Opinie

Alleen als de wereld dat wil, kan oorlog in Jemen stoppen

Hoe een eind te maken aan het zinloze geweld in Jemen? Carolien Roelants sprak met de gedreven Jemenitische activiste Radhya al-Mutawakel.

Dwars

Radhya al-Mutawakel leeft al 15 maanden uit haar koffer en in hotels en bij vrienden. Ik sprak haar in Den Haag over haar strijd tegen de oorlog in Jemen en tegen de mensenrechtenschendingen die er door alle betrokken partijen worden gepleegd. Hiervandaan vertrok ze naar Genève, waar deze week in de VN-Mensenrechtenraad het mandaat aan de orde is van de internationale commissie die sinds 2017 mensenrechtenschendingen in Jemen onderzoekt (en die om het Saoedisch-Emiraatse verzet te omzeilen niet commissie van onderzoek mag heten, want er is niks te onderzoeken nietwaar, maar Group of Eminent International and Regional Experts on Yemen). Daarna reist ze naar de VN in New York, dan naar Ethiopië. Haar man en medeoprichter van mensenrechtenorganisatie Mwatana (Arabisch voor burgerschap) is thuis in Sana’a. Zij wil ook graag naar huis, dan moet ze naar Aden vliegen en een uur of tien over de weg reizen. Daar zou ze zomaar kunnen verdwijnen, ze heeft een hoop vijanden. Ze neemt geen risico.

Het onderstreept haar gedrevenheid om Jemen in onze belangstelling te krijgen en te houden en zo te helpen een eind te maken aan dit zinloze geweld. Binnen Jemen heeft Mwatana nu ruim zeventig mensen fulltime in dienst die de schendingen door alle partijen in kaart brengen. Zie op mwatana.org het jaarrapport Withering Life. Wie betaalt dit? Onder andere Unicef en andere ngo’s. Ze wil geen geld van de VS, het VK en Frankrijk, die met hun wapenleveranties direct in de oorlog betrokken zijn. Al-Mutawakel was hier op uitnodiging van Buitenlandse Zaken.

Dat van die ergste humanitaire crisis ter wereld die de afgelopen vierenhalf jaar is aangericht door de Saoedisch-Emiraatse oorlog tegen de Houthirebellen, dat weet u nu wel. Maar hoe kan daar een eind aan worden gemaakt? Met politieke druk door de internationale gemeenschap. De wapenleveranties stoppen zou onvoldoende zijn; daar zijn wapens te over, zegt Al-Mutawakel. Weliswaar lijkt een hoofdrolspeler, de Emiraten, zich nu uit de oorlog terug te trekken. Dat is schijn. In hun dienst vechten milities door. Er is geen enkel teken dat de Saoedische kroonprins wil stoppen. De Houthirebellen die het doelwit van de oorlog zijn, zijn met Iraanse wapenhulp een stuk sterker geworden. Zinloos geweld, schreef ik hierboven, ja, want deze oorlog valt door niemand te winnen.

Maar let op: dit is niet alleen een slechtnieuwscolumn. Al-Mutawakel onderstreept dat de partijen echt gevoelig zijn voor druk. De internationale woede over de Saoedische moord op journalist Jamal Khashoggi produceerde eind 2018 beperkt vredesoverleg. Er zijn minder verdwijningen, er worden mensen vrijgelaten, er zijn minder luchtbombardementen, zegt ze. Internationale aandacht is het zwaarste wapen in haar arsenaal.

Daarom is deze week de kwestie van het mandaat van bovengenoemde eminent experts ook van betekenis. Er moeten een paar woordjes bij in hun opdracht: „het verzamelen en bewaren van bewijs” van schendingen. Als opmaat naar berechting van schuldigen en een einde aan de straffeloosheid. Gaat dat lukken? De kerngroep met Nederland die in 2017 de eminent experts heeft doorgedreven, zwijgt er nog over. Aan Al-Mutawakel zal het niet liggen.