Zicht op doorbraak in migratiecrisis Middellandse Zee

Migratiebeleid EU Enkele Noord-Europese landen willen structureel migranten opnemen om Italië en Malta te ontlasten. Nederland doet (nog) niet mee.

Geredde migranten nadat ze aan land zijn gekomen in de Marsamxett-haven van Valletta, de hoofdstad van Malta.
Geredde migranten nadat ze aan land zijn gekomen in de Marsamxett-haven van Valletta, de hoofdstad van Malta. Foto Darrin Zammit Lupi/Reuters

De ministers van Binnenlandse Zaken van Frankrijk, Duitsland, Italië en Malta ontmoeten elkaar deze maandag in het Maltese Vittoriosa. Daar, met de Europese Commissie en het Finse EU-voorzitterschap als getuigen, ondertekenen ze naar verwachting een verklaring dat Italië en Malta hun havens weer openen voor migranten uit de Middellandse Zee, op voorwaarde dat Duitsland en Frankrijk elk een kwart van deze mensen opnemen. Tien procent blijft in Italië, de rest moet naar andere EU-landen. Nederland heeft zich (nog) niet bij deze migratiecoalitie aangesloten.

Het voorstel, dat volgens een gelekte ontwerptekst „tijdelijk” en „vrijwillig” is, is een doorbraak in de migratiecrisis in de Middellandse Zee. Of het voorstel een succes wordt, hangt echter af van de vraag of Duitsland, Frankrijk en anderen in deze ‘migratiecoalitie’ snellere procedures kunnen opzetten om te beoordelen wie politiek asiel kan krijgen en wie niet. Vervolgens moeten zij economische migranten – verreweg de meesten – terugsturen. Nu lukt dat slecht.

De crisis begon toen Matteo Salvini, de rechts-populistische minister van Binnenlandse Zaken in Italië, Italiaanse havens sloot voor schepen van ngo’s die migranten oppikten. Schepen die dit toch deden, kregen hoge boetes. Veel ngo-schepen haakten af, waardoor er meer migranten verdronken dan voorheen.

Drenkelingen aan boord

Schepen die wel actief bleven, dobberden lang rond met drenkelingen aan boord. Wekenlang domineerden die het nieuws, zoals de Sea Watch 3 met kapitein Carola Rackete in juni. In 2019 brachten ngo’s amper 400 mensen naar Italië, historisch weinig. Maar Salvini ging zo tekeer tegen ngo-schepen en „linkse wereldverbeteraars” dat de indruk ontstond dat er een enorme toevloed was. Tijdens deze crisis steeg Salvini’s populariteit in de peilingen, van 17 naar 37 procent. De minister leek meer geïnteresseerd in zijn eigen toekomst dan in een oplossing. De verhouding tussen Italië enerzijds en Duitsland en Frankrijk anderzijds verslechterden met de dag.

Lees ook: redders van bootmigranten staan zwaar onder druk

Toen de Italiaanse regering vorige maand viel, en linkse partijen een nieuwe regering vormden zonder Salvini’s Lega, zagen Duitsland en Frankrijk hun kans schoon. Parijs en Berlijn zochten meteen contact met Rome. Als zij een oplossing wilden, moest het nú. Hun aanbod om de helft van de migranten van Italië en Malta over te nemen, is doenlijk: het aantal aankomsten is laag. En in het tijdperk-Salvini kwamen de drenkelingen uiteindelijk ook aan land. Die werden toen óók verdeeld over Frankrijk, Duitsland, Finland, Portugal, Spanje en wat andere landen.

Door de migratieafspraak tussen deze coalitie en Italië plus Malta, denken experts, zal de bottleneck naar het noorden verschuiven. Veel Europeanen zijn verontwaardigd dat de EU mensen op zee laat sterven. In Duitsland was de steun voor schepen als Sea Watch 3 deze zomer 70 procent. Dit gaf de Duitse regering het zelfvertrouwen om het aanbod aan Italië en Malta te doen. Zelfs minister Seehofer (Binnenlandse Zaken), eens een migratiehavik, bepleit nu „solidariteit” met Italië.

Seehofer beseft evenwel dat de steun van de bevolking wel voorwaardelijk is. Duitsers willen vluchtelingen verwelkomen, maar economische migranten de deur wijzen. Duitsland zal de opgenomen drenkelingen snel moeten scheiden in vluchtelingen en economische migranten. Vluchtelingen kunnen blijven, anderen moeten terug naar hun land van herkomst. Als dat lukt, kunnen burgers de deal blijven steunen.

Achilleshiel

Dit terugsturen blijft echter de achilleshiel van het Europese asiel- en migratiebeleid. Noord-Europa stuurt mensen terug naar de Balkan, Georgië of Oekraïne. Omdat het deze landen legale migratiekanalen biedt, helpen ze mee om illegale migranten terug te nemen. Dit lijkt op het akkoord dat de EU in 2016 met Turkije sloot. Die deal houdt, ondanks diverse crises, stand omdat Turkije erbij gebaat is: het land ontvangt geld en assistentie, en EU-landen nemen (mondjesmaat) Syrische vluchtelingen uit Turkije op.

Die dingen biedt Europa Afrikaanse landen niet. Daarom nemen die weinig illegale migranten terug. De meeste mensen die nu in Italië arriveren, komen uit Tunesië, Pakistan en Marokko. Van hen krijgen maar heel weinigen de vluchtelingenstatus in de EU. Vrijwel allen moeten terug. Maar hun landen werken niet mee. De grote uitdaging van de EU is om dit te veranderen. Anders zal het gaan zoals met Gambianen in Duitsland: van de 10.000 illegale Gambianen zijn er dit jaar exact 114 teruggestuurd. Het laatste Duitse chartervliegtuig (kosten: 70.000 euro) bracht in februari twintig Gambianen terug, geboeid en in bedwang gehouden door zestig Duitse agenten. Gambia voelde zich vernederd en sloot de poort.

EU-landen weten heel goed wat ze landen als Gambia moeten bieden, in ruil voor terugname van illegalen. Stapels voorstellen van de Europese Commissie sommen dit al jaren op: legale migratiekanalen als studieplekken en werkvisa in Europa, plus voorzieningen om teruggestuurde illegalen in eigen land op te leiden.

Duitse en Franse politici weten dat de steun van burgers voor de opvang van vluchtelingen valt of staat met een efficiënt terugkeerbeleid. Als het deze EU-kopgroep lukt om dit te regelen, zullen meer landen meedoen en kan Europa eindelijk greep krijgen op migratie. Zo niet, dan beseft men in Europese hoofdsteden terdege wat het gevolg kan zijn: een comeback van Matteo Salvini.