De augiasstal en het kreunende rund

Wie: melkveehouder Johan (57)

Kwestie: opzettelijk verwaarlozen van koeien

Waar: rechtbank Zwolle

De Zitting

Met de boerderij leek weinig mis. Melkveehouder Johan had het erf opgeruimd en de landbouwwerktuigen schoongemaakt. Maar toen inspecteurs van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) op een februaridag in 2018 zijn staldeuren openduwden, walmde de rotting hun tegemoet. Op de vloer lag een laag vloeibare mest vermengd met urine – oude en verse plakkaten van wel tien centimeter dik, staat in het proces-verbaal. In de ligboxstal en de jongveestal, maar ook in voergangen en op alle roostervloeren.

Met vervuilde vachten waadden tientallen koeien zich een weg naar hun drinkbakken, gezonde en zieke dieren door elkaar. De inspecteurs lieten achttien runderen afvoeren, kreupel of met schurft, luizen, en longworm. Koe 0803 moest blijven omdat ze te ziek was voor vervoer. Ze lag tussen het voer en kon niet meer overeind komen. De verdachte beloofde er een dierenarts bij te halen. Maar een maand later troffen de inspecteurs 0803 zwaar kreunend aan: het rund was ernstig vermagerd en had doorligplekken. Een dierenarts heeft haar diezelfde dag nog een spuitje gegeven.

De augiasstal van Johan was bekend bij de NVWA. Al een jaar eerder waren inspecteurs vanwege een hoge kalversterfte op zijn boerderij komen kijken. Ze hadden 56 runderen in beslag genomen – die waren te mager of ziek door gebrek aan hygiëne en drinkwater. Tot woede van de verdachte, die voor het oog van zijn vrouw en dochters in de boeien werd geslagen toen hij een van de inspecteurs dreigde ‘een kogel door de kop’ te jagen. Hoewel hij die bedreiging nog altijd ontkent, werd hij daarvoor al wel veroordeeld tot een voorwaardelijke celstraf van drie weken.

Ook nu ontkent de boer steevast alle zes de ten laste gelegde feiten als de officier van justitie ze voorleest. Er was volgens haar te weinig drinkwater; het melkvee had geen droge en schone ligplaats; de mestput liep over; zieke koeien werden niet gescheiden van gezond vee; ze werden evenmin behandeld; en elf pinken misten een oormerk.

„Allemaal verzonnen door de NVWA”, roept Johan, afgetrapte ‘penny loafers’ onder een tweedjasje. Want hè hè, de inspecteurs kwamen telkens als zijn mestput vol zat en overliep . „Op het moment dat ik net gemixt had. Door een constructiefout in de kelder komt de mest omhoog. Daarna pak je de spuit, doe je zaagsel erover en weg is ’t.” En dan de 74 in beslag genomen runderen. „Die waren zogenaamd ziek. Maar als een koe 360 kilo weegt, is-ie niet ziek.”

Ook rund 0803 niet, vraagt de rechtbankvoorzitter alert. Dat tandenknarste van de pijn. Waarom liet de verdachte deze koe een maand kreupel in de voergang liggen? Onzin, beweert de verdachte. Na het bezoek van de dierenarts kon 0803 volgens hem weer lopen. „Tot ze op de dag van de inval weer door de poten ging.” En die doorligplekken dan, dringt de rechter aan. Johan: „Die waren van de inval ervoor.” Kan het niet zijn, oppert de voorzitter, dat u té lang heb gewacht met euthanaseren? Johan: „Je zet niet direct de spuit d’r in.”

De officier kan zich „niet aan de indruk onttrekken dat hier een kletsverhaal wordt opgehangen”. Voor het opzettelijk verwaarlozen van 109 koeien eist ze 180 uur werkstraf, waarvan de helft voorwaardelijk met drie jaar proeftijd. En verder moet het bedrijf een jaar stil worden gelegd zodra de inspectie er weer misstanden signaleert.

De advocaat vindt dat haar cliënt „dubbel gestraft wordt”. Doordat de NVWA koeien in beslag heeft genomen, loopt de boer 43.000 euro subsidie mis die hem was toegezegd omdat hij zijn veehouderij wilde verruilen voor akkerbouw. Verder acht ze haar cliënt niet verantwoordelijk voor de constructiefout in de mestkelder en hoopt ze dat de rechtbank er rekening mee houdt dat Johan „hele dagen nodig is op zijn boerderij met meer dan 100 runderen”.

Daar trapt de rechtbank niet in. Johan krijgt de straf die geëist was. Huisvesting en verzorging waren „volstrekt onvoldoende”, luidt het vonnis, „en door de situatie in de stallen werd gezondheid en welzijn van de dieren ernstig benadeeld”.