Europees Hof: belastingdeal Nederland met Starbucks eerlijk

De belastingregeling die Starbucks in 2008 met de Nederlandse fiscus sloot, is niet in strijd met Europese wetgeving.

Een Starbucks-vestiging.
Een Starbucks-vestiging. Foto Lex van Lieshout/ANP

Nederland heeft geen ongeoorloofde staatssteun verleend aan Starbucks. Dat heeft het Gerecht van de Europese Unie, onderdeel van het Europees Hof van Justitie in Luxemburg, dinsdag bepaald. Het Hof gaat niet mee in een eerder oordeel van de Europese Commissie dat de fiscus de Amerikaanse koffiereus oneerlijke belastingvoordelen had verleend. Volgens het Hof heeft de berekening die de Commissie heeft gemaakt om het belastingvoordeel aan te tonen „het Gerecht niet overtuigd”.

De fiscus heeft in 2016 25,7 miljoen euro teruggevorderd bij Starbucks vanwege het oordeel van de Europese Commissie. Dit was ondanks de beroepsprocedure verplicht. Als de Europese Commissie geen beroep aantekent tegen de uitspraak van het Gerecht, kan dit bedrag teruggegeven worden aan Starbucks.

Staatssecretaris van Financiën Menno Snel (D66) zegt in een eerste reactie blij te zijn dat er duidelijkheid is gekomen over de zaak. „Deze uitspraak betekent dat de Belastingdienst Starbucks niet beter of anders heeft behandeld dan andere bedrijven”, aldus Snel.

Lees ook: Nederlandse fiscus kwam Starbucks flink tegemoet

Rulings

De zaak rondom de belastingvoordelen van Starbucks loopt al jaren. De Europese Commissie oordeelde in 2015 dat de belastingregeling die de koffieketen met Nederland had gesloten, in strijd is met Europese wetgeving. Door een speciale regeling zou Nederland Starbucks „oneerlijke voordelen ten opzichte van andere bedrijven” hebben gegeven, wat de Commissie bestempelde als ongeoorloofde staatssteun. Zij stelde dat de Nederlandse belastingdienst miljoenen aan misgelopen belastingen moest terugvorderen.

De deal heeft te maken met een samenwerking tussen Starbucks Nederland en zusterondernemingen in Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk. Starbucks Nederland zou jarenlang expres te veel voor koffiebonen en kennis van deze zusterondernemingen hebben betaald. Daardoor maakte Starbucks in Nederland minder winst en hoefde het bedrijf hier dus minder belasting te betalen.

Deze prijzen waren vastgelegd in een zogenoemde Advance Pricing Agreement, waarin een bedrijf met de Belastingdienst afspreekt welke prijzen het mag rekenen als het zaken koopt van andere bedrijfsonderdelen. Nederland heeft vergelijkbare rulings gemaakt met andere grote bedrijven. De EC onderzoekt momenteel de deals die de fiscus sloot met Ikea en Nike.

‘Klap in gezicht’

De uitspraak van de hoogste Europese rechter is „een klap in het gezicht van de verantwoordelijke Eurocommissaris Margrethe Vestager”, zegt PvdA-Europarlementariër Paul Tang. Afgelopen maart slaagde Tang er nog in het Europees Parlement op te roepen om Nederland als belastingparadijs te bestempelen.

De kwestie-Starbucks is volgens Tang de meest „gezichtsbepalende” in een reeks zaken waar Vestager zich sterk voor maakt. In juli oordeelde ze nog dat Nederland verboden staatssteun heeft geboden aan de Amerikaanse sportkleding- en schoenenfabrikant Nike. „Je spant die zaken aan als je het heel zeker weet. Maar zo sterk staat Vestager kennelijk niet. Deze Starbucks-uitspraak is voor haar een slecht voorteken.”