De spelregels in het Midden-Oosten zijn veranderd, de inzet is verhoogd

Oorlogvoering Kriskras vliegen in het Midden-Oosten drones en raketten en niemand eist de aanvallen op. Vaak speelt het conflict met Iran op de achtergrond mee.

In deze oorlog is nog geen dode gevallen. Tenminste, als men alleen kijkt naar de reeks incidenten van de voorbije maanden in de Golf, met de droneaanval tegen de olie-installaties van Saudi Aramco als voorlopige climax. Maar zoom een beetje uit en er komen wel tientallen doden in beeld – in Irak en Syrië. Zoom nog verder uit en je komt uit bij honderdduizenden doden – in Jemen en in Syrië, waar lokale conflicten versterkt worden door de onverklaarde oorlog tussen Iran en Saoedi-Arabië.

Wat opvalt, is hoeveel aanvallen niet worden opgeëist. Raketten en drones vliegen over en weer, maar niemand heeft het ooit gedaan. Afgezien van de Houthi-rebellen: die claimen elke aanval tegen Saoedi-Arabië, maar er is blijkbaar niemand die hen gelooft.

Washington ziet de hand van Iran in de aanval van 14 september, die de helft van de Saoedische olieproductie platlegde. Riad ook, maar het blijft voorzichtig: de aanval kwam uit het noorden, niet uit Jemen, klonk het woensdag. Daarmee wordt de mogelijkheid opengehouden dat door Iran gesteunde milities in Irak de schuldige zijn, de Hashd al-Shaabi.

Die laatste zijn in oorsprong shi’itische volksmilities die in 2014 zijn ontstaan om Bagdad te beschermen tegen het oprukkende IS. Zij zijn sindsdien een nieuwe machtsfactor geworden in Irak, en een instrument waarmee Iran invloed uitoefent in het buurland.

Tegen de Hashd al-Shaabi vinden al maanden aanvallen plaats – deze week al twee, telkens in het grensgebied van Irak en Syrië. Niemand heeft die opgeëist, maar iedereen weet dat Israël erachter zit. Dat heeft meermaals gewaarschuwd dat het niet zal toelaten dat Iran in Syrië een militaire structuur uitbouwt waarmee het Israël kan bedreigen.

Vorige maand eiste Israël bij uitzondering wél een luchtaanval in Syrië op. Het doelwit was een Iraanse basis van waaruit volgens Israël een droneaanval op de Joodse staat werd voorbereid. Bijna gelijktijdig was er een incident in Beiroet, waar een drone ontplofte nabij het hoofdkwartier van Hezbollah, Irans bondgenoot in Libanon. Deze aanval werd niet opgeëist door Israël, maar er werd wel gelekt dat de drone een installatie onklaar had gemaakt die nodig is voor de fabricage van precisieraketten.

In Libanon was er veel meer commotie rond het incident in Beiroet, omdat dit een overtreding was van de ongeschreven spelregels die sinds 2006 een gewapende vrede garanderen tussen Hezbollah en Israël. Luchtaanvallen in Syrië, waar Hezbollah meevecht aan de kant van het regime, zijn aanvaardbaar. Een aanval in Libanon, ook al vielen daar geen doden, was dat niet.

Dagenlang werd gevreesd voor een nieuwe oorlog. In plaats daarvan volgde een opmerkelijk stukje theater. Hezbollah sloeg terug door antitankraketten af te vuren op een Israëlische basis en een legervoertuig, en claimde dat daarbij doden en gewonden waren gevallen. Maar Israël zei achteraf dat de eigen beelden van gewonde soldaten in scène waren gezet, en dat in het voertuig alleen poppen hadden gezeten. Hezbollah-leider Nasrallah deed dat nog af als leugens, maar het doel was bereikt: beide partijen hadden met de spieren gerold, en een oorlog die niemand wilde was opnieuw afgewend.

Iets gelijksoortigs speelt zich nu af in de Golf. Hoewel Iran elke betrokkenheid bij de aanval tegen Saudi Aramco ontkent, is het signaal duidelijk: als wij onze olie niet mogen exporteren, dan Saoedi-Arabië ook niet. En kijk eens hoe kwetsbaar die olie-installaties zijn.

Het probleem is dat deze aanval veel te grote gevolgen heeft gehad. De spelregels zijn herschreven, de inzet is vergroot. Saoedi-Arabië en bondgenoten kunnen dit niet onbestraft laten zonder gezichtsverlies te lijden. Maar als de vergeldingsmaatregel te heftig is, kan hij in het slechtste geval een echte oorlog uitlokken waar niemand op zit te wachten. In het beste geval eindigt deze episode opnieuw met een welgemikte maar niet noodzakelijk geclaimde aanval tegen een Iraans doelwit – niet in Iran zelf maar ergens in Irak of Syrië.