Training verbetert de hechting van kat met baasje niet

Dierpsychologie Zeventig jonge katten zijn onderworpen aan een gedragstest, om te zien hoe zij zich hechten aan hun baasjes.

Een van de veilig gehechte katten uit het onderzoek.
Een van de veilig gehechte katten uit het onderzoek. Foto Kristyn Vitale

Als de baas van huis is, danst de kat dan op tafel? Niet altijd, schrijven Amerikaanse onderzoekers in Current Biology. Net zoals honden (en ook mensen) kunnen katten veilig óf onveilig gehecht zijn. In dat eerste geval kunnen ze zich prima zelf redden als het baasje een paar minuten weg is. Maar in het tweede geval vertonen ze rusteloos en angstig gedrag.

De wetenschappers onderwierpen 70 kittens tussen de 3 en 8 maanden oud aan een Secure Base Test: elke jonge kat verbleef 2 minuten met z’n baasje in een (voor de kat onbekende) kamer, vervolgens verliet het baasje 2 minuten de kamer en tot slot was er een 2 minuten durende hereniging.

Begroeten en spelen

Vervolgens categoriseerden de onderzoekers het gedrag van de katten. Kittens werden beoordeeld als veilig gehecht als zij de baas ‘actief, open en positief’ begroetten bij hereniging en daarna verder gingen spelen. Onveilig-ambivalente kittens vertoonden ‘overdreven aanklampend gedrag’, terwijl onveilig-vermijdende kittens juist totaal niet van slag waren als hun baas weg was en geen reactie bij terugkomst vertoonden. Een vierde groep vertoonde gecombineerd aanklampend en vermijdend gedrag.

Bijna tweederde werd beoordeeld als veilig gehecht. Van de overige, onveilig gehechte kittens was 84 procent ambivalent gehecht, 12 procent vermijdend en 4 procent gemengd.

Een deel van de kittens kreeg nog een zesweekse training. Dat leek weinig uit te maken: 81 procent van de katten behield dezelfde hechtingsvorm.

Band met de moeder

„Het idee is leuk”, reageert Kees van Oers, hoogleraar animal personality aan Wageningen Universiteit. „Maar de lezer blijft in het ongewisse: zijn het individuele kenmerken of is het een momentopname? Onduidelijk is of de aanhankelijkheid daadwerkelijk stabiel is, en mensgericht.”

Sterker nog: omdat niet is gekeken hoe de kittens reageerden als er een onbekende de kamer binnenkwam, is niet te zeggen in hoeverre zij zich aan het baasje hechtten, benadrukt gedragsbioloog Claudia Vinke van de Utrechtse faculteit diergeneeskunde. „Ik mis informatie over de band die de kittens met hun moeder hebben. Vermoedelijk heeft die ook invloed op hoe katten zich aan mensen hechten.” Bovendien zijn de kittens pas getest na de ‘socialisatiefase’, die plaatsvindt als ze tussen de 2,5 en 7 weken oud zijn. „Daarin leren ze om zich tot andere dieren én tot mensen te verhouden. Misschien hebben de ‘angstig gehechte’ katten minder contact gehad met mensen tijdens die fase, en zijn ze daarom angstiger. Dat is dan ook niet op te lossen met training achteraf.”