Van vleesschaamte is geen sprake

Consumptiepatroon Tegen de verwachting in eten Nederlanders weer meer vlees. Het kán aan de lange barbecuezomer van 2018 liggen.

Spareribs op de jaarlijkse Binnenhof Barbecue op de laatste vergaderdag voor het zomerreces van de Tweede Kamer.
Spareribs op de jaarlijkse Binnenhof Barbecue op de laatste vergaderdag voor het zomerreces van de Tweede Kamer. Foto Bart Maat/ANP

Het schap met vleesvervangers groeit, het bewustzijn over de impact van vlees op het klimaat ook. Dan zal er ook wel minder vlees gegeten worden, toch? Nee dus. Nederlanders eten zelfs weer iets meer vlees, blijkt uit onderzoek door onderzoeksinstituut Wageningen Economic Research.

Voor het eerst in tien jaar is de vleesconsumptie weer gestegen. Op het hoogtepunt, in 2009, werd er per hoofd van de bevolking 79,1 kilo vlees per jaar geconsumeerd. Daarna daalde dat tot 76,6 kilo in 2016 en 2017. In 2018, zo blijkt nu, werd er weer wat meer vlees gegeten: 77,2 kilo gemiddeld. In dat ‘karkasgewicht’ zijn ook been, vet en zwoerd meegerekend; ongeveer de helft wordt ook echt opgegeten.

De toename lijkt haaks te staan op cijfers die in augustus naar buiten kwamen. Marktonderzoeksbureau IRI meldde toen dat de vleesverkoop in tweeënhalf jaar 9 procent was gedaald. IRI keek daarvoor naar het aantal gescande vleesproducten in de supermarkt.

Wageningen Economic Research rekent anders: het kijkt naar het aantal slachtingen, naar in- en uitvoer en naar veranderingen in voorraden. In totaal wordt naar vijfhonderd vleesproducten gekeken. Producten waar vlees in zit, zoals lasagne of soep, tellen niet mee. Horeca en thuisbezorgen wel.

Dat levert niet alleen minder spectaculaire schommelingen op, het gaat ook in tegen de trend die IRI schetste: dat de vleesvervangers groeien ten koste van vlees, dat men vegan kipstuckjes koopt en kipfilet laat liggen. Het onderzoek uit Wageningen laat zien dat Nederlanders meer kip zijn gaan eten: de categorie pluimvee groeide het sterkst, hoewel varkensvlees, met 36,6 kilo per jaar, nog steeds het populairst is.

Varkensvlees en kip het populairst

Een pondje meer vlees dan in 2017, het lijkt niet veel maar het gaat wel tegen de verwachting in, zegt Hans Dagevos, die onderzoek doet naar vleesconsumptie en deze studie deed in opdracht van dierenwelzijnsorganisatie Wakker Dier. „Vlees eten heeft een aanzienlijke impact op het klimaat en te veel vlees is niet goed voor de gezondheid.” Begin augustus bracht het IPCC, het wetenschappelijk klimaatpanel van de Verenigde Naties, nog een rapport uit met als belangrijkste advies: eet meer planten en minder vlees. „Die urgentie wordt in de wetenschap al jaren gevoeld, maar is maatschappelijk kennelijk nog niet geland. Ook het gezondheidsadvies van maximaal 70 gram per dag halen we bij lange na niet.”

Lees ook Wat als we stoppen met vlees eten?

Dagevos probeert al tien jaar verklaringen te vinden. Die kunnen soms simpel zijn: 2018 kende een mooie zomer met veel barbecueweer, en bij een barbecue eet je al snel drie keer zoveel vlees als bij een gewone maaltijd. Mogelijk speelt ook de groei van het toerisme mee. „Het zou interessant zijn om te kijken wat strandtenten serveren, en of het aantal grillrestaurants groeit.”

Nog interessanter zou het zijn om te weten wat consumenten beweegt: waarom eten ze vlees? Waarom stoppen of minderen ze? Of wat weerhoudt hen daar juist van?

Dagevos ziet dat er een groep van ongeveer 20 procent is die minder vlees eet. „Dat is de groep die er echt serieus mee bezig is.” Ze kiezen bewust voor plantaardige alternatieven of noemen zichzelf flexitariër, vegetariër (minder dan 5 procent) of veganist (minder dan 1 procent). Maar de invloed van die voorhoede op het totaal is gering.

Het brede midden

Het is de massa die telt. „Er is een groep van 50, 60 procent die nauwelijks beweegt. Het brede midden van Rutte, zou je kunnen zeggen. Als daar niets verandert, snap je waarom de schommelingen zo klein zijn.”

Ten slotte is er een kleine groep, vooral mannen, die substantieel te veel vlees eet, zo’n 200 gram per dag. Dat haal je makkelijk als je bij elke maaltijd vlees eet. Of als je ‘compensatiegedrag’ vertoont: „Het zou mij niet verbazen als binnen de groep die mindert mensen zijn die zich af en toe aan vlees te buiten gaan.”

Hoewel vegetariërs niet meer gek worden gevonden, is vlees eten nog steeds de norm. En de vleeseter is geneigd die status quo te verdedigen, schrijven Dagevos en zijn collega-onderzoekers die een recente Canadese studie aanhalen. Mensen ontlenen aan vlees hun identiteit. Het is mannelijk en het hoort bij een sterk lichaam. Bovendien: „Eten en delen van vlees drukt connectie en traditie uit.” Gezellig samen barbecuen bijvoorbeeld.

Lees ook: Minder vlees op je bord? Dat heeft niemand door

Wordt vlees eten langzamerhand een daad van verzet? Zijn er groepen die de oproep om minder vlees te eten van ‘klimaatdrammers’ en ‘health freaks’ beantwoorden met nóg meer vlees? Dagevos ziet „los van sociale media” veel tolerantie ten opzichte van mensen die minderen. „Maar als het thema van vleesreductie serieus wordt opgepakt en het aanbod wordt beperkt, speelt dat mogelijk op.” De vrijheid om te eten wat je wilt, het recht op ongezond leven wordt in stelling gebracht als vlees in de verdrukking dreigt te komen. „Dan komt er wellicht een groep die – in Telegraaf-retoriek – zijn gehaktbal beschermt.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.