bellenger / AFP

Een snellere stijging van de zeespiegel dan eerder verwacht en meer kans op overstromingen. Dat zijn de nieuwe bevindingen die het IPCC, het wetenschappelijk klimaatpanel van de Verenigde Naties, beschrijft in een woensdag gepubliceerd rapport.

Voor onderzoeker Marjolijn Haasnoot van Deltares is het sneller smeltende ijs op Antarctica niet eens het verrassendste nieuws. „Het IPCC maakt voor het eerst duidelijk dat er een serieuze kans is dat de stijging van de zeespiegel in 2100 ook veel meer kan zijn. Dan praat je voor Nederland over noodzakelijke aanpassingen die je niet zomaar hebt uitgevoerd.”

In het scenario van toenemende uitstoot van broeikasgassen gaat het IPCC ervan uit dat de zeespiegel aan het eind van deze eeuw circa 84 centimeter hoger ligt. Dat is 10 centimeter hoger dan in 2013 nog werd gedacht. Het ijsverlies op bijvoorbeeld Groenland is inmiddels verdubbeld. De jaarlijkse stijging van de zeespiegel is volgens het IPCC opgelopen tot 3,6 millimeter. Op langere termijn, in het jaar 2300, komt de stijging uit op circa 4 meter. De stijging blijft alleen onder de 1 meter als de uitstoot van broeikasgassen drastisch wordt verlaagd en opwarming zich beperkt tot 2 graden Celsius ten opzichte van de pre-industriële tijd. Een maximale opwarming van 2 graden is ook het uitgangspunt van het klimaatakkoord van Parijs uit 2015.

„Opmerkelijk is dat het IPCC, dat altijd met conservatieve verwachtingen komt, nu ook duidelijk stelt dat het veel hoger kan worden”, zegt Haasnoot. „Ook een stijging van 2 meter in 2100 wordt helemaal niet onwaarschijnlijk geacht. Dat betekent dat we relatief weinig tijd hebben voor grote noodzakelijke aanpassingen. Groter dan de Deltawerken waar we dertig jaar aan hebben gebouwd. Die verhoogden de bescherming van Nederland met 40 centimeter.”

Lage-risicotolerantie

Conclusie van Haasnoot is dan ook om de hoge, minder waarschijnlijke projecties van het IPCC serieus te nemen. Ook het IPCC stelt dat landen met een zogeheten lage-risicotolerantie, zoals Nederland, er goed aan doen om ook rekening te houden met een minder waarschijnlijke stijging, dus meer dan 1,10 meter in 2100. „De onzekerheid over de toekomstige zeespiegelstijging moet er niet toe leiden dat je niets doet. Juist omdat de stijging heel snel kan gaan, is het verstandig om tijdig over adaptieve maatregelen te nemen. Dat betekent dat je tijdig moet nadenken over bijvoorbeeld extra ruimte voor bredere dijken of veel meer zandsuppletie voor de kust om de veiligheid en de zoetwatervoorraad te kunnen garanderen.”

Het woensdag uitgebrachte IPCC-rapport, dat gebaseerd is op het werk van honderden wetenschappers, concentreert zich op de oceanen en de bevroren delen van de aarde zoals zee-ijs, permafrost of gletsjers. Dit rapport is de andere ‘helft’ van het vorige maand verschenen IPCC-rapport dat zich richtte op het land en opriep de productie en consumptie van voedsel radicaal te wijzigen.

Verrassende conclusies

Voor Gert-Jan Reichart die het oceaanonderzoek van instituut NIOZ leidt, is het nog maar de vraag of het IPCC-onderzoek alle processen die tot een hogere zeespiegel leiden in beeld heeft. „Het IPCC komt alleen met conclusies waar een brede consensus over is en ook deze gematigde conclusies blijken ons telkens weer te verrassen. Als je niet alle processen in beeld hebt, kloppen je modellen ook niet helemaal. Het kan nog best erger zijn dan we nu denken en het houdt ook niet op na 2100.”

Naast de stijgende zeespiegel is ook de kans op overstromingen verder door het IPCC uitgewerkt. Door de combinatie van een stijgende zeespiegel met heftige stormen, zullen ze in de loop van deze eeuw vaker voorkomen, als de mens er geen extra maatregelen tegen neemt.

Lees ook: Bij een IPCC-vergadering wordt ‘elke zin apart goedgekeurd’

Nu nog uitzonderlijke gebeurtenissen zullen laaggelegen eilanden tegen 2050 jaarlijks treffen. Voor laaggelegen kustgebieden (zoals Nederland) waar nu wereldwijd 680 miljoen mensen wonen, zal dat punt tegen het eind van de eeuw zijn bereikt.

Klimaatwetenschapper 16

Luister ook naar deze aflevering van onze podcastserie NRC Onbehaarde Apen: Moeten we Nederland inleveren aan de zee?

U kunt zich ook abonneren via Apple Podcasts, Stitcher, Spotify, Castbox of RSS.