Recensie

Recensie Muziek

Vitaal-bruisende Beethoven onder Cristian Macelaru

Recensie Weer een afzegging bij het Concertgebouworkest. Oud-chef Mariss Jansons moest woensdag om gezondheidsredenen verstek laten gaan. Hij werd vervangen door de Roemeen Cristian Macelaru.

Cristian Macelaru, de nieuwe chef van het WDR Sinfonieorchester, dirigeert met een gespierde slag.
Cristian Macelaru, de nieuwe chef van het WDR Sinfonieorchester, dirigeert met een gespierde slag. Foto Joern Neumann

De rolodex zal flink hebben gerateld op de burelen van het Concertgebouworkest. Vorige week moest voor het Opening Night Gala, traditioneel de aftrap voor het nieuwe concertseizoen, vervanging worden ingevlogen voor een geblesseerde Franz Welser-Möst en een zieke Janine Jansen. Ook woensdagavond werd overschaduwd door een afzegging: oud-chefdirigent Mariss Jansons moest om gezondheidsredenen verstek laten gaan. Hij werd vervangen door de Roemeen Cristian Macelaru.

Macelaru, met ingang van het huidige seizoen de nieuwe chef van het WDR Sinfonieorchester, is geen onbekende in Amsterdam. Vorig jaar nog maakte hij indruk in een concert met onder meer Weills Die sieben Todsünden. Toch stonden woensdag niet alle punten op de i in een ongewijzigd programma met RCO-kernrepertoire.

Neem Strauss’ Don Quixote, een symfonisch gedicht in variatievorm waarin een solocello de titelheld portretteert, een solo-altviool diens sullige knecht Sancho Panza. Toegegeven: in de tweede variatie, waarin de arme Don ten strijde trekt tegen een kudde schapen, liet Macelaru het koper heerlijk mekkeren. De zweefvlucht in variatie zeven was duizelingwekkend.

Lees ook Hoe Wende Snijders zong over wellust bij een concert met Cristian Macelaru

Problematischer was echter de coördinatie tussen het orkest en een uitstekend spelende Truls Mørk (cello) en Ken Hakii (alt). Te vaak ging Mørk kopje-onder in een potige totaalklank en liepen solisten en orkest net uit de pas in overgangen en tempowisselingen.

Passages waarin Strauss zijn hoofd- en tegenstemmen hoogpolyfoon ineen vlecht, bleven onder Macelaru’s gespierde slag vaak wat stram, om in decibelrijke secties te vertroebelen.

Na de pauze voltrok zich een klein wonder in een vitaal-bruisende uitvoering van Beethovens Derde symfonie ‘Eroica’. Ritmisch explosief. Contrastrijk. Van begin tot einde doortrokken van het soort durf en bruuskheid waar de heroïsche Beethoven enorm van opknapt. Mooi hoe Macelaru de fuga uit het tweede deel meeslepend uitlichtte met hoekige fraseringen, of hoe hij de finale oppookte tot een ruw hotse-botsende volksdans.