Tipgeld om paranoia te zaaien in een drugskartel

Latijns-Amerika Met de narcoterreur die deze week toesloeg in Buitenveldert is Latijns-Amerika al decennia bekend. Kan het fors verhogen van tipgeld, zoals nu bepleit wordt, het geweld keren?

Afzettingslinten bij de plaats waar de advocaat Derk Wiersum woensdag werd doodgeschoten.
Afzettingslinten bij de plaats waar de advocaat Derk Wiersum woensdag werd doodgeschoten. Foto Olivier Middendorp

Op de beroemde ‘Ten Most Wanted’-lijst die de FBI bijhoudt, wordt voor negen voortvluchtige criminelen 100.000 dollar tipgeld uitgeloofd. De enige uitzondering is Rafael Caro Quintero. Voor deze Mexicaanse drugsbaron heeft de Amerikaanse recherche beduidend meer geld over. Voor „aanwijzingen die leiden tot de arrestatie of veroordeling” van Caro kan de beloning oplopen „tot 20 miljoen dollar”, meldt zijn opsporingsaffiche.

Dat is niet alleen omdat Caro (68 jaar) wordt gezocht voor het bestellen van de geruchtmakende moord op DEA-agent Enrique Camarena, in 1985. Op de FBI-lijst staan immers alleen maar schurken: van gewelddadige overvallers tot kindermoordenaars. De FBI is bovenal bereid tweehonderd maal meer te betalen voor Caro dan voor andere voortvluchtigen, omdat de narco zelf ook over grote financiële vuurkracht beschikt.

Ter illustratie: als een van de oervaders van het Guadalajara-kartel was hij de eerste drugsbaron die miljardair werd (in dollars). En op het hoogtepunt van zijn macht, in de jaren tachtig, zou hij de Mexicaanse regering hebben aangeboden om de hele staatsschuld af te lossen – als zij hem maar met rust liet.

Lees ook: Politiek worstelt na moord op Wiersum met aanpak drugscriminaliteit

In de nasleep van de moord op advocaat Derk Wiersum, dinsdag, is ook in Nederland opgeroepen het tipgeld fors te verhogen. Om te beginnen met dat voor Ridoaun Taghi, de voortvluchtige die gezien wordt als opdrachtgever van de moordaanslag. Op zijn hoofd staat nu een ton, terwijl hij zelf vele miljoenen zou hebben verdiend in de cocaïnehandel. Zou het tipgeld voor Taghi dan ook niet in de miljoenen moeten lopen, vroegen onder anderen Kamerleden en misdaadkenners zich deze week af.

De moordaanslag in Buitenveldert werd wel aangeduid als ‘narcoterreur’ – een fenomeen waarmee Latijns-Amerika al decennia ervaring heeft. Het uitloven van miljoenen aan tipgeld is hier ook al veel langer praktijk. Wat valt daar van te leren?

Tipgeld wordt als krachtig opsporingsmiddel gezien, omdat het onrust en paranoia zaait binnen een kartel of drugsbende. Zo werd de Colombiaanse kartelbaas Diego Montoya zeer achterdochtig nadat de FBI hem in 2004 op de Most Wanted-list plaatste (op plek 2 na Osama bin Laden) met 5 miljoen tipgeld op zijn hoofd.

Soms al decennia op de tiplijst

Na elke mislukte poging van politie en leger om hem op te pakken, liet Don Diego kartelsoldaten vermoorden die hij ervan verdacht hem verraden te hebben. In 2007 kon hij toch opgepakt worden na een tip van een naaste medewerker, die vreesde om – net als naaste vrienden – zelf ook omgelegd te worden door de baas. (Deze ‘Tito’ moest wel acht jaar wachten tot de VS de miljoenen overmaakten.)

Voor de arrestatie van drugsbaron Joaquín ‘El Chapo’ Guzmán, in 2017, hoefden de VS helemaal niets te betalen. Mexico kreeg hem te pakken, omdat hij zo ijdel was om twee Hollywoodsterren in zijn schuiloord uit te nodigen om te praten over een autobiografische film. Tijdens zijn New-Yorkse proces, begin dit jaar, bleek wel hoe enorm paranoïde Guzmán op de vlucht was – bovenal richting intimi. Door hun mobieltjes met spionagesoftware te geven, liet Guzmán iedereen afluisteren, van zijn vrouw en maîtresses tot adjudanten.

Bovenal bang voor cel in de VS

Wat kartelleiders Guzmán, Montoya en Caro gemeen hebben, is dat ze één ding bovenal vrezen: uitlevering aan de VS, met zijn minder corrupte justitie en strenge gevangeniswezen . Guzmán wist in Mexico twee keer te ‘ontsnappen’ uit een zwaarbeveiligde Mexicaanse cel door zijn bewakers om te kopen. En Caro kwam in 2013 plots vervroegd vrij uit de gevangenis dankzij een dubieuze (lees: gekochte) gerechtelijke Mexicaanse uitspraak.

Om informanten in het buitenland over te halen zich te melden met informatie over narco’s kennen de VS al sinds 1986 het ‘Narcotics Reward Program’. Dit leidde volgens het ministerie van Buitenlandse Zaken tot tientallen arrestaties, waarvoor (tot 2017) in totaal 99 miljoen dollar aan tipgeld is uitgekeerd. Momenteel zijn de VS onder dit programma op zoek naar zeker drie dozijn hoge kartelbazen of narcoguerrillero’s. Sommigen zijn echter al decennia voortvluchtig. Op de Mexicaanse of Colombiaanse tiplijsten is dat overigens niet anders,

Tipgeld – met daarbij de dreiging van echt strenge (lees: Amerikaanse) straffen – kan zo druk zetten op kartels en hun bazen. Maar het is geen wondermiddel. En kan ook kan leiden tot escalatie.

Voor een andere narco, de Colombiaanse kartelbaas Pablo Escobar, was dreigende uitlevering aan de VS vorige eeuw bijvoorbeeld reden een ware terreurcampagne te ontketenen. Hij draaide het tipgeld om en loofde duizend dollar uit voor iedere vermoorde agent in zijn stad Medellín.

En Montoya en Guzmán zitten nu weliswaar voor decennia in een Amerikaanse cel, de drugshandel in Colombia en Mexico gaat ook zonder hen onverminderd door.

In Mexico laait het geweld op nu een handvol kartels versplinterd is tot honderden kleinere bendes. Zij vechten niet meer om grote smokkelroutes of grensplaatsen, maar om straathoeken en drugsdetailhandel in grote steden. Met gemiddeld honderd moorden per dag kan hier de narcoterreur overal toeslaan.