Opinie

Groene criminologen zien de natuur wél als slachtoffer

Criminaliteit heeft niet alleen op mensen betrekking, maar ook op de natuur. De ‘groene criminologie’ bepleit een ‘non speciesistische’ veiligheidszorg. Lector veiligheidszorg Janine Janssen stemt ermee in.

Schiermonnikoog. Spullen die aanspoelden nadat het vrachtschip MSC Zoe afgelopen januari 345 containers verloor.
Schiermonnikoog. Spullen die aanspoelden nadat het vrachtschip MSC Zoe afgelopen januari 345 containers verloor. ANP REMKO DE WAAL

Op vier oktober verwisselde Franciscus van Assisi het tijdelijke met het eeuwige. Aanvankelijk leidde deze twaalfde-eeuwer een tamelijk losbandig leven. Zijn vader onterfde hem. Maar na een ziekbed kwam dit rijkeluiskind tot inkeer. Hij leefde een tijd als kluizenaar. Vervolgens trok hij rond, predikend tot mensen en andere dieren.
In de twintigste eeuw zou hij het schoppen tot de patroonheilige van de milieubeweging en dierenbescherming. We vieren die sterfdag van Assisi omdat het de eerste dag van het hemelse leven is. Nu hebben we, naast Werelddierendag, ook nog Vader- en Moederdag, volgend jaar op 21 juni en 10 mei. Ik hoop dat mensen vaker dan één dag per jaar stil staan bij het belang van die familiebanden, als onderzoeker van interpersoonlijk geweld in familieverband. Van je familie moet je het immers hebben: ze bereiden je als kind voor op de rest van je leven. Als dat in de jonge jaren misgaat, dan betaal je daar in je latere leven een hoge prijs voor.

Andere soorten

Aan dieren zouden we echter ook wat meer mogen denken. Waar we familie vanzelfsprekend vinden, beseffen we minder dat een menselijke samenleving zonder andere soorten ondenkbaar zou zijn. We eten dieren, drinken hun melk, maken er schoenen en andere gebruiksartikelen van. Ze houden ons gezelschap en we vergapen ons aan ze in de natuur. En dat is nog lang niet alles.
Ondanks hun alomtegenwoordigheid zijn dieren in de sociale wetenschappen, zoals de criminologie, lange tijd stiefmoederlijk behandeld. Inmiddels is de ster van wat de ‘groene criminologie’ heet, wel rijzende. Bij de bestudering van veiligheidsvraagstukken realiseren groene criminologen zich dat niet alleen mensen slachtoffer kunnen worden van crimineel handelen, maar ook andere soorten en zelfs hele ecosystemen.
De tijden zijn voorbij dat criminologen zich nog achteloos van het etiket victimless crime - slachtofferloze criminaliteit - konden bedienen bij milieuverontreiniging en de opwarming van de aarde. Inmiddels weten we beter. Maar toch wringt de schoen. Want het is de vraag of we bij alle zorgen om klimatologische rampspoed die we zelf aanrichten, daadwerkelijk ook in de rats zitten om het leed dat we andere soorten buiten de mens berokkenen.

Eigen soort

Als een prachtig gebied met een bijzonder ecosysteem verloren bedreigd wordt, lijken we dat vooral jammer te vinden omdat een feeërieke reisbestemming verloren dreigt te gaan. Neem bijvoorbeeld de Malediven die omgeven zijn door een alsmaar stijgende Indische Oceaan.
Als de olifant, de neushoorn, de leeuw, het luipaard en de buffel, de vijf grootste dieren van Afrika, voorgoed van de aardbodem dreigen te verdwijnen, betreuren we vooral dat generaties na ons nooit meer deze imposante dieren kunnen aanschouwen.

Volgens kritische criminologen hebben we last van speciesisme. We stellen onze eigen soort – species - en ons eigen belang centraal. In het denken over veiligheid zouden we een non-speciesistische benadering moeten kiezen. Dat we ons realiseren dat we niet alleen op deze planeet zijn en dat onze handel en wandel consequenties heeft voor ander leven. Dat andere soorten door het gedrag van mensen beïnvloed worden is één ding. Maar het heeft nog heel wat voeten in aarde om daadwerkelijk tot een non-speciesistische veiligheidszorg te komen.
Om sommige dieren maken we ons meer druk dan om anderen. Als het er leuk uitziet, zijn we meer genegen om ons voor bescherming in te zetten. Voor een panda lopen we nu eenmaal harder dan voor een wandelende tak. Huisdieren roepen meer zorg op dan het dier dat uiteindelijk als karbonade op het bord landt. We zijn niet heel consequent in onze omgang met andere soorten.

Onheilstijdingen

Daar komt wat bij. Ik vind het vaak al lastig om me te verplaatsen in medemensen. Maar de leefwereld en het slachtofferschap bij andere soorten inschatten, is vele malen moeilijker. Criminologen en andere sociaalwetenschappelijke denkers die zich over veiligheidsvraagstukken buigen, moeten eens goed naar hun gereedschapskist kijken en wellicht ook bij biologen te rade gaan. Wat deze wetenschappers vertellen, gecombineerd met de onafgebroken stroom onheilstijdingen over het milieu en het klimaat, stemt somber. Zo dreigt bij velen alle hoop te verdampen. Maar defaitisme brengt ons niet verder. Misschien biedt het verhaal van Franciscus dan toch een sprankje hoop: beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.

De Veiligheidscolumn wordt geschreven door experts uit de politiewereld. Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de Nationale Politie, lector Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties aan Avans Hogeschool en bijzonder hoogleraar Rechtsantropologie aan de Open Universiteit.

Op 4 oktober verschijnt van haar: Waarom de criminologie mij dierbaar is. Een persoonlijk pleidooi voor non-speciesisme bij Boom Criminologie.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.